Op jacht naar vieze plekjes in de ruimte

André Kuipers gaat met wattenstaafjes het gehele ruimtestation af, op zoek naar bacteriën die een besmettingsbron vormen voor ruimtevaarders.

Kosmonaut André Kuipers is in het internationale ruimtestation ISS op jacht naar ziekteverwekkende bacteriën. Gewapend met wattenstaafjes gaat hij de `vieze plekjes' langs: in het toilet en in de keuken, maar ook de toetsenborden van de computers en de knoppen op de bedieningspanelen. Met speciale wattenstaafjes strijkt hij langs het oppervlak, waarna hij ze opbergt in een afgesloten kokertje en deze voorziet van een sticker. Het is een van de wetenschappelijke experimenten die de Nederlandse ruimtevaarder tijdens zijn elfdaagse ruimtereis uitvoert.

Terug op aarde zullen microbiologen nauwkeurig onderzoeken hoeveel en welke bacteriën Kuipers in het ruimtestation heeft opgepikt. Het Groningse bedrijf Bioclear, dat is gespecialiseerd in de detectie van micro-organismen, werkt daartoe samen met de afdeling microbiologie van de Rijksuniversiteit Groningen. Bioclear ontwikkelde een snelle en zeer gevoelige detectiemethode, die werkt op basis van de herkenning van kleine stukjes bacterie-DNA.

,,Met onze test kunnen we pijlsnel ziekteverwekkende bacteriën zoals E. coli en Legionella aantonen'', zegt microbioloog Sietze Keuning, directeur van Bioclear. De onderzoekers verwachten dat het permanent bemande ruimtestation een broeinest van bacteriën is. En dat vormt mogelijk een gezondheidsrisico voor de bemanning. ,,Uit eerdere experimenten in de ruimte is gebleken dat bacteriën onder micro-zwaartekracht sneller kunnen groeien dan op aarde. Toetsenborden in een normaal kantoor zijn al vierhonderd keer viezer dan de gemiddelde toiletbril, zo blijkt uit een recent Amerikaans onderzoek waarbij men het aantal bacteriën op de oppervlaktes telde. Daar merken we meestal niets van, maar in de ruimte kan dat anders uitpakken. We weten bijvoorbeeld ook dat de lichamelijke weerstand van mensen na een langer verblijf in de ruimte afneemt.''

Maar er is toch nog nooit een astronaut met grote infecties op aarde teruggekeerd? ,,Nee dat is waar'', zegt Keuning. ,,Maar dat kan veranderen als we straks langer in de ruimte verblijven. De Amerikanen hebben al aangekondigd dat zij straks met een bemande raket naar Mars willen. Dan moeten de astronauten veel langer in de ruimte blijven. Hoewel het risico van bacteriële infecties waarschijnlijk niet zo heel groot is, willen we dat vooraf wel kunnen inschatten.''

Bioclear wil de techniek uiteindelijk ook op aarde gebruiken bij het detecteren van ziekteverwekkers in bijvoorbeeld ziekenhuizen of in vliegtuigen die over de hele wereld vliegen en zo besmettingen zouden kunnen overbrengen.

Maar voor die toepassing zouden de snelle tests toch even goed of zelfs beter op aarde kunnen worden gevalideerd? ,,Ja dat klopt, maar de ruimtevaart heeft dit onderzoek sneller opgepikt. De ruimtevaart is hier de aanjager van nieuwe technologie. Door het mogelijk verhoogde infectierisico dat binnen ruimtevaart zelf optreedt, vinden juist zij het ontwikkelen van een snelle detectiemethode van belang.''

Samen met een Belgische astronaut die eerder in het ruimtestation verbleef, zijn vooraf alle mogelijke bacteriehaarden doorgenomen. Wat voor vieze hoekjes kom je zoal tegen in het ruimtestation? Op basis daarvan is er voor Kuipers een schema opgesteld dat voorschrijft waar hij de monsters precies moet nemen. Behalve toetsenborden, knoppen en apparatuur voor persoonlijke hygiëne, veegt hij zijn wattenstaafjes langs plaatsen waar door condensatie vochtige oppervlakken ontstaan. Ook elektrische bedrading die warmte afgeeft zou een broedplaats voor bacteriën kunnen zijn. Daarnaast is er ruimte gelaten voor eigen inzicht van de kosmonaut: Kuipers kan monsters nemen van plaatsen waar hij bacteriën vermoedt.

De kosmonauten zelf ontsnappen ook niet aan een controle met de wattenstaafjes: voor tijdens en na de vlucht zullen zij monsters nemen van hun neus en huid.

Na Kuipers' terugkeer op aarde op 30 april zullen de monsters naar Groningen worden gebracht. Keuning: ,,Voor de analyse hebben we dan, dankzij de snelle DNA-methode, nog slechts een paar dagen nodig. Ik verwacht dat we half mei de resultaten hebben.''