Opnieuw met dank aan Boogerd

De Italiaan Davide Rebellin won gisteren na de Amstel Goldrace en de Waalse Pijl ook Luik-Bastena- ken-Luik: een unicum. Michael Boogerd werd weer eervol tweede. De Nederlander viel dit keer weinig te verwijten.

Met drie opeenvolgende overwinningen in de voorjaarsklassiekers heeft de Italiaan Davide Rebellin gisteren wielerhistorie geschreven. Nooit eerder won een renner binnen een week zowel de Amstel Goldrace, de Waalse Pijl als Luik-Bastenaken-Luik. De trilogie kwam ook op unieke wijze tot stand. Rebellin versloeg tot drie keer toe een medevluchter die voor hem de sprint had aangetrokken en daarvóór de wedstrijd had geopend. In de Waalse Pijl werd zijn landgenoot Danilo di Luca afgelopen woensdag op snelheid verslagen. De Nederlander Michael Boogerd moest vorig weekeinde in de Goldrace en gisteren in Luik genoegen nemen met een tweede plaats; de meest frustrerende klassering voor een sportman.

De kopman van Rabobank viel in de Ardennen (veel) minder te verwijten dan in Limburg, waar hij vorige week met een zware versnelling de Cauberg had beklommen en kansloos was tegen de `lichter' rijdende Rebellin. Op de Côte de Saint-Nicolas, de voorlaatste klim, demarreerde Boogerd gisteren op het juiste moment, hoewel zijn aanvalslust niet door iedereen in de ploeg werd gewaardeerd. Zo klaagde Erik Dekker na afloop dat hij zelf ook kansrijk zou zijn geweest als zijn teamgenoot geen versnelling had geplaatst. Overigens was ploegleider Erik Breukink niet op de hoogte van het kleine verschil in de finale tussen de kopgroep met Boogerd en de achtervolgende groep met Dekker.

Er is iets te zeggen voor de kritiek van Dekker, die uiteindelijk genoegen moest nemen met een vijfde plaats. Maar met iets meer geluk was Boogerd alleen naar de finish gereden en bovendien was Dekker de hele dag niet in beeld geweest en had Boogerd na een defect aan zijn fiets op 23 kilometer van de finish nog een knappe inhaalrace gereden. Boogerd leek gisteren domweg beter dan Dekker, die op zijn beurt meer rust uitstraalt en een snellere (tussen)sprint kan rijden.

Boogerd had gisteren de pech dat de Kazak Alexandre Vinokourov met pijn en moeite het gaatje van vijftien meter op de helling (met een maximale stijging van 19 procent!) kon dichtrijden. Boogerd baalde bovenal dat zijn kwelgeest Rebellin in de achtervolging slim het wiel van Vinokourov had gekozen. Met als gevolg: een zenuwslopende finale met wisselende kansen en nog meer theoriëen achteraf. Wat had Boogerd moeten doen om niet net als in 1999 als tweede te eindigen in La Doyenne? Iedereen bleef dit keer het antwoord schuldig.

Boogerd kon zijn aanvalslust weer niet temperen, en dit keer had hij het gelijk aan zijn zijde. Tot twee keer toe pareerde hij een demarrage van Vinokourov, die zich net als de Hagenaar kansloos wist tegen Rebellin in de eindsprint. Rebellin wachtte af en was waarschijnlijk nooit zelf in de achtervolging gegaan. Waarom zou hij? Twee overwinningen op zak en in de wetenschap dat een derde plaats in Luik hem ook aan de leiding van het wereldbekerklassement had gebracht. Boogerd wist dat Rebellin niets zou doen en was gedwongen zelf in de tegenaanval te gaan.

In de slotklim naar Ans, een voorstadje van Luik, probeerde Boogerd zelf nog te ontsnappen. Weer wist hij de onbreekbare Rebellin in zijn rug. Vinokourov kon het helse tempo niet volgen, waardoor de uitblinkers van de Goldrace een week na dato op herhaling gingen. Weer ging de langzamere Boogerd `van kop af' de sprint aan, weer werd hij met ogenschijnlijk speels gemak voorbijgereden. Sprinten kun je niet leren en Rebellin is helaas voor Boogerd geboren met snellere benen. De verliezer feliciteerde na afloop de winnaar, die op zijn beurt de ander dankbaar was. Rebellin had naar zijn zeggen niet de kracht om zelf te versnellen, hij had optimaal geprofiteerd van het vuile werk van Boogerd. ,,Ik wist dat Michael niet stil zou blijven zitten'', sprak de bedeesde wielerheld uit de omgeving van Verona.

De 32-jarige Rebellin is bezig aan een tweede wielercarrière. Hij was een toptalent dat in 1992 debuteerde in het profpeloton. Hij baarde voor het eerst opzien met twee wereldbekerzeges in 1997: het kampioenschap van Zürich en de Clasica San Sebastian. Daarna won hij veel kleinere koersen en raakte zijn loopbaan in de versukkeling. Hij fietste in de voorjaarsklassiekers – zijn specialiteit – in de schaduw van zijn landgenoten Michele Bartoli en Paolo Bettini. Hij eindigde in Luik-Bastenaken-Luik eerder als tweede, derde en vierde. Hij werd mede daarom in de wielerpers afgeschilderd als een renner die koersen zou verkopen, maar hiervoor is geen enkel bewijs. Met zijn drie zeges in de voorbije week bewees Rebellin dat de eer belangrijker is dan het geld.

De vele nederlagen in zijn lange loopbaan lijken achteraf een gevolg van een parasiet (tenia genaamd) dat zich de afgelopen vier jaar in zijn lichaam had genesteld. Ploegarts Peruzzi van de Duitse ploeg Gerolsteiner bevestigde gisteren dat de sportieve terugval werd veroorzaakt door fysieke problemen. Volgens deze dokter, die Rebellin ook bij zijn vorige werkgever Liquidas begeleidde, is de tenia pas afgelopen winter helemaal uit het lichaam van de renner verdwenen.

Daarvóór bleef telkens een deel van de parasiet `hangen' en volgde een eindeloze reproductie. Toen Rebellin vorige maand als tweede eindigde in Parijs-Nice, wist de medicijnman dat de patiënt helemaal hersteld was. Rebellin sprak gisteren over `een wedergeboorte'. Zijn ziekte heeft hem nooit wanhopig gemaakt, al was het maar omdat in januari 2003 zijn vriend en oud-ploeggenoot Denis Zanette na een bezoek aan een tandarts is overleden. ,,Ik draag deze zege ook aan hem op'', sprak de winnaar ogenschijnlijk zonder emotie. Vervolgens liep hij naar een parkeerplaats waar honderden tifosi hem hartstochtelijk toejuichten.