Arabische milities blijven Darfur leegplunderen

Soedan geeft iets meer medewerking aan hulpverleners die de door oorlog geteisterde regio Darfur in willen. Maar intussen probeert zij bewijsmateriaal van oorlogsmisdrijven te verbergen.

,,Je ziet langs de weg vele platgebrande en verlaten dorpen. Honderdduizenden ontheemden slapen onder de open hemel. Ze zijn slachtoffers van de angst en de cultuur van de straffeloosheid''. Dat zegt Ben Parker, een woordvoerder van de Verenigde Naties, die vorige week met toestemming van de regering de West-Soedanese regio Darfur bezocht. In Darfur, waar de Soedanese regering samen met Arabische milities oorlog voert tegen Afrikaanse rebellen, is sinds enkele weken een bestand van kracht maar dat wordt herhaaldelijk geschonden. Hulpverleners krijgen van de Soedanese overheid nog steeds beperkt toegang tot de ruim één miljoen ontheemden.

De Soedanese regering geeft iets meer medewerking aan hulpverleners, zo zei Parker eerder deze week in Nairobi. De VN en Amerika kritiseerden de Soedanese regering eerder deze maand wegens grove schending van mensenrechten in Darfur. Eerder deze week deed de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, Colin Powell, een beroep op Soedan om onbeperkt hulp toe te laten. En een hoge Amerikaanse hulpambtenaar klaagde in Washington over de Soedanese regering die geen visa verstrekt aan hulpverleners.

Parker bezocht in West-Darfur een kamp van 400 ontheemden. ,,Ze voelen zich gevangen door de Arabische milities die nog steeds actief zijn in het gebied. Wanneer hun vrouwen water of sprokkelhout gaan zoeken, worden ze lastig gevallen door de militieleden, die ze slaan en soms verkrachten. Ze zitten klem, zij trekken geen enkel profijt van het staakt-het-vuren.''

Het begin deze maand in buurland Tsjaad getekende bestand betreft de regeringstroepen en twee rebellengroepen in Darfur. De Janjaweed, de Arabische milities die zij aan zij met de regeringstroepen vechten en verantwoordelijk zijn voor de meeste slachtpartijen, vallen buiten het akkoord hoewel de partijen afspraken de milities te zullen intomen.

,,Ik hoorde in Darfur verscheidene berichten over nieuwe activiteiten van de Janjaweed'', zegt Parker. ,,Nog steeds vallen ze dorpelingen lastig en ik heb zelf een dorp gezien dat in lichterlaaie stond, één van de honderden die de Janjaweed-milities aanvielen. Kortom, zolang de milities niet onder controle zijn gebracht, kunnen we niet zeggen dat het bestand volledig is.''

Ook vanuit het grensgebied met Tsjaad komen berichten over voortdurende acties van de Janjaweed. Ze belemmeren vluchtelingen om naar waterplaatsen te trekken. Er arriveren iedere week nog enkele honderden vluchtelingen in Tsjaad, waar zich al ruim 100.000 gevluchte Soedanezen ophouden.

De Janjaweed is een strijdmacht van een geschatte 20.000 man. De militie troepen bestaat uit Arabische of gearabiseerde veehouders afkomstig uit het woestijnachtige noorden van Darfur. Al decennia hebben deze nomadische veehouders een conflict over weidegronden met de Afrikaanse volkeren die in het nattere zuiden van Darfur leven. Door de oprukkende woestijn in Noord Darfur verdiept dit ecologische conflict zich en leidde al enkele keren eerder tot schermutselingen. Door politiek opportunisme is het nu tot een burgeroorlog uitgegroeid.

Ruim één jaar geleden begonnen twee rebellengroepen van de Afrikaanse stammen de Fur, de Massalit en de Zaghawa een opstand tegen de regering. Om deze rebellie te bestrijden ging de regering de Arabische milities gebruiken. De overheid groepeerde ze in drie eenheden en in het begin kregen ze een salaris (nu halen ze hun inkomen uit plunderingen). Ze dragen regeringsuniformen. Talrijke ooggetuigen hebben verteld hoe Afrikaanse dorpen eerst werden aangevallen door regeringstroepen, waarna vervolgens de Janjaweed-milities mochten plunderen en verkrachten. In een vorig week uitgelekt rapport van de VN-commissie voor mensenrechten wordt gepraat over ,,oorlogsmisdaden'' in Darfur en ,,misdaden tegen de menselijkheid''.

Deze VN-commissie kreeg deze week alsnog toestemming van de regering om Darfur te bezoeken. Volgens onbevestigde berichten proberen de autoriteiten bewijsmateriaal te verbergen voor de commissie. Zij zouden de afgelopen dagen Janjaweed-leiders uit het gebied hebben weggehaald en ontheemden worden gewaarschuwd geen informatie te verstrekken aan buitenlanders. Zeven- tot tienduizend Tsjadiërs, die voor de Janjaweed in het buurland werden geronseld, zouden Soedanese identiteitskaarten hebben gekregen om hun afkomst te verbergen.