In het oog

,,Wat kijk je nou?'' vroeg ik mijn vrouw terwijl ik bij het dessert een sinaasappeltje zat te schillen.

Ze zei niets, maar bleef me wel fixeren. Er lag een vastberaden hardnekkigheid in haar blik die ik niet van haar kende. Niet dat ze me nooit in de gaten houdt was dat maar waar maar normaliter gebeurt dat terloopser, met althans een schijn van nonchalance.

Deze blik was vasthoudender, te vergelijken met de manier waarop het roofdier zijn prooi in het vizier houdt: opperste concentratie in grote zwijgzaamheid. Er lag een element van uitdaging in besloten, maar ook het koele besef van superioriteit. Jij ontgaat mij niet meer, zei die blik, en jij zult doen wat ik wil, of je dat nu leuk vindt of niet.

,,Heb je mij nog nooit eerder een sinaasappeltje zien schillen bij mijn dejeuner de lunch?'' vroeg ik ongemakkelijk.

,,Dejeuner de lunch?''

,,Zo noemde Maartje van Weegen zaterdag de lunch van de koninklijke gasten na de huwelijkssluiting van Friso en Mabel.''

Op dat moment drong met de helderheid van een bliksemflits tot me door, dat mijn vrouw het gedrag van Mabel in het stadhuis en de kerk probeerde te imiteren. Het afgedwongen oogcontact als manier van communicatie. Heel vroeger hadden we op school een onschuldiger variant uitgeprobeerd. Je zocht de blik van een vriendje en zei: ,,Wie het eerst knippert heeft verloren.''

De manier waarop Mabel het deed, verried groot raffinement het product van veel oefening én talent. Als je het goed analyseerde, zag je Friso steeds in één minuut tweemaal een zware nederlaag lijden.

Eerst hoorden we bijvoorbeeld Willemijn Verloop, hartsvriendin van Mabel, in de kerk voorlezen: ,,Geloof en hoop en liefde zullen blijven, alledrie, maar de grootste is de liefde.''

Terwijl deze woorden uit het prachtige hoofdje van Willemijn stroomden, nam Mabel haar man-in-wording doortastend in de peiling. Niet zomaar vanuit haar ooghoeken, maar met een lichte wending van het hoofd. Haar pupillen klitten zich als het ware vast aan het langzaam verstarrende hoofd van Friso. Je zag hem geërgerd denken: ,,Begint ze nou wéér, weet je wat, ik doe gewoon of ik het niet merk.''

Dat was de eerste nederlaag, want we zagen allemaal aan hem dat hij het juist verdomd goed merkte en dat hij dus zat te veinzen. Ruim tien seconden later verscheen de onvermijdelijke tweede gedachte op het gezicht van Friso: ,,Dit wordt gênant, ik moet er geen prestigezaak van maken.'' Waarna hij een lachje om zijn lippen toverde meer een kerf dan een lachje en met een zo ferm mogelijke oogopslag terugkeek.

Maar dan gebeurde het!

Mabel bleef hem nog heel even aankijken goed zo, jongen, je leert het om vervolgens haar ogen snel af te wenden. Daar zat Friso dan, niet zozeer met lege handen alswel met lege blikken. Zijn echec was compleet.

Terwijl ik mijn sinaasappeltje oppeuzelde, probeerde ik mijn vrouw de oculaire huwelijksstrategie van Mabel uit te leggen. Ze keek me bijzonder strak aan en zei toen: ,,Welnee, zij houdt van hem, dat is alles.''