Verhalenman

Min of meer door een toeval kwam ik met De Verhalenman in contact. Hij is 53 jaar en zijn echte naam is Karel Baracs. Als De Verhalenman trekt hij langs scholen om de leerlingen voordrachten te bieden met een educatief oogmerk. Eén van zijn voorstellingen gaat over de Tweede Wereldoorlog.

Ik ontmoette Karel Baracs op de tentoonstelling In bewaring gegeven in het Verzetsmuseum Amsterdam waarover ik gisteren schreef. Het verhaal van Ruth Michaelis, een joodse baby die uit de crèche bij de Hollandsche Schouwburg werd gered, is een essentieel onderdeel van deze tentoonstelling. Zonder Karel Baracs was dat verhaal nooit bekend geworden.

Hij achterhaalde in 1994 het adres van Ruth, die in 1948 door een joodse oom naar New York was gehaald. Zo kwam Ruth weer terug bij haar Nederlandse wortels. Haar oom in New York had het contact met Nederland altijd geblokkeerd, maar nu kon ze meer over haar afkomst te weten komen.

Er was een bijzondere reden waarom Baracs in haar lot was geïnteresseerd.

Ruth was destijds door twee Amsterdamse vrouwen gered: Hester van Lennep en Pauline van Waasdijk, die in totaal ruim tachtig joodse kinderen voor deportatie behoedden. Hester van Lennep was de moeder van Karel Baracs. Haar vriendin Pauline werd de stiefmoeder van Ruth, voordat ze als 5-jarig meisje in 1948 naar New York moest.

Het verhaal van Ruth, Pauline, Hester en de onderduiker Sándor Baracs (de man van Hester en vader van Karel) heeft Karel op ingenieuze wijze in een schoolvoorstelling verwerkt. Ik heb die voorstelling gisteren in het Verzetsmuseum bekeken, samen met twee klassen van ongeveer 12-jarigen van de Troelstraschool uit Geuzenveld en de Sint Paulusschool uit Osdorp. Overwegend kinderen van allochtone afkomst.

Het was een mooie ervaring. De voorstelling van Baracs is zwaar en lang (bijna anderhalf uur), maar zelden heb ik kinderen zó lang met onverminderde concentratie zien kijken.

Ze beloonden Baracs met een uitbundig applaus en vooral de meisjes kwamen na afloop op hem af om ontroerd persoonlijk afscheid te nemen. Wie wanhoopt aan de multiculturele toekomst van Nederland kan ik zo'n ervaring aanbevelen.

Vooraf was me al opgevallen dat deze kinderen beter op de hoogte waren van de Tweede Wereldoorlog dan ik had verwacht. Baracs peilde hun kennis met vragen als: ,,Geef me de jaartallen van de Tweede Wereldoorlog; wie wilde de machtigste man ter wereld zijn; hoe zag zijn favoriete mens eruit (`blond haar, blauwe ogen'); welke groepen wilde hij vermoorden; hoe heeft hij ze vermoord.''

Baracs heeft Ruth Michaelis vaak naar deze voorstellingen meegenomen. De kinderen konden haar dan vragen stellen. ,,Tevoren was ik zeer onzeker hoe islamitische kinderen op haar zouden reageren'', zegt hij, ,,maar het pakte heel goed uit. Ze kreeg veel warme, hartelijke reacties, moslimmeisjes vroegen haar na afloop: may we hug you?'' Ja, hij heeft ook wel eens `momenten van latent antisemitisme' tijdens zulke voorstellingen meegemaakt, maar dat waren uitzonderingen.

Ik had hem misschien niet helemaal op zijn woord geloofd als ik het niet met eigen ogen had gezien.