Nee, we noemen geen namen!

De beleggingsfondsen zitten in de beklaagdenbank. Maar wie wat heeft gedaan blijft onduidelijk. Spijtig vindt ook de toezichthouder AFM. ,,Soms mogen we niet eens zaken noemen die al lang op straat liggen.''

De nieuwe slogan van Robeco kwam een dagje minder goed uit de verf. `Ervaar de rust van fondsbeleggen.' Van rust was echter geen sprake op het moment dat de financiële toezichthouder AFM de beleggingsfondsen gisteren op de snijtafel legde. Tekortkomingen en duidelijke overtredingen werden geconstateerd, een dringend beroep op de sector volgde om zelf met oplossingen te komen.

,,Het management bij beleggingsfondsen heeft zich de laatste jaren te veel gericht op marketing en distributie en veel minder op de interne controle'', verklaarde AFM-bestuurder P. Koster gisteren tijdens een toelichting op het onderzoek naar beleggingsfondsen. De verkoopinspanningen leidden er wel toe dat maar liefst 1 miljoen gezinnen gemiddeld 4.000 euro in deze fondsen heeft gestoken.

Koster had gisteren voor hen goed en slecht nieuws. Er is weliswaar veel mis, maar van opzettelijke benadeling van klanten lijkt geen sprake. En dat kwam eerder wel in de Verenigde Staten aan het licht. Koster had eigenlijk nog meer slecht nieuws: welke van de tien onderzochte instellingen zich nu schuldig maken aan `duidelijke overtredingen' blijft ongenoemd.

,,We hadden inderdaad liever gezien dat de AFM man en paard had kunnen noemen, maar dat mogen ze helaas niet'', zegt een woordvoerder van Robeco, de grootste aanbieder van beleggingsfondsen in Nederland. Ook zelf weten de instellingen niet altijd of zij overtredingen hebben gegaan. ,,Wij weten pas iets zeker wanneer de AFM haar bevindingen met ons besproken heeft.''

Voor echte overtredingen geldt die onzekerheid natuurlijk niet, maar de regels rond de beleggingsfondsen, met name rond de bepaling van de waarde, zijn zo complex dat elk beleggingsfonds de regels op zijn eigen manier invult.

De geheimhouding in de Nederlandse wetgeving voorkomt dat de AFM na zo'n onderzoek man en paard kan noemen. Gevolg is dat er weliswaar grote woorden worden gebruikt (misstanden, overtredingen, gebrekkige interne controle) maar tegelijkertijd blijft de consument met de vraag zitten of ook zijn geld in het geding is. Minister Zalm (Financiën) stelde onlangs dat de AFM dezelfde mogelijkheden gaat krijgen als de machtige Amerikaanse toezichthouder SEC. Dan lijkt de verplichte geheimhouding nog meer te gaan knellen.

,,Die geheimhouding zit ons nu al in de weg'', zei AFM-voorzitter A. Docters van Leeuwen tijdens de publicatie van het jaarverslag. ,,Soms mogen we niet eens zaken noemen die al lang op straat liggen. Er komen nieuwe regels aan waardoor we in de toekomst wel namen kunnen noemen, maar ook dan zullen we geen bijzonderheden over bijvoorbeeld de schade mogen geven. Wij kunnen natuurlijk niet functioneren wanneer de financiële sector niet op onze vertrouwelijkheid kan rekenen.'' Volgens Koster is ook de openheid van de SEC niet onbeperkt. ,,De meeste zaken rond de Amerikaanse beleggingsfondsen zijn bekendgemaakt door Eliot Spitzer en die is van het openbaar ministerie.''

Namen werden niet genoemd, maar Koster spreekt één keer impliciet over Robeco. Juist wegens de complexe regels heeft deze aanbieder vorig jaar besloten om twee derde van zijn fondsen naar Luxemburg te verhuizen. Door die verhuizing worden de kosten transparanter: veel onduidelijkheid wordt veroorzaakt door de zogeheten spread (meer betalen dan de koers bij instappen, minder krijgen bij uitstappen) bij transacties in Nederland. ,,We betreuren het dat sommige Nederland verlaten. De AFM hoopt juist dat we de Nederlandse markt met de nodige aanpassingen echt concurrerend kunnen maken. Het is voor dit land een belangrijke industrie.''

De zegsman van Robeco weet aan wiens adres deze woorden zijn gericht. ,,Als het kalf verdronken is dempt men de put. Wij dringen al jaren aan op hervormingen want Robeco wil graag bij buitenlandse banken op de plank liggen. Maar wij kunnen die regels niet aan hen uitleggen en daarom hebben we vorig jaar aangekondigd dat twee derde van de fondsen een notering in het buitenland gaat aanvragen. Met bloedend hart overigens, maar dat proces ronden we nu af. We draaien dat niet meer terug.''