Concurrentie remt groei bij Unilever

Levensmiddelenbedrijf Unilever haalt de doelstellingen van zijn reorganisatie niet. De topmerken (Knorr, Omo en Dove) groeiden in het afgelopen kwartaal met 1,3 procent, veel minder dan verwacht.

Met het plan `De weg naar groei' wilde Unilever vier jaar geleden een groei bereiken van 5 à 6 procent in 2004 en de jaren daarna. Vanochtend, bij de bekendmaking van de kwartaalcijfers, zei het bedrijf dat de groei over dit jaar licht hoger zou uitkomen dan 2,5 procent. ,,Dat wordt nog moeilijk'', reageerde een analist van de Britse fondsbeheerder Schroder.

Unilever ziet de concurrentie in de belangrijkste landen toenemen, zoals in Duitsland, Frankrijk, Nederland, Japan en de Verenigde Staten. In enkele landen verliest het concern marktaandeel in wasmiddelen (Omo), afslankmiddelen (Slim-Fast), parfums (Calvin Klein), margarine (Blue Band) en bakproducten (Becel). Ook sterke prijsconcurrentie met andere fabrikanten drukt de omzet. Veel consumenten kopen vaker een eigen huismerk van supermarktketens in plaats van een duurder A-merk, zoals van Unilever.

De omzet van diepvriesproducten en parfum vielen de raad van bestuur tegen. De koers van het aandeel Unilever daalde na bekendmaking van de resultaten met 7 procent tot 54,90 euro en was daarmee het zwakste aandeel op de Amsterdamse beurs. De bedrijfswinst, voor bijzondere posten en goodwill, daalde met 19 procent tot 1,06 miljard euro. Exclusief valutaeffecten was dat 1 procent. De omzet daalde 8 procent naar 9,36 miljard euro.

Om de resultaten te verbeteren, legt Unilever de komende jaren meer focus op een beperkt aantal merken bij parfum en diepvriesproducten. Ook introduceert het nieuwe varianten van dieetmiddel Slim-Fast. De prijsacties in supermarkten gaan voorlopig door. Verder verwacht het bedrijf veel van productinnovaties met relatief hoge marges, die minder last hebben van concurrentie.

In een toelichting vertelde bestuursvoorzitter A. Burgmans dat hij positief was over de ,,duidelijk'' betere economische vooruitzichten, maar zei hij ook dat zijn bedrijf ,,wordt geconfronteerd met zwaardere concurrentie in enkele van onze belangrijkste markten''.

In Europa en de Verenigde Staten waren de resultaten relatief slechter dan in andere regio's. In Zuid-Amerika steeg de omzet met 9 procent en nam de bedrijfswinst toe met 49 procent tot 206 miljoen euro. De nettoschuld van het concern, tegen wisselkoersen aan het eind van het eerste kwartaal, was gedaald van 16,3 tot 12,6 miljard euro.