Cyprus en EU

Met de afwijzing van het herenigingplan door de Griekse Cyprioten voldoet hun land niet meer aan de voorwaarden die voor lidmaatschap van de Europese Unie zijn gesteld. Die bevatten naast rechtsstaat, mensenrechten en markteconomie ook het oplossen van problemen met de buren.

Tot voor kort leken de Turken de meeste problemen te veroorzaken en was het redelijk om het lidmaatschap van Cyprus daar niet afhankelijk van te maken. Maar nu zijn de rollen omgedraaid. Het Turkse deel heeft de concessies gedaan die Kofi Annan vroeg. De Grieks-Cypriotische president Papadopoulos heeft niet in goede trouw onderhandeld.

Niet alleen dat. Hij heeft zelfs actief tegen het VN-plan oppositie gevoerd in strijd met de afspraak dat hij het neutraal aan de bevolking zou voorleggen. Geen wonder dat EU-commissaris Verheugen zich bedrogen voelt. Als klap op de vuurpijl kwam nog de belemmering die in de campagne aan de voorstanders werd opgelegd.

Wat nu? Het beste zou zijn toetreding van Cyprus uit te stellen, want anders wordt alles verziekt. Hoe kan met dit bewind in december een objectief besluit over toetredingsonderhandelingen met Turkije worden genomen? Hoe kunnen NAVO en EU nog constructief samenwerken als Cyprus een veto krijgt in het buitenlands beleid? En waar komt de buitengrens van de EU nu te liggen? Als Cyprus toch lid wordt per 1 mei, zal het zoveel mogelijk buiten alle politiek overleg gehouden moeten worden. Ten aanzien van het veiligheidsbeleid doet het toch al niet mee. Noodgedwongen komen wij dan tot de differentiatie die in de Europese Conventie is voorzien, d.w.z. nauwere samenwerking tussen lidstaten die wel over hun schaduw heen kunnen stappen.