Heksen zijn mijn grote liefde

Zangeres Christianne Stotijn trad op als offermaagd en binnenkort zingt ze een slangenvrouw. ,,Ik houd van extreme rollen.''

Voor alt-mezzo Christianne Stotijn (26) is zingen een `schitterende noodzaak', zoals ze het zelf noemt. ,,Vanaf mijn zevende speel ik viool, maar toen al wist ik dat ik eigenlijk zangeres wilde worden. Uiteindelijk heb ik viool én zang gestudeerd, maar ik ben nu gestopt met de viool. Die beslissing kostte me geen moeite. Op de viool heb ik me nooit zo vrij gevoeld als wanneer ik zing. Maar ik heb bij het zingen wel profijt van mijn vioolstudie. Wanneer ik muziek van Bach zing, stel ik me frase voor frase voor hoe ik die op de viool zou hebben gespeeld. Dan zing ik eigenlijk alsof ik speel, op een instrumentale manier.''

In Stotijns onmiddellijk opvallende, expressieve mezzosopraan ligt een lenige hoogte in het verlengde van een dramatische, echt `altige' diepte. Tijdens het liedrecital dat zij onlangs met pianist Joseph Breinl gaf in de serie `Jonge Nederlanders' van het Amsterdamse Concertgebouw, zette zij haar stem in voor onder meer de Zigeunerlieder van Brahms en liederen van Schönberg. Eerder dit seizoen maakte zij op onvergetelijke wijze haar operadebuut als Carilda in Händels opera Arianna in Creta bij de Nationale Reisopera.

,,Ik wil in de nabije toekomst graag meer opera zingen, omdat ik daar het minste ervaring in heb'', vertelt ze. Maar uiteindelijk wil ze het allemaal. Lied, concertrepertoire en opera, in Nederland en het buitenland. ,,Ik werk het liefst in losse projecten, maar dat eist oplettendheid en planning. Want ik wil me weliswaar breed ontwikkelen, maar ik heb ook gemerkt dat ik het moeilijk vind verschillende genres in één periode af te wisselen. Bachs Matthäus Passion eist een ander soort concentratie en stemgebruik dan opera, en een operaproductie zou ik niet snel doorkruisen met een liedrecital. Dan voel ik me versnipperd, en heb ik niet het gevoel dat ik me volledig kan concentreren op de muziek die ik sta te zingen.''

Haar vader speelt contrabas, haar moeder studeerde zang, piano en verpleegkunde. De legendarische Nederlandse hoboïsten Jaap en Haakon Stotijn zijn ook familie, maar indirect. ,,Volgens mij zijn het achterachterooms'', lacht Christianne Stotijn. ,,Naar de invloed van de fameuze muzikale `Stotijn-familie' wordt vaak gevraagd. En inderdaad, ik ben altijd gestimuleerd in mijn muzikale ambities. Maar er is meer dan muziek. Mijn ene broer is contrabassist, de andere intensive care-verpleegkundige. Ook van hem steek ik als zangeres veel op. Hij werkt in een realiteit die ver verwijderd ligt van mijn nogal beschermde leven in de muziek, maar ik vind het belangrijk ook die `normale werkelijkheid' niet uit het oog te verliezen. Ik las laatst over een verpleegkundige bij de ramp in Madrid, die lijken ruimde in wier zakken nog mobiele telefoons rinkelden. Zo'n gruwelijk beeld relativeert voor mij het belang van mijn zangeressenbeslommeringen, maar aan de andere kant geeft het me nog meer reden om te zingen.''

Dinsdagavond, op 4 mei, zingt Christianne Stotijn in Muziekcentrum Vredenburg met Sinfonietta Amsterdam de weinig uitgevoerde, een uur durende orkestliederencyclus Die Weise von Liebe und Tod des Cornets Christoph Rilke van de Zwitsers/Nederlandse componist Frank Martin (1890-1974). Een bijzondere gelegenheid, te meer daar haar leraren Udo Reineman en Jard van Nes ooit dezelfde cyclus op dezelfde plaats zongen.

Stervensbegeleiding

Martins liederen vertellen het verhaal van een achttienjarige vaandrig die uiteindelijk in het harnas sterft. ,,Het zijn indrukwekkende, beeldende liederen'', vertelt Stotijn. ,,Als de vaandrig in de tekst aankomt bij een kasteel, hoor je in de muziek de feesten en orgieën van de soldaten. Maar het geheel is zeker geen stoer militair heldendicht. Het zijn liederen over heimwee, herinneringen, sensualiteit, oorlog, angst. En over de dood. Om die gevoelens te kunnen begrijpen en zingend over te brengen, heb ik de realiteit nodig.''

Veel inlevingsvermogen vergde ook Stotijns operadebuut als offermaagd Carilda in Händels Arianna in Creta. ,,Regisseur Stephen Langridge vroeg me in mijn voorbereiding erg ver te gaan. Dat heb ik ook gedaan – tot en met het lezen van boeken over stervensbegeleiding aan toe. Om te voorkomen dat ik me totaal in een project verlies, zijn er gelukkig familieleden en vrienden die af en toe opbellen: `Ho ho, stervensbegeleiding? Wij zijn er ook nog!'''

Uiteindelijk moet een zanger zijn ideeën over een rol of een lied ook kunnen loslaten om ruimte te laten voor de eigen interpretatie van het publiek, erkent Stotijn. ,,Maar dat is een kunst apart. Ik heb onlangs één liedrecital in korte tijd twee keer gezongen. De eerste keer was rampzalig. Ik was nog heel direct bij de liederen betrokken, waardoor alles gehaast verliep en, voor mijn eigen gevoel, ontaardde in een soort hysterisch gegil. De tweede keer had ik meer afstand van mijzelf en de muziek, en klonk alles veel bezonkener. De muziek stroomde zomaar vanzelf, zonder het gevoel dat ik actief iets hoefde te doen.''

Aan het conservatorium van Amsterdam studeerde Stotijn bij Udo Reineman, door wie ze ook nu nog wordt gecoacht. Al tijdens haar studie had ze zoveel werk dat ze het examen `ertussen moest proppen', vertelt ze lachend. ,,De ontmoeting met Udo Reineman in Amsterdam was voor mij een sleutelmoment. Hij heeft me geleerd elk nieuw in te studeren stuk te zien als een soort puzzel. Als ik een compositie voor het eerst zing en de tekst voor het eerst heb gelezen of vertaald, heb ik daarbij meteen een duidelijk gevoel. Pas daarna komt de techniek erbij. De kunst is dat instinctieve gevoel over de juiste muzikale lading of betekenis op je eigen manier te integreren met kennis en kunde.''

Bergwandeling

Eerder dit seizoen zong Stotijn op overtuigende wijze een van de heksenrollen in Purcells Dido and Aeneas bij het Combattimento Consort Amsterdam. Haar heks klonk en oogde griezelig, maar was nergens overdreven. Op haar eindexamen zong zij óók een heksenrol, toen in de sprookjesopera Hänsel und Gretel van Engelbert Humperdinck. ,,Ik houd van extreme rollen'', verklaart ze. ,,Mijn voorkeur gaat uit naar onvoorspelbare vrouwen met een donkere en mysterieuze kant, die sterk lijken, maar angst verbergen. Volgend jaar zing ik een slangenvrouw in de opera Thyeste van Jan van Vlijmen bij de Reisopera. Ik zou het ook fantastisch vinden om ooit Klytaemnestra in Richard Strauss' opera Elektra te zingen. Ik werk nu aan een recitalprogramma over sprookjes. Dan kun je kiezen voor elfenliederen van Hugo Wolf. Bij het liederenrepertoire zijn het ook vooral de ongrijpbare, psychologisch geladen liederen als Schuberts Erlkönig of Der Zwerg die me fascineren.''

Toch zijn heksen Stotijns grote liefde, van kinds af aan. ,,In mijn kamer hangt zelfs een heksenpop die akelig begint te lachen als je in je handen klapt'', vertelt ze lachend. ,,En op mijn balkon staat natuurlijk een bezem. De oppaskinderen van mijn hospita denken echt dat ik daarmee bij volle maan uitvlieg. Mijn voorkeur voor heksen en elfen prikkelt hun fantasie. Dat vind ik leuk.''

De achtergrond van Stotijns heksenhobby is minder plat dan koekhuisjes, al vertelt ze ervan te dromen ooit een eigen huisje in het bos te kunnen kopen. ,,Ik ben graag in de natuur. Een bergwandeling doet me echt iets. Het klinkt zweverig, maar ik voel dan dat dingen een diepere betekenis hebben, en dat kan me bij het zingen soms heel concreet helpen. Als ik een lied zing, denk ik bijvoorbeeld aan een plek die voor mij symbolisch was voor een bepaald gevoel. En dat werkt erg goed.''

Voorlopig gaan de meeste operarollen waarin psychologische lagen meer worden gesuggereerd dan uitgezongen, aan Stotijn voorbij. ,,Mijn stem is daarvoor nog niet klaar'', zegt ze. ,,Ik richt me nu vooral op opera's van Händel en Rossini. Uiteindelijk hoop ik dat vooral de lage, dramatische kant van mijn stem zich verder zal ontwikkelen. Er zijn veel mezzo's die de rollen in hogere ligging makkelijker aankunnen dan ik. Maar ik heb echte `laagte' in mijn stem, en die wil ik koesteren en ontwikkelen.''

`Die Weise von Liebe und Tod des Cornets Christoph Rilke' van Frank Martin door Sinfonietta Amsterdam o.l.v. Etienne Siebens m.m.v. Christianne Stotijn op 4/5 Muziekcentrum Vredenburg, Utrecht. Res.: (030) 2314544.