Een nieuw Europa van zwartwerkers, steuntrekkers en zwervers

Dat de Polen een stelletje klaplopers en rommelkonten zijn die er economisch een potje van maken, is een idee dat de Duitsers maar gauw moeten vergeten. De Poolse economie, schrijft het Duitse weekblad Wirtschaftswoche, groeide in het eerste kwartaal van dit jaar maar liefst 6 procent. Het land dat vandaag officieel toetreedt tot de Europese Unie levert daarmee de beste economische prestatie van alle lidstaten, oude en nieuwe.

De Poolse groei is van eigen maaksel, constateert het blad. Zo verkocht de industrie in maart van dit jaar 23,8 procent meer goederen dan een jaar geleden. De automobielindustrie groeide vorig jaar zelfs 74 procent. Dat was natuurlijk niet mogelijk geweest zonder buitenlandse investeringen, maar dat neemt niet weg dat de Poolse economie steeds meer produceert voor de consumenten en bedrijven in eigen land.

Gek genoeg, meent het blad, is Duitsland niet de grootste investeerder in Polen, hoewel het land toch al lang de grootste handelspartner is van het nieuwe EU-lid. Daar komt bij dat de naar schatting tweeduizend Duitse ondernemingen in Polen het bijzonder goed doen. De Polen hebben nog steeds een hoge pet op van producten van Duitse makelij, weet het blad. Dat de Duitse investeerders toch wat terughoudend zijn, is volgens het blad te wijten aan ,,de historische belasting van de wederzijdse verhoudingen''. Die angst is overbodig, meent het blad, verwijzend naar wat Lech Walesa, de eerste niet-communistische president na de Koude Oorlog, zei over Duitse invloed in Polen: ,,Buit ons maar uit.''

Dat zal best lukken, denkt het Amerikaanse weekblad BusinessWeek. Want volgens het blad draait het bij de uitbreiding van de Europese Unie helemaal om Polen. De Duitse kanselier Schröder zei het onlangs nog: ,,Uitbreiding zonder de Polen zou ondenkbaar zijn.'' Ook dit blad prijst Polen de economische hemel in, maar er is ook een ander Polen, en dat is het land met een slecht functionerend politiek systeem en een tergende bureaucratie. En het is ook het land waar men er maar niet

in slaagt een fatsoenlijke autosnelweg aan te leggen tussen Warschau en Gdansk.

Toch zijn de vooruitzichten gunstig, meent het blad. Het belangrijkste is dat de Polen zelf de toetreding zien als een soort thuiskomst. Het blad verwacht dat de export van voedsel vanaf heden zal verdrievoudigen tot een waarde van 12 miljard dollar. Daar komt bij dat het land tot 2006 mag rekenen op zo'n 15 miljard dollar subsidie uit Brussel. En bovendien, denkt het blad, zal de feitelijke toetreding een nieuwe impuls geven aan de buitenlandse investeringen.

Niet alleen de nieuwe leden hebben baat bij de toetreding, betoogt het Britse weekblad The Economist, maar ook de oude. De uitbreiding is in feite een nieuwe stimulans voor `het project Europa'. Je kunt je zelfs afvragen, schrijft het blad, of de nieuwe leden er wel verstandig aan doen om lid te willen worden van een rommelige club als de EU. Op zijn minst is het slim, aldus het commentaar, om zo lang mogelijk te wachten met de introductie van de euro. Ook doen de nieuwe leden er goed aan om zich niet te laten verleiden tot belastingharmonisatie. En in het algemeen moeten ze regelgeving uit Brussel schuwen en hun nationale belangen laten prevaleren boven ,,een vermeend groter Europees belang''.

Dat neemt niet weg dat het blad de uitbreiding verwelkomt met ongewoon veel tamtam en fanfare. Naast het commentaar wijdt het blad een speciaal artikel aan `de toekomst van Europa'. Als het om de toetreding van Polen gaat is het blad veel minder optimistisch gestemd dan Wirtschaftswoche en BusinessWeek. Volgens de Economist Intelligence Unit, een zusterorganisatie van het blad, duurt het ,,zelfs bij de meest rooskleurige voorspellingen nog minstens 59 jaar voordat Polen het gemiddelde bruto binnenlands product in de EU inhaalt''.

En verder is het natuurlijk jammer dat het publiek in de oude lidstaten de uitbreiding met leedwezen tegemoet ziet. Twee derde van de Duitse bevolking ziet in de uitbreiding meer risico's dan kansen, weet het Duitse weekblad Die Zeit. Want de uitbreiding, zo denkt de meerderheid van het Duitse publiek volgens het blad, mag dan wel een historisch moment zijn, maar wie zal dat betalen? We hebben geen boodschap aan een nieuw Europa van zwartwerkers, steuntrekkers en zwervers.

Het meest voorkomende vooroordeel is volgens het blad dat de uitbreiding banen kost en armoede brengt. Onzin, meent het blad, want de uitbreiding heeft de facto al plaatsgevonden. De nieuwkomers concurreren al met Duitsland en de andere lidstaten sinds 1993 toen de tolgrenzen werden opgeheven en er een vrijhandelszone ontstond. Bovendien heeft Duitsland de export naar de tien nieuwe leden sinds 1993 verviervoudigd. En zwartwerkers? Die zijn er al heel lang, en zeker in de bouwsector. De oorzaken daarvan liggen in eigen land, niet in het oosten. Zij profiteren, en wij leveren in, zo vindt het publiek ook. Dat valt reuze mee, betoogt het blad. Per saldo krijgen de nieuwelingen van Brussel tot aan 2006 hooguit 12 miljard euro.