Oranje schenkt veldjes

De spelers van het Nederlands voetbalelftal staan een deel van hun wedstrijdpremies af voor de aanleg van drie trapveldjes, zogenoemde Cruyff Courts, in Amsterdam (Bos en Lommer), Rotterdam (Schuttersveld) en Eindhoven (Philipsdorp). Dit uit dank voor de gastvrijheid die deze grote steden altijd geven aan de wedstrijden van het Nederlands elftal. Schuttersveld in Rotterdam ligt op steenworp afstand van de historische plek waar de eerste thuisinterland tegen België, op 14 mei 1905, werd gespeeld.

Met de aanleg is een bedrag van ongeveer 250.000 euro gemoeid dat volledig wordt betaald door de internationals. Zij hebben de Johan Cruyff Foundation gevraagd in samenwerking met de gemeenten de aanleg en verzorging van de (kunst)grasveldjes te coördineren. De eerste Cruyff Court ligt overigens in Lelystad, aangeboden door Aron Winter bij zijn afscheid als profvoetballer.

De filosofie achter de velden is om jongeren weer aan het sporten te krijgen. De computer en televisie zorgen er steeds meer voor dat de jeugd niet meer de straat opgaat om te bewegen. De Cruyff Courts zijn ook bedoeld om sociale verantwoordelijkheid en integratie te bevorderen. ,,Alleen kun je niets, je moet het samen doen'', luidt een van de wijsheden van Johan Cruijff.

Willem van Hanegem sprak gisteren bij de presentatie de hoop uit dat de veldjes ,,weer eens een international opleveren''. Frank de Boer herinnerde aan vroegere tijden, want na school was hij altijd op zo'n veldje aan het voetballen. ,,Ik zou het nu zo weer willen doen.''

Op de Cruyff Courts keren jaarlijks twee evenementen terug: een straatvoetbaltoernooi en een voetbaltoernooi voor gehandicapten. Een of meer spelers van het Nederlands elftal zullen dan aanwezig zijn om de wedstrijden te leiden, clinics te geven of handtekeningen uit te delen.