Het nieuws van 27 april 2004

De hervormers van het parlement zijn geketend, desondanks vol goede moed, maar hoe wakker is het gidsland zelf?

Hervormers waren het. Maar aardige hervormers. Gedreven door het 'project Europa' marcheerden ze vijf jaar geleden het Europees Parlement binnen. Maar al gauw waren ze teleurgesteld ze in hun eigen instituut: datzelfde Europees Parlement. Ze, staat in dit geval voor 30 van de in totaal 626 leden die de Europese volksvertegenwoordiging telt. De teleurgestelden kwamen uit diverse landen en diverse partijen. Wat hen bond was de wens om hun eigen parlement drastisch te hervormen. En dus werd in de herfst van 1999 buiten alle officiële partijlijnen dan wel Europese instituties om, op initiatief van de Nederlandse afgevaardigden Lousewies van der Laan (D66) en Michiel van Hulten (PvdA), een informele actiegroep opgericht. Belangrijkste te verwezenlijken punt: een helder arbeidscontract voor alle Europarlementariërs waarmee definitief een eind kon worden gemaakt aan het zakkenvullersimago van de Europese beroepsvergaderaars. Toen er in 2000 uitzicht leek op een acceptabele regeling ging de hervormingsgroep zich ook met andere zaken bezighouden: bijvoorbeeld het afschaffen van de plicht om een keer per week met het voltallige Europees Parlement van Brussel naar Straatsburg te verhuizen (extra kosten 185 miljoen euro per jaar). Succesvol was de hervormingsbeweging in elk geval in het parlement zelf: na luttele jaren was de groep van dertig uitgegroeid tot een groep van 91 parlementariërs.