Doden na oplaaien van geloofsgeweld Ambon

In Ambon, de hoofdstad van de Indonesische provincie Maluku, zijn gisteren voor het eerst sinds twee jaar weer bloedige botsingen ontstaan tussen christenen en moslims. Er vielen ten minste 16 en mogelijk 22 doden en zeker 130 gewonden. Volgens de Indonesische minister van Veiligheid, Hari Sabarno, gingen zeker 200 woningen in vlammen op. Behalve een kantoor van de Verenigde Naties werden ook een hotel en een kerk in brand gestoken. Jakarta heeft extra veiligheidstroepen gestuurd. Vanochtend werd in de stad nog sporadisch geschoten, maar rond het middaguur werd het rustiger.

Het incident begon gisteren met een mars van zo'n 25 leden van het Front voor Soevereiniteit van de Molukken (FKM), overwegend christenen, die de oprichting, gisteren 54 jaar geleden, van de Republiek der Zuid-Molukken (RMS) wilden herdenken. Onder leiding van de secretaris-generaal van het FKM, Moses Tuanakotta, ging de kleine stoet om half twaalf 's ochtends op weg vanaf het huis van FKM-voorzitter Alexander Manuputty in de wijk Kuda Mati, vanouds een bolwerk van christelijke jeugdbenden. Manuputty week vorig jaar, na een veroordeling wegens separatistische activiteiten door een rechtbank in Jakarta, uit naar de Verenigde Staten.

De stoet, begeleid door twee motoragenten, trok met RMS-vlaggen door het centrum van Ambon-Stad. Onderweg riepen zij beledigingen naar Indonesische militairen en naar groepjes moslims. Om ongeveer één uur vormden zich in ten minste vier straten slagordes van christelijke en islamitische jongeren, gewapend met stenen, stokken, kapmessen en zelfgemaakte geweren, die vervolgens slaags raakten. Uitgerukte politiemannen grepen niet in en schermden alleen de vechtersbazen af van toegestroomd volk dat zich in de strijd wilde mengen.

In de loop van de middag staken moslimjongeren het kantoor van het United Nations Project Coordination Office in brand. De provinciale politiechef, brigadegeneraal Bambang Sutrisno, begaf zich in de namiddag onder zwaar escorte naar het centrum om de bevolking te kalmeren. Hij verzocht de stadsbewoners via een megafoon om na zes uur in hun huizen te blijven en ,,de Molukken stabiel te houden''. De politie repte vanochtend van 16 doden, maar medische bronnen noemden vandaag tegen het persbureau AFP een dodental van 22.

In januari 1999 brak in Ambon een burgeroorlog uit tussen moslims en christenen, die zich verbreidde naar de Noordelijke Molukken en naar schatting 5.000 mensen het leven kostte.

Begin 2002 sloten de partijen een vredesakkoord en sindsdien bleef het rustig. Gouverneur Karel Albert Ralahalu van Maluku zei vandaag nog geen aanleiding te zien om de civiele noodstoestand, die vorig jaar september werd ingetrokken, opnieuw uit te roepen.

Ambon: pagina 4