Laat het asfalt links liggen

Athene, de hoofdstad van Grieken- land, vraagt veel van de mens. Een waar mekka voor wie de tijd neemt.

Vergeet de smog in de zomermaanden, let zo min mogelijk op het rijgedrag van de gemiddelde Athener, stoor je niet aan de enorme mensenmassa's die, gespeeld verveeld of oprecht wanhopig, hun plaats van bestemming proberen te bereiken – lukken deze drie dingen, dan kan met volle teugen worden genoten van een stad waar de lokroep van de muziek je de taverna inzuigt en waar de schoenmaker in de nis van een muur je schoen repareert.

Voor slenteraars is het oude centrum van Athene, de driehoek Syntagmaplein, Omoniaplein, Monasteraki, een waar mekka. Het voetgangersgebied is in de loop der jaren drastisch uitgebreid, maar voor wie het verkeer geen punt is, kan zijn hart ophalen in Athinasstraat met een keur aan winkels voor tuin- en ijzerwaren (vooral zo leuk omdat in de omgeving geen tuin te bekennen is en wegens de voorraad ijzerwaren waarvan de leek niet zou weten wat ermee te doen), de overdekte vlees- en vishal en de onvolprezen `roofgarden' op de zesde verdieping van het Attaloshotel. Daar smaakt de ouzo het lekkerst, want je zit oog in oog met de Acropolis.

Voor liefhebbers van het openbaar vervoer is de metro een must. De aanleg heeft jaren geduurd, maar dat heeft wel geresulteerd in prachtige stations. Stuk voor stuk zijn het kleine musea waar vele oudheidkundige voorwerpen, opgegraven tijdens de bouwwerkzaamheden, zijn tentoongesteld. Vooral het metrostation aan het Syntagmaplein is een lust voor het oog. Dat geldt helaas niet (meer) voor de overkant van het plein waar de eertijdse smaakvolle (niet altijd goedkope) uitspattingen plaats gemaakt hebben voor het geel van McDonalds.

Schiet daarom snel de hoek om, de Ermoustraat in. Dé winkelstraat op stand, maar een prettig stoort stand, niet protserig. Vandaar is het niet ver naar het winkeltje van A. Spiliopoulos & Zn (30 Apollonosstraat) waar sinds 1934 puike leren sandalen gemaakt worden alsmede alle mogelijke soorten lederwaren en accessoires.

Wie zijn honger naar kunst uit de oudheid echt wil stillen, spoede zich naar het Nationaal Archeologisch Museum, ten noorden van het centrum van de stad. ,,Dit is het grootste schathuis van antieke kunst in de wereld, waartegen ook reuzen als het British Museum, het Louvre en de Berlijnse en Münchener musea geen vuist kunnen maken'', aldus Daniël Koster in zijn recent uigekomen reisgids Athene en de Peloponnesus. Gezien de omvangrijke collectie raadt hij bezoekers aan een prioriteitenlijstje aan te leggen, danwel een paar keer terug te komen.

Dat geldt voor meer plekken, zoals de nationale tuinen. Athene is een stad waarvoor je de tijd moet nemen. Dat geldt natuurlijk voor meer steden, maar juist omdat Athene een paar makkes heeft, (zie boven) doet de toerist er goed aan op z'n gemak de stad in te duiken. Kijk voorbij de grote kantoren en zie de kleine straatjes met bebouwing uit vervlogen eeuwen. Kijk voorbij het asfalt en zie ontroerend mooie kerkjes.

Vaak worden Athene en Piraeus in één adem genoemd. Niet zo gek, want éénmaal geland op het vliegveld van Athene, spoedt de vakantieganger zich niet zelden naar de haven van Piraeus om per boot zijn bestemming te bereiken. De twee plaatsen zijn via de metro met elkaar verbonden en dat zou de argeloze toerist op de gedachte kunnen brengen: ,,Kom, een dagje Piraeus.'' Niet doen. Niet omdat het verkeer er nog harder door de straten raast dan in Athene, niet omdat er wel twee keer zoveel mensen lijken te zijn dan in de hoofdstad, (wat niet zo is), maar omdat Piraeus, afgezien van de haven, bar weinig te bieden heeft. Vis eten bij de haven kan ook al niet, omdat zich er niet één taverna bevindt.

Dat zou de bezoeker aan de overdekte vlees- en vishallen (zie boven) ook kunnen denken, want de culinaire uitspatting ligt nogal verborgen. Daarom hier een kleine routebeschrijving, want een bezoek aan deze eetgelegenheid is zeer de moeite waard, al was het maar omdat hij bevolkt wordt door kooplui die met elkaar praten alsof ze hun waar willen aanprijzen. Gezellig hard dus. Neem de ingang die gelegen is aan de Athinasstraat, loop rechtdoor de vleeshal (niet links af gaan, daar ligt de vis). Aan het einde van de `gang' is het kleine restaurant waar het omstreeks tien uur, half elf 's ochtends al heerlijk ruikt. De naam ken ik niet, maar dat hoeft ook niet. Een hongerige maag en een goede neus zijn voldoende om het te vinden. Een ideale plek om de geest te ontspannen en om op krachten te komen. Want Athene vraagt wél wat van een mens.

Hotels

HOTEL ATTALOS. Gezellig, gastvrij hotel met de onvolprezen Kostas achter de receptie of achter de bar op de roofgarden. 29 Athinas Str. (0030) 210 321 2801.

STANLEY HOTEL. Perfecte locatie. 1-5 Odysseos Street, (0030) 210 5241611

ROYAL OLYMPIC HOTEL. Puik zwembad, prima roomservice. 28-32 Diakou Street, (0030) 210 92 88 400

Restaurants

VLEESHAL. In de vleeshal (zie tekst)

MONASTIRÁKI. Naam onbekend maar erg lekker en betaalbaar eten aan de Monastiráki 2.

ZORBÁS. (hoekje van de Lysiou) zeer smakelijk eten, prettige bediening en live muziek.