Natuurlijke lanenpracht

Parijs, de hoofdstad van Frankrijk, heeft prachtige tuinen. Die van Palais Royal spant de kroon.

Ik woon er om de hoek en dat komt goed uit, want ik krijg er nooit goed genoeg van. Het Palais Royal. Preciezer: de tuin ervan, uiteraard inclusief de rondgang onder de arcades.

Iedere keer als ik, via de ingang aan de Rue de Valois, de hoek omsla, duizelt het me. Het is dieptevrees, als dat bestaat, veroorzaakt door de zuigende kracht van een bijna halve kilometer aan kolommen. Deze plek hebben mensen bedacht en gemaakt.

Het is een wonder.

Als de bijna ondraaglijke diepte van de galerij de blik naar de tuin verjaagt, overvalt me ook altijd een gevoel van spijt. Als Fransen om iets geprezen moeten worden, dan is het de inrichting van hun openbare ruimte. Nou ja, daar valt op af te dingen, ik weet het, maar bij voorbeeld parkeergarages weten ze vernuftig onder pleinen aan te brengen. Er is er één voor mijn deur, gecamoufleerd door een volmaakt onschuldig ogend plantsoentje. En in de tuin van het Palais Royal denk ik altijd weer: onbegrijpelijk toch, dat de gemeente Amsterdam bij de herinrichting van het Museumplein geen Fransen heeft geraadpleegd.

Hoeveel beter had het Museumplein er niet uitgezien als het maar een honderdste van de charme van de tuin van het Palais Royal had gehad? Raadplegen was zelfs niet eens nodig geweest: het concept kan niet simpeler. Symmetrische rijen bomen in zand. Vier in totaal, aan weerszijden van het centrale plantsoen, vormen natuurlijke lanen. Saenredamse eenvoud en pracht. Heel wat praktischer ook dan een weiland dat bij een oploop of fikse regenbui onherroepelijk in een moeras verandert.

Het Palais Royal is natuurlijk meer dan bomen in zand, al vormen die de onverwoestbare basis. Het heeft ook nog eens de geborgenheid van een huiskamer. Die gebruik ik soms, zonder poespas, als sluipweg. Maar als er aan de andere kant geen doel of afspraak wacht, kan het verblijf in de huiskamer ongemerkt eindeloos gerekt worden. Stalen stoeltjes (van ontwerper Jean-Michel Wilmotte) staan her en der verspreid. Een boek en de zon, of juist de schaduw, doen de rest. De rondgang leent zich uitstekend voor een wandeling, alleen of in gezelschap. In het laatste geval, vooral op zomeravonden, na het eten, wordt het traject als vanzelf vaak meer dan één keer afgelegd. Dat die verleiding groot is, bewijzen andere wandelaars die je in tegenovergestelde richting steeds opnieuw tegenkomt.

Veel galerijwinkeltjes zijn gespecialiseerd in tinnen soldaatjes, heraldiek, filatelie, 'nationale en internationale onderscheidingstekens', onduidelijk zoldergoed of slechts in verstofte etalages met vergeelde en scheefhangende vitrage. Ze zijn bij uitstek van het Parijse soort, in de zin dat je je afvraagt waarvan ze bestaan. Andere stellen je voor hetzelfde raadsel om tegenovergestelde redenen. 'Le prince jardinier' verkoopt zulk kostbaar tuingereedschap, onpraktische linnen werkkleding en plaatsrovende, met loodzwaar verzilverd bestek volgestouwde negentiende-eeuwse picknickmanden dat alleen Marie-Antoinette of radeloze rijkaards er voor lijken te kunnen zwichten.

Afgezien van Les Drapeaux de France, met zijn garnizoenen aan tinnen soldaatjes in de etalages, is de leukste winkel die van Didier Ludot. 'Sinds 1974' - het steekt magertjes af in een omgeving waaraan kardinaal Richelieu in 1624 de eerste hand legde, maar je moet eens beginnen. Ludot heeft twee zaken, één aan elke lange zijde van de tuin. Hij verkoopt vintage-dameskleding van de vorige eeuw, vaak afkomstig uit de garderobe van sterren. In de winkel onder de Valois-galerij is het thema op dit moment 'petite robe noire', met exemplaren van Cardin (1966) en Yves Saint-Laurent (1974), en in de andere, onder de Montpensier-galerij, staat soortgelijke gedateerde maar daardoor weer helemaal actuele hipheid uitgestald, in regimenten van schreeuwend oranje en geel. Hier zijn ook accessoires - tassen van Hermès uit de jaren zestig, maar ook vintage-schoenen van Prada - te koop.

Onlangs zijn tegelijkertijd drie, vier kleine en goedkope restaurants geopend onder de galerijen, als tegenhanger van het peperdure Le Grand Véfour. Daarvan kan het Belle Epoque-plafond ten slotte ook van buiten bewonderd worden.

Hotels

PRINCE ALBERT LOUVRE HOTEL. Comfortabel hotel in de buurt van de tuinen van Palais Royal en het Louvre. 5, rue Saint Hyacinthe. Vanaf 100 euro. (0033) 142615836

GRAND HÔTEL JEANNE D'ARC. Midden in de Marai (4e arrondissement) sympathiek charme-hotel. Vanaf 80 euro. In de buurt van het Place Sainte-Catherine waar prachtige Chinese moerbeibomen staan. 3 rue de Jarente. (0033) 148876211.

HOTEL EUGENIE In hartje Parijs, klein hotel met mooie entree en kleine kamers. Tweepersoonskamer 120 euro. Kamer aan binnenplaats vragen. Vlakbij Place Saint Michel. 31 rue Saint-André-des-Arts (6de) (0033) 143262903.

Restaurants

CAFÉ RUC. 159 Rue Saint-Honoré, Metro Palais Royal. (0033) 142609754

LE GRENIER SUR L'EAU. 14 rue du Pont Louis Philippe, Metro Hôtel de Ville, (0033) 142778096

CAFÉ DE L ESPLANADE. 52, rue Fabert. Metro La Tour Maubourg. (0033) 147053880

LE GRAND VÉFOUR. 17, rue de Beaujolais. Metro Palais Royal. (0033) 142965627