Aanslag en vuurgevecht in Damascus

Bij een urenlang vuurgevecht in de ambassadewijk van de Syrische hoofdstad Damascus zijn gisteren vier mensen om het leven gekomen.

Het vuurgevecht brak los nadat vier zwaarbewapende mannen een autobom tot ontploffing brachten. Hierop opende de staatsveiligheidsdienst het vuur. Twee daders werden gedood, alsmede een agent en een voorbijganger. Vijftien mensen raakten gewond. Wat er met de twee andere zwaarbewapende mannen is gebeurd, is door de Syriërs niet meegedeeld. Het gebouw dat kennelijk doelwit van de autobom was stond leeg. Het diende eerder als VN-kantoor en brandde geheel uit.

Syrische functionarissen lieten gisteren doorschemeren dat de aanslag is uitgevoerd door een terroristische groepering die in verband kan worden gebracht met recente aanslagen in andere Arabische steden zoals een bomaanslag in de Saoedische hoofdstad Riad en een verijdelde aanval met chemische middelen in de Jordaanse hoofdstad Amman. Islamitische extremisten met banden met het terreurnetwerk Al-Qaeda worden voor die aanslagen verantwoordelijk gehouden.

De Syrische politie grendelde de wijk Meze, langs de snelweg tussen Damascus en Beiroet, na de ontploffingen en het vuurgevecht snel af. Vanochtend vroeg meldde de Syrische staatstelevisie dat veiligheidsdiensten in de wijk, nabij de Canadese en Iraanse ambassades, een voorraad explosieven, granaten en wapens hebben gevonden.

Opstandigheid in deze mate en vorm is ongekend in Syrië. De staat onderdrukt vrijwel iedere vorm van protest. De laatste gewelddadige acties vonden plaats in het begin van de jaren tachtig toen Damascus werd getroffen door een aantal aanslagen met autobommen, die werden toegeschreven aan extremistische sunnieten uit de stad Hama. In die stad kwam het in 1982 tot een opstand van fundamentalisten. Toenmalig president Hafez al-Assad sloeg deze opstand met harde hand zo bloedig neer dat de sunnieten zich binnen Syrië nauwelijks meer durfden te manifesteren. Bij de beschieting van Hama door het leger vielen indertijd 20- tot 30.000 doden. Het centrum van de duizenden jaren oude stad werd door het leger omsingeld en platgebombardeerd tot er geen gebouw meer overeind stond.

Een Syrische functionaris noemde gisteren de algehele turbulentie in de regio als oorzaak voor het geweld. ,,De veiligheid en politieke onrust en chaos waarvan de regio ooggetuige is creëert een atmosfeer voor zo'n criminele en verwerpelijke actie'', aldus de anonieme functionaris.