`Badminton is meer dan alleen Mia Audina'

Met maar liefst vier waaronder twee gouden medailles keerde Nederland zondag terug van de EK badminton in Genève. Een toevalstreffer? Of een kwestie van beleid?

Voor bondscoach Martijn van Dooremalen kwam de medailleoogst van de Nederlandse badmintonploeg tijdens de Europese kampioenschappen in Genève allerminst als een verrassing. Van Dooremalen ziet de vier behaalde medailles, waarbij Nederlands beste speelster Mia Audina met twee Europese titels (in het enkel- en dubbelspel) een hoofdrol voor zich opeiste, eerder als een bevestiging van ,,waar we de laatste jaren mee bezig zijn''.

Van Dooremalen, sinds 1985 werkzaam als bondscoach, doelt op de nieuwe weg die in augustus 2001 werd ingeslagen. Sindsdien traint de badmintonploeg, als de toernooikalender dat tenminste toelaat, dagelijks gezamenlijk op het nationale sportcentrum Papendal. Die aanpak leverde bij de EK in Malmö (2002) al resultaat op: het recordaantal van vijf medailles. ,,Een verdere professionalisering van de spelers'' ziet Van Dooremalen dan ook als belangrijkste ontwikkeling binnen het Nederlandse badminton. ,,De badmintonners zijn fulltime bezig met spelen en trainen. De teamspirit is uitstekend, hoewel individuele belangen de teambelangen nog wel eens doorkruisen. Badminton is een individuele sport.''

Het succes komt grotendeels voor rekening van twee geboren Aziatische speelsters: de Indonesische Audina en de uit China afkomstige Yao Jie (Europees kampioene in 2002). ,,Alle aandacht gaat nu uit naar Mia, maar het Nederlandse badminton is breder'', stelt Van Dooremalen. ,,Vergeet niet dat we vier dames bij de top-25 van de wereld hebben.'' Hij noemt Judith Meulendijks en Karina de Wit, in tegenstelling tot Jie en Audina geen serieuze bedreiging voor de Chinese wereldtop.

Hoewel de bondscoach zich realiseert dat de Nederlandse speelsters niet kunnen tippen aan het niveau van hun nieuwe landgenoten, benadrukt hij het stimulerende effect van de Europese titels van Jie en Audina, de eerste twee voor Nederland in het vrouwenenkelspel. ,,In het begin was er best kritiek van Nederlandse speelsters omdat hun positie veranderde door de komst van Audina en Jie. Maar nu staan ze middenin de groep en kan de rest zich aan hen optrekken. Het `sparvermogen' is enorm toegenomen, en de rest van de groep krijgt meer zelfvertrouwen. Als ze zien dat Mia van Chinese toppers kan winnen, denken ze: dat kan ik ook.''

Bij de vrouwen heeft Van Dooremalen naar eigen zeggen te maken met een luxeprobleem. Voor de EK moest hij Brenda Beenhakker thuislaten, omdat hij slechts vier speelsters mocht meenemen. ,,Badminton in Nederland is meer dan alleen Audina'', vindt de coach. Neemt niet weg dat Nederland voor de komst van Jie en Audina niet verwend was met successen.

En bij de mannen is de spoeling dun. De enige speler van internationale allure, Dicky Palyama, zag zijn olympische droom vervliegen in Genève. Om een startbewijs voor `Athene' veilig te stellen, moest de vijfvoudig Nederlands kampioen bij de beste vier eindigen. Maar net als vier jaar geleden struikelde hij in de kwartfinales. Palyama verspeelde een 15-4 en 11-3 voorsprong, en viste opnieuw achter het net.

,,Het mannenveld is internationaal veel breder, het is moeilijker daar tot de top door te dringen'', verklaart Van Dooremalen, wiens olympische selectie slechts één man telt. In Athene speelt Chris Bruil in het gemengddubbel met echtgenote Lotte Bruil, die zaterdag in Genève met Audina voor het eerst in de EK-historie voor Nederland de gouden medaille won in het dubbelspel. Olympisch succes van het vrouwendubbel is volgens Van Dooremalen door de zware Chinese en Koreaanse concurrentie afhankelijk van de loting. Dus is de hoop gevestigd op Jie, en met name op Audina, die op 16-jarige leeftijd al olympisch zilver won in Atalanta (1996).

Twee weken geleden maakte Audina al indruk met haar eindzege in het sterk bezette Japan Open. Dat ging in de finale ten koste van de Chinese nummer één van de wereld (Ruina Gong). Van Dooremalen weet het zeker: ,,Mia heeft nu een mentaal voordeel op de Chinezen. Ze doen het nog niet in hun broek, maar er wordt wel rekening met haar gehouden.''

Bovendien gaf de kersverse Europees kampioene onlangs de topdrie van de wereld het nakijken. De 24-jarige Rotterdamse is naar eigen zeggen dan ook bezig aan de ,,sterkste periode'' uit haar loopbaan, die begon in Indonesië waar badminton volkssport nummer één is. ,,Hopelijk heb ik de Chinese dominantie nu doorbroken. Ik hoop op goud in Athene, maar ik heb wel geleerd van Sydney (Spelen van 2000, red.). Daar moest ik gewoon goud halen. Ik leg mezelf nu vooraf geen druk op.''

De strijd om de Uber Cup in haar geboorteland laat Audina aan zich voorbijgaan. Op 14-jarige leeftijd groeide ze in dat officieuze wereldkampioenschap voor vrouwenlandenteams uit tot een volksheldin door de finale tegen China in het voordeel van Indonesië te beslissen. Nu ze uitkomt voor Nederland laat ze het toernooi, mede door de politieke spanningen in de archipel, schieten. ,,Alles is dit jaar gericht op de Spelen. Ik wil mijn voorbereiding niet laten verstoren en heb geen zin uitgeschreeuwd te worden door het publiek in dezelfde hal als waar ik tien jaar geleden voor Indonesië speelde.''

Audina gaat volgende week naar Miami, voor een korte vakantie, om uit te rusten van het loodzware programma. ,,Ik heb de laatste drie weken 27 partijen gespeeld. Ik ben hartstikke moe, want ik speel zowel met mijn lichaam als met mijn verstand, en kom uit in het enkel- en dubbelspel.'' In juni speelt ze in Maleisië nog een Grand Prix-toernooi. Voorlopig geniet ze nog even na van haar dubbelslag op de EK en de daarmee gepaard gaande aandacht.

Die belangstelling is welkom, want de Rotterdamse kwam behalve voor de liefde voor een Rotterdamse gospelzanger ook naar Nederland om haar sport op de kaart te zetten. ,,Ik wil badminton hier promoten en voel me hier volledig geaccepteerd. Voordat ik naar Nederland kwam was badminton weinig in de publiciteit. Nu is er door het succes meer aandacht'', stelt Audina tevreden vast.

Hoewel de tweevoudig Europees kampioene desgevraagd toegeeft dat ze zondag op Schiphol niet als een volksheldin werd ontvangen door een horde enthousiaste Oranje-fans. ,,Het was rustig. Er waren niet veel supporters. Mijn familie was er wel.''