`Duur pinnen' levert banken forse boete op

De Nederlandse mededingingsautoriteit NMa heeft acht Nederlandse banken en Interpay een boete van in totaal 47 miljoen euro opgelegd wegens ,,excessieve tarieven'' voor pinbetalingen. Interpay kreeg de maximale boete (10 procent van de omzet) van 30 miljoen euro gekregen.

De banken hebben gisteren, na de bekendmaking van de boete door de NMa, direct aangekondigd bezwaar aan te tekenen tegen de beslissing van de kartelautoriteit. Volgens de Nederlandse Vereniging van Banken heeft de samenwerking binnen Interpay ertoe geleid dat de pinpas in Nederland is uitgegroeid tot veilig en efficiënt betaalsysteem dat tot de goedkoopste binnen Europa behoort. De banken wijzen er verder op dat van een geheim kartel geen sprake is. De samenwerking is ,,zelfs gestimuleerd door de overheid''.

De drie grootste banken (ABN Amro, Rabobank en ING) moeten 3,9 miljoen euro betalen. Fortis en SNS hebben een boete van 1,9 miljoen euro gekregen, Van Lanschot, Friesland Bank en Bank Nederlandse Gemeenten 500.000 euro. De banken krijgen de boete omdat zij alleen via Interpay de betaaldiensten verrichten, waardoor geen sprake was van gewone concurrentie. Inmiddels sluiten winkeliers geen contracten meer met Interpay maar met de individuele banken. Volgens de NMa zal dit leiden tot lagere tarieven, maar de kartelautoriteit voegt er aan toe de ontwikkelingen op de voet te blijven volgen. ,,De financiële sector heeft ook in 2004 voor de NMa prioriteit'', zo meldt de verklaring van gisteren.

De indruk van MKB Nederland is juist dat de kosten met de nieuwe aanpak – zonder de exclusiviteit van Interpay – zullen stijgen. Met name kleinere bedrijven zouden het slachtoffer worden van die hogere tarieven: naar verwachting zullen grootwinkelbedrijven korting krijgen en om het rendement op het huidige niveau te houden zouden de kleinere zaken dan meer moeten betalen. MKB Nederland gaat onderzoeken of de te hoge kosten uit het verleden verhaald kunnen worden op de banken.

De boete voor Interpay heeft betrekking op overtredingen tussen begin 1998 en eind 2001. Ook wanneer de NMa de kosten voor investeringen meetelt, constateert de organisatie dat de behaalde rendementen vijf tot zeven maal te hoog waren. ,,De NMa concludeert daarom dat er sprake is van misbruik'' aldus het persbericht.

De NMa concludeert verder dat ondanks recente tariefsverlagingen door het bedrijf de winkeliers nog steeds te veel betalen voor de afhandeling van betalingen. Door de hoge tarieven hebben detaillisten en uiteindelijk de consument schade geleden, aldus de NMa.

Ook de betalingsorganisatie Interpay tekent bezwaar aan. Volgens het bedrijf bevat het onderzoek van de NMa ,,ernstige fouten'' en is er sprake van een ,,exorbitante boete''.

Interpay wijst er op dat het ministerie van Economische Zaken de gemeenschappelijke infrastructuur nooit in strijd heeft genoemd met de mededingingswetgeving uit die tijd. In 1995 is voor de samenwerking nog om een ontheffing gevraagd, maar het departement achtte dat in die periode onnodig.