Even op visite met tape, touw en mes

Waarom bestellen twee tienerjongens een machinegeweer en maaien ze hun schoolvrienden neer? De film Elephant is juist zo schokkend, omdat hij geen verklaring voor het geweld biedt, noch een morele veroordeling. Anders dan Elephant, geeft William Sutcliffes Bad Influence, zie de titel, wèl een antwoord op de vraag waarom jonge jongens overgaan tot moord: verkeerde vrienden. Maar het simpele antwoord wordt subtiel uitgewerkt. De tienjarigen Ben en Olly raken beiden bevriend met de slechte, gewelddadige dertienjarige Carl. De dag dat zij hun `ultieme missie gaan uitvoeren terwijl iedereen denkt dat het een gewone schooldag is', haakt Ben echter af. Waarom ontsnapt de ene jongen aan de slechte invloed van iemand als Carl en de andere niet?

Sutcliffe liet zich bij het schrijven van Bad Influence inspireren door de `Jamie Bulger killing', de moord door twee tienjarige jongens op de peuter Jamie Bulger in 1993. John Major reageerde destijds met een oproep tot hardere maatregelen: er moest minder begrepen en meer veroordeeld worden. Maar schuld en verantwoordelijkheid zijn niet zo simpel, zeker niet als het om kinderen gaat, aldus Sutcliffe in een interview naar aanleiding van Bad Influence.

Bad Influence wordt verteld vanuit het perspectief van Ben, en desgevraagd (`Ik weet wat u wilt. U wilt weten wie verantwoordelijk was') wijst hij de schuldige vinger naar `Olly's tante'. Als zij Olly niet op een zondag had opgehaald, had Ben niet zonder zijn beste vriendje gezeten en daardoor contact met Carl gezocht.

De kracht van Bad Influence schuilt, net als bij Are you Experienced?, Sutcliffe's succesvolle parodie over twee jonge backpackers in India, in het vermogen van de auteur zich overtuigend in een tienerjongen te verplaatsen, of in dit geval: in een jongen die wordt meegetrokken door Carl om een puber te worden, maar daar eigenlijk nog te jong voor is. Vrouwen en meisjes zijn voor hem bizarre wezens met wie hij graag in contact wil komen, maar wier wereld van winkelen en roze lippenstift onbereikbaar lijkt.

Op vaak geestige wijze, onder andere door dagboektekeningetjes bij te voegen, vertelt Ben hoe hij en zijn beste vriend Olly langzaam in de ban raken van de gewelddadige Carl. Het begint onschuldig: van stiekem roken tot snoep jatten in een winkel, maar langzaam begint Carl Ben fysiek pijn te doen. Ben wil Olly niet verliezen, verbergt zijn pijn en doet mee aan de spelletjes die steeds gruwelijker worden. Het eindigt met een voorstel van Carl, zoon van gescheiden ouders, om gedrieën de vriendin van zijn vader op te zoeken, om haar `baby eruit te snijden'. Ben neemt plakband mee, om over haar mond te plakken (`zoals in film'), Olly zal haar met een touw vastbinden en Carl zorgt voor het mes. Als Ben met het plakband wordt betrapt door zijn oudere broer Donny en deze hem achtervolgt, weet zijn broer hem te overtuigen met hem mee terug te gaan. Kortom: verkeerde vrienden brengen je op het slechte pad en je bent afhankelijk van toevallige goede invloed om je ervan af te houden.

Bad Influence leest als een spannend jongensboek, en beweegt zich knap tussen jeugd- en volwassenliteratuur. In de Nederlandse vertaling komen de humor en de directheid iets minder tot hun recht. Het Engelse `you' is vertaald met het formele `u', wat afstandelijkheid schept – de lezer wordt aangesproken als een volwassene. In het laatste hoofdstuk, als blijkt tot wie Ben zich richt, is de vertaalkeuze gerechtvaardigd. Het Engels profiteert van een dubbelzinnigheid die in het Nederlands niet bestaat. `U bent mijn straf. Carl en Olly kregen het opvoedingsgesticht. Ik kreeg een maatschappelijk werker. Ik kreeg u en uw stomvervelende bezoekjes.' Ben ziet dat zijn twee vriendjes beroemd zijn geworden en alle kranten hebben gehaald. Hij daarentegen wordt gemeden op school en zelfs zijn eigen moeder kijkt anders tegen hem aan.

Toch overtuigt het kinderperspectief niet altijd: misschien is Ben nét iets te jong en te luchtig met zijn frivole tekeningetjes en dat wringt ongemakkelijk met de schooierachtige toon tegen de maatschappelijk werker. Je kunt je bovendien afvragen of de schelmentoon nog overtuigt nádat het geweldsdelict heeft plaats gehad. Het wringt ook met Sutcliffe's schema van `goede jongens' (Ben, Olly) onder `slechte invloed' (Carl).

Het gewelddadige gedrag van Ben en Olly is direct te relateren aan de slechte invloed van Carl, maar onder welke slechte invloed verkeert Carl zelf? Een afwezige vader en een dronken moeder – dàt lijkt een wat clichématige en nauwelijks uitgewerkte suggestie voor geweld. Zo bezien we Carls moeder door Bens ogen: `Alleen als het er verkeerd uitziet, vallen de kleren van mensen op, en er is beslist iets mis met Carls moeder. Vanaf haar hals omhoog ziet ze eruit alsof ze uitgaat, en vanaf haar hals omlaag alsof ze thuis blijft. [...] Er is iets vreemds aan de trage manier waarop ze naar ons kijkt, met iets glanzends stils in haar ogen, als iemand die doet alsof hij dood is'. Het is mooi en grappig geschreven, maar het blijven ook de observaties van een tienerjongen van de buitenkant. Soms werkt het ontroerend, soms gaat ten koste van de subtiliteit; dan wordt het iets te veel Adrian Mole's Diary en te weinig Catcher in the Rye.

William Sutcliffe: Bad Influence. Hamish Hamilton, 166 blz. €18,15.

William Sutcliffe: Verkeerde Vrienden. Vertaald door Sophie Brinkman. Prometheus, 192 blz. €15,–