Een politieke oplossing voor Falluja

Amerikaanse mariniers zijn vanochtend begonnen zich terug te trekken van de rand van de sunnitische stad Falluja, die zij sinds begin deze maand belegerden.

Jonge inwoners van het sunnitische rebellenbolwerk Falluja verminkten vorige maand voor een Amerikaanse televisiecamera de lijken van vier Amerikaanse beveiligers die kort daarvoor in een hinderlaag waren gedood. Dat was voor de Amerikaanse autoriteiten de druppel die de emmer wat betreft Falluja deed overlopen. ,,We zullen de controle herstellen en die stad pacificeren'', zei de Amerikaanse brigade-generaal Mark Kimmitt, adjunct-chef operaties van de buitenlandse troepen in Irak.

Een zesdaags offensief van Amerikaanse mariniers leidde volgens lokale bronnen tot 600 Iraakse doden, van wie een onbekend aantal burgers, en tot woede bij vele Irakezen, tot ver buiten Falluja, over wat als collectieve straf voor de burgerij werd gezien. Verder was de oogst gering, aldus Amerikaanse mariniers ter plaatse tegenover journalisten. De rebellen, een steeds groeiende, losse verzameling van nu enkele duizenden sunnitische extremisten, ontevreden ex-soldaten, misdadigers en – volgens hulpverleners en journalisten slechts enkele – buitenlanders, vielen aan en verdwenen vervolgens tussen de burgers. ,,Ze vuren hun AK-47's vanuit hun huizen, lopen de achterdeur uit en komen dan als de strijd voorbij is Amerikaanse soldaten de hand schudden'', aldus gisteren een marinier tegenover het persbureau Reuters.

Ondanks harde woorden vanuit Washington – president Bush verklaarde eerder deze week nog dat de mariniers ,,alle noodzakelijke maatregelen'' zouden nemen om de stad onder controle te krijgen – hebben de Amerikanen nu besloten de pacificatie van de stad aan de Irakezen zelf over te laten. Volgens een voorlopig akkoord tussen de plaatselijke Amerikaanse commandant en een groep officieren van Saddam Husseins leger wordt een speciale eenheid van 1.100 man gevormd, het Falluja Beschermingsleger (FPA), dat de controle over de stad krijgt. De Amerikaanse mariniers houden op afstand het bevel over de eenheid. Een Amerikaanse officier die bij de onderhandelingen is betrokken, achtte het ,,erg waarschijnlijk'' dat in het FPA ook rebellen worden opgenomen, alleen niet de harde kern. Het is de bedoeling dat als alles goed gaat, en dat is gezien de ongestructureerde samenstelling van de rebellenmacht zéker niet gezegd, de Amerikaanse mariniers samen met het FPA gaan patrouilleren. Dat wil zeggen samen met de mensen tegen wie ze zojuist hebben gevochten. Het was vanochtend niet duidelijk of de rebellen hun zware wapens moeten inleveren, een eis die de Amerikanen eerder hadden gesteld in ruil voor een staakt-het-vuren.

De Amerikanen stonden in Falluja voor de keus tussen een harde machtsuitoefening, met een zeer negatieve uitstraling over de rest van Irak, en een oplossing met enig verlies van militair gezag die echter de schade onder de Iraakse bevolking nog enigszins kan beperken. Zij hebben voor het laatste gekozen. Na de harde uitspraak van Bush onderstreepte onderminister van Buitenlandse Zaken Richard Armitage gisteren het belang van een politieke oplossing. ,,Het is erg belangrijk dat men in de regio en in Irak ziet dat er geen collectieve straf wordt gegeven voor iets dat een paar moordenaars in Falluja hebben gedaan'', zei hij. Hij echode VN-secretaris-generaal Kofi Annan, die had gewaarschuwd: ,,Hoe meer men de bezetting stappen ziet nemen die de burgers en de bevolking schaden, des te meer groeien de gelederen van het verzet''.

Het probleem is alleen: dit proces is al lang aan de gang. Volgens een eerder deze week gepubliceerde opiniepeiling ziet nu 71 procent van de Irakezen de Amerikaanse troepen en hun bondgenoten als bezetters, terwijl 43 procent meldde hen aanvankelijk als bevrijders te hebben verwelkomd. Nu zag nog maar 19 procent hen als bevrijders. Volgens deze Galluppeiling, die ongeveer vier weken geleden werd uitgevoerd onder 3.444 Irakezen verspreid over het hele land, is tegelijkertijd het percentage Irakezen dat geweld tegen de Amerikanen als min of meer (van `soms' via `enigszins' tot `volledig') gerechtvaardigd achtte, gestegen tot 52 procent. Een peiling van een ander bureau leverde in februari nog 17 procent instemmers met geweld tegen de Amerikanen op.

De Amerikanen geven de Irakezen op 30 juni de soevereiniteit terug, maar maken dezer dagen duidelijk dat hun troepen de vrije hand zullen houden. De vraag is: hoeveel sympathisanten houden ze over onder de Irakezen als die na 30 juni met een nieuw Falluja worden geconfronteerd?