Compensatie voor kinderopvang blijft

Ouders met een inkomen tot anderhalf keer modaal (45.000 euro) krijgen na 2008 toch structureel een compensatie van het rijk als hun werkgever weigert bij te dragen aan de kosten van kinderopvang. Een meerderheid in de Tweede Kamer heeft zich daar gisteren bij een stemming voor uitgesproken, op initiatief van de Kamerleden Huizinga-Heringa (ChristenUnie) en Hamer (PvdA).

Het kabinet had de compensatieregeling na 2008 volledig willen beëindigen. De oppositiepartijen PvdA, ChristenUnie, LPF, GroenLinks en SP vreesden echter dat de kinderopvang daarmee voor de lagere inomens onbetaalbaar zou worden. Ook regeringspartij D66, die eigenlijk liever wilde dat de werkgeversbijdrage verplicht zou worden gesteld, stemde uiteindelijk in met het voorstel om de compensatieregeling voor deze groepen te behouden. D66-leider Dittrich zei in een stemverklaring: ,,Alleen op deze wijze kunnen jonge vrouwen aan het arbeidsproces blijven deelnemen en wordt voorkomen dat kinderen bij beunhazen worden ondergebracht.''

Tot 2007 blijft de compensatieregeling nog voor alle groepen bestaan, daarna wordt deze voor ouders met een inkomen van meer dan 45.000 euro afgebouwd. Minister De Geus (Sociale Zaken, CDA) had de Kamer eerder deze week met klem gevraagd niet voor het amendement van ChristenUnie en PvdA te stemmen. De extra compensatie kost enkele tientallen miljoenen euro's, waarvoor geen dekking is. De Geus vindt bovendien dat de werkgevers op deze manier niet worden geprikkeld om mee te betalen aan kinderopvang.

De minister voelde er ook niets voor om de werkgeversbijdrage verplicht te stellen, zoals een minderheid in de Kamer wilde. Wel heeft hij toegezegd in 2006 te evalueren hoeveel werkgevers er meebetalen. Als blijkt dat dit er te weinig zijn, zal hij overwegen de werkgeversbijdrage alsnog verplicht te stellen.

Zoals verwacht ging een meerderheid van CDA, VVD en LPF in de Kamer ook akkoord met het voorstel van het Kamerlid Örgü (VVD) om in de nieuwe Wet op de kinderopvang alleen globale kwaliteitseisen op te nemen. De kinderopvangbranche en de ouders moeten zelf gedetailleerdere afspraken maken over onder meer de groepsgrootte, het aantal leidsters, de accomodatie en de opleidingseisen van het personeel. De Vereniging van Nederlandse Gemeenten vreest dat het hierdoor moeilijker zal worden om goed toezicht uit te oefenen.