Eten voor het vaderland

Kaas, tonic, vla, mayonaise, satésaus – het assortiment oranje gekleurde producten is dit jaar met Koninginnedag opvallend groot. Vanwege het EK voetbal probeert de middenstand het oranjegevoel nog zeker twee maanden te exploiteren.

Vroeger, toen we nog wisten hoe het hoorde, kreeg de koningin op haar verjaardag door het volk traktaties aangeboden. Krentenbroden van imponerend formaat uit alle uithoeken van het land werden tijdens het defilé op paleis Soestdijk het bordes opgedragen. Altijd weer wist koningin Juliana, de handen ineenslaand en blikkend over haar vlinderbril, overtuigend de indruk te wekken dat ze nog nooit zo'n groot krentenbrood had mogen aanschouwen. Zenuwachtig, maar zielsgelukkig ging het aanbiedend comité dan, volgens vermeend protocol, achteruit de trappen van het paleis weer af. Dat de broden daarna achter de rododendrons verdwenen is vuige roddelpraat. Koningin Juliana zou dat nooit goed hebben gevonden.

Op Koninginnedag trakteert het volk zichzelf nu op oranje tompoezen, oranje vla, rood-wit-blauwe musketkransjes en rood-wit-blauwe pudding. Het betoon van aanhankelijkheid met het vorstenhuis is tegenwoordig niet van enig consumptief opportunisme ontbloot. Met graagte verschaffen de producenten daartoe royaal de middelen. Vooral het zuivelwezen en het gilde van de banketbakkers laten zich niet onbetuigd. De Hema is de ongekroonde kampioen met de oranje tompoes als universeel feestgebak.

Ook de gastvrijheidsindustrie verrast met kleurinnovatie. De mogelijkheden van oranje bier zijn nog onderwerp van studie, maar de oranje variant op tonic ligt al in de winkel. De verpakking is niet alleen uitgevoerd in een passende kleurstelling, hij bevat nog een even educatief als praktisch element. Op de binnenzijde van het etiket staat een couplet van het Wilhelmus.

De traditionele oranjebitter krijgt een hippe kleinzoon in de oranje shooter. Beide zijn in te zetten bij het bluswerk na het eten van oranje vlammetjes. Een van de hoogtepunten in de symbiose van vaderlandsliefde en gastronomie is de oranje mayonaise die onder de naam `mayoranje' de snackbar gaat veroveren. Het zal nog best moeilijk kiezen zijn tussen de mayoranje en de oranje satésaus bij het bestellen van een portie friet.

De komende weken zijn we er nog niet vanaf. Dit jaar gaan we een lange periode van rood, wit, blauw en oranje tegemoet. Het Europees kampioenschap voetbal werpt zijn oranje schaduw vooruit. De producenten van vlaggetjes, mutsen en etenswaar adviseren de middenstand vanaf Koninginnedag ononderbroken het oranjegevoel te exploiteren. De investering kan dan tenminste nog wat opleveren.

Bij voetbalkampioenschappen komt het erop aan de verwachtingsvolle voorpret uit te buiten. Het tournooi zelf kan ook commercieel gezien op een deceptie uitlopen. Als Nederland er in de eerste ronde uit ligt, blijf je als middenstander mooi zitten met de emmers mayoranje, de vaten met oranje bier, de dozen oranje vlammetjes en de hele voorraad oranje ijsjes. Eens te meer blijkt het belang van het Huis van Oranje als de stabiele factor in het koninkrijk. Op een koninklijke feestdag kun je vertrouwen. Die verdienste kan het voetbal niet worden toegedicht.

De oranjeliefde is ten prooi aan de commercie gevallen. Hoe anders ging het in de tijd van de grote krentenbroden. Toen knutselden we zelf nog een feestelijke muts in elkaar van gekleurd karton en crêpepapier. Nu krijgen we ze aangereikt door de voedselindustrie, ijsmutsen met de naam Unox erop, opblaasbare koksmutsen met het logo van Knorr, mallotige mutsen waar Amstelbier op prijkt. Alles gaat ter meerdere eer en glorie niet van oranje maar van het merk.

Het heeft iets ranzigs, de commerciële exploitatie van het oranjegevoel. Zijn de producenten niet de pooiers van oranje? Laten we daarom de peen prijzen, de mandarijntjes en de sinaasappels eren, de Crodino en de commissiekaas niet te vergeten. En alle andere producten die het hele jaar door belangeloos oranje zijn.