Goede Tosca met Weense routine

De Wiener Philharmoniker, die maandagavond in het Amsterdamse Concertgebouw in hun vrije tijd onder Bernard Haitink Mahlers Negende symfonie speelden, traden daar gisteravond aan in hun dagelijks werk als het orkest van de Wiener Staatsoper. De met enorm enthousiasme ontvangen concertante uitvoering van Puccini's Tosca – in 1903 door Mahler onwaardig bevonden voor de Wiener Staatsoper – was er een uit de Weense routine. De musici kennen het stuk uit het hoofd, de zangers in de belangrijke rollen hebben wereldberoemde namen: Carol Vaness (Tosca), Neil Shicoff (Cavaradossi) en Renato Bruson (Scarpia).

Die drie zangers kennen we ook van de Nederlandse Opera. Vaness zong vorig jaar in het Amsterdamse Muziektheater in Verdi's Macbeth, vorige maand zong ze tijdens de Matinee de hoofdrol in Barbers Vanessa. Shicoff, die hier in 1977 zong in Verdi's Don Carlo en Puccini's La bohème, hoorden we in Amsterdam voor het laatst in 1991 in Verdi's Luisa Miller. De oude Bruson (1936) trad tussen 1966 en 1968 op bij de Nederlandse Opera, die nu ook het koor leverde. Het kinderkoor in de eerste akte kwam uit Utrecht.

Hoewel dirigent Marcello Viotti in 1995 al eens op het podium van het Amsterdamse Concertgebouw stond, bleek hij helaas te onervaren met het probleem van de Amsterdamse akoestiek, die het orkest de zangers al snel doet overstemmen. De vocale dramatiek van Tosca was daardoor in de eerste akte goeddeels afwezig en in de cruciale tweede akte ook verre van optimaal. Jammer, want Vaness en Bruson leken daar te willen komen tot een soort remake van de legendarische uitvoeringen van Maria Callas en Tito Gobbi in 1965.

Bruson is nog altijd een voortreffelijke Scarpia, zeer flexibel en gedetailleerd zingend met een imposante présence en een onverbiddellijk autoritaire drift, Gobbi evenarend. Vaness lijkt fysiek ook erg op Callas, maar kwam in haar nogal monochroom en eenduidig vertolkte aria Vissi d'arte helaas niet in haar buurt. De rol is heel wat gecompliceerder dan de verder goed zingende en nogal pathetisch `acterende' Vaness wist uit te beelden. Opmerkelijk gekleed was Vaness in de eerste akte, spelend in de kerk: een zwart corseletje, een minirokje en daarover een zeer doorzichtige zwarte Salome-sluier.

Prachtig mengde Vaness' stem in de derde akte met die van Neil Shicoff, die vrijelijk rondliep en een gepassioneerd verliefde en heftig zoenende Cavaradossi was. Zeer krachtig en met extreem lange noten zong Shicoff. In Recondita armonia had zijn wat kelige timbre wat ronder gemogen, maar het paste perfect bij zijn indrukwekkend gekwelde E lucevan le stelle.

Al bij al was het een goede Tosca, maar toch minder dan die van de Nederlandse Opera in 1998 met Malfitano, Margison, Terfel en het Koninklijk Concertgebouworkest, zóveel geraffineerder gedirigeerd door Riccardo Chailly.

Concert: Wiener Staatsoper. Gehoord: 27/4 Concertgebouw Amsterdam.