Van Toorn maakt kortsluiting met details

Niets lijkt zo saai als cijferopstelling van een staatsbedrijf. Toch toont het jaarverslag van de PTT over 1972 een spannend beeld. Op de linkerpagina staat de ruw uitgeknipte foto van een directeur-generaal van het ministerie van Financiën. De smeulende sigaret tussen zijn lippen wijst naar de rechterpagina, waar de woorden en cijfers de kijker tegemoet stralen. Het is alsof de topambtenaar persoonlijk en met zwier de balansposten presenteert.

Het PTT-jaarverslag is vormgegeven door Jan van Toorn, een van de toonaangevende grafisch ontwerpers in Nederland. In de Rotterdamse Kunsthal is aan Van Toorn (1932) een overzichtstentoonstelling gewijd, die ruwweg de tweede helft van de 20ste eeuw beslaat. Aardewerken schaaltjes met bloemen markeren de beginjaren, toen hij overdag afbeeldingen moest aanbrengen op keramiek en 's avonds het ontwerpersvak leerde op de toenmalige kunstnijverheidschool. Foto's vol bloemen in het recente boek Cultiver notre jardin belichamen het heden, waarin Van Toorn opnamen digitaal bewerkt.

Van Toorns kalenders, affiches, jaarverslagen, boeken, kunsttijdschriften en postzegels bevatten haast altijd een detail dat een kortsluitinkje geeft bij het kijken. Een reclameboekwerk toont boven een foto van een telefooncentrale een rij witte pionnen met daartussen een zwarte pion. Op een kalenderpagina staan drie jaartallen geschreven door Albrecht Dürer: 1496 in de cijfers die wij nu kennen, 1494 nog in het middeleeuwse schrift, 1495 in een soort overgangsschrift. Op een affiche voor een expositie van Jan Dibbets is een foto van een zee doormidden geknipt en zijn de twee helften `verkeerd' tegen elkaar aangeplakt.

De storinkjes prikkelen de toeschouwer echt te kijken. Naar de telecommunicatieverbindingen van Philips, naar het tijdsverloop op de kalender van drukkerij Mart Spruijt, naar de openingstijden op het affiche voor het Van Abbe Museum. Dit sturen van de blik roept het woord `manipulatie' op, vooral doordat Van Toorn een citaat van Enzensberger heeft laten uitvergroten: ,,Ieder gebruik van media vereist manipulatie.'' Vormgeving is manipulatie, lijkt Van Toorn te willen zeggen.

Tegelijkertijd schudt Van Toorn de kijker wakker en is daarmee een kind van de jaren zestig, toen veel kunstenaars het publiek `bewust' wilden maken van de manipulatie. In een begeleidend essay vergelijkt kunsthistorica Els Kuijpers de vormgeving van Van Toorn met onder meer de films van Godard. Van Toorn plakte bijvoorbeeld in Cultiver notre jardin verschillende foto's van hetzelfde stukje tuin tegen elkaar, een techniek die volgens Kuiper lijkt op Godards split-screen-montage die de kijker laat kiezen tussen gelijkwaardige beelden op het bioscoopdoek.

Met zijn gewaagde montagetechniek en verspingende letters staat Van Toorn ver af van zijn vakgenoot Wim Crouwel, die vermaard is geworden met zijn rationele vormgeving. Dat verschil is op de tentoonstelling goed te zien. In `antwoord' op een kalender van Van Toorn, maakte Crouwel in 1974 een gelijkende maar strakkere kalender, met maar één lettertype tegen zes lettertypen bij Van Toorn. ,,Jouw typografie ontleent zijn kracht aan bewuste inkonsekwentheid'', schrijft Crouwel in een toelichting, ,,en drukt vaak een angst voor esthetiek uit''. Dat wil zeggen, voor esthetiek die de kijker verblindt. Want wie alleen maar mooie plaatjes ziet, houdt op met kijken.

Werkt de vormgeving van Van Toorn? Ja, zolang de teugels strak blijven. De anarchistische opmaak van het kunsttijdschrift Het Museumjournaal in de jaren zeventig doet de kijker nu vooral duizelen. Het jaarverslag van de gemeente Amsterdam uit 1965 daarentegen is een voltreffer met de tekorten die in een groot lettercorps zijn gedrukt en de foto van een centenbak, die én de financiële problemen én de Amsterdamse orgeldraaier oproept.

De opdrachten van overheden als de gemeente Amsterdam en van (semi)-overheidsbedrijven als de PTT zijn van cruciaal belang geweest voor de ontwikkeling van de Nederlandse vormgeving. Na de privatiseringen in de jaren tachtig verloor de vormgever veel vrijheid en werd hij meer op de handen gekeken door ,,design managers, communicatieadviseurs, technici en marketingstrategen''. De expositie laat van deze overgang helaas weinig zien. Wie echter zelf recente jaarverslagen inkijkt ziet vaak een cijferbrij, gelikte foto's en nietszeggende graphics. Prehistorie in vergelijking met Van Toorns PTT-jaarverslag uit 1972, waarin alleen de sigaret in de mond van de ambtenaar ouderwets oogt.

Tentoonstelling: Re: Jan van Toorn. Kunsthal, Museumpark, Westzeedijk 341, Rotterdam. T/m 20 juni. Tel. 010-4400301