Fragmenten uit het boek van Bob Woodward over Bush' Irakoorlog

Plan of Attack is het derde boek dat dit voorjaar bericht uit de keuken van de regering-Bush. Maar het boek van Washington Post-journalist Bob Woodward heeft Washington meer in verwarring gebracht dan de twee voorgangers, met onthullingen van oud-minister van Financiën Paul O'Neill en ex-terrorisme-bestrijder Richard Clarke.

Het deze week verschenen Woodward-boek schetst hoe president Bush al begin januari 2001, vóór hij was beëdigd, op verzoek van aanstaande vice-president Cheney met voorrang werd ingelicht over `het gevaar Saddam Hussein'. En hoe, niet lang na de aanslagen van 11 september 2001, de regering in het geheim opdracht gaf te onderzoeken hoe regimewijziging in Irak militair te verwezenlijken was. Tot ontsteltenis van de militaire top die `Afghanistan' nog lang niet af had.

Woodward, die naam maakte met het onthullen van het Watergate-schandaal in de jaren '70, schreef eerder zo'n `van binnenuit'-boek over Bush' Witte Huis. Dit boek, `Bush at War', vertelt hoe de president en zijn naaste omgeving reageerden op de aanslagen van 9/11. Het Witte Huis werkte aan dat boek mee. Het resultaat beviel de president zo goed dat hij dit keer drieëneenhalf uur met Woodward praatte en ministers en medewerkers opdracht gaf de verslaggever ook van dienst te zijn.

Maar dit keer is het resultaat volgens vriend en vijand verrassender. Met zoveel toegang tot de hoofdrolspelers heeft Woodward kans gezien een onafhankelijker boek samen te stellen. Vol nieuwe feiten over de oorlog tegen Irak die begon op 19 maart 2003. Het resultaat was een fascinerend schouwspel deze week: de woordvoerder van de president die het boek aanprijst, terwijl Nationale Veiligheidsadviseur Condoleezza Rice en verschillende ministers over elkaar buitelen om het boek op belangrijke onderdelen tegen te spreken.

Vooral minister van Defensie Donald Rumsfeld moest de nodige capriolen uithalen om ongeschonden tevoorschijn te komen uit de strijd. Volgens het boek forceerde hij de hand van de president door de ambassadeur van Saoedi-Arabië vroegtijdig te vertellen dat de oorlog aanstaande was. Minister van Buitenlandse Zaken Colin Powell wist nog van niets. Rumsfeld ontkende de gang zaken en liet een transcript van het gesprek met Woodward publiceren, waarop de schrijver zijn eigen transcript op de website van The Washington Post zette. Daaruit bleek dat Rumsfeld acht vragen en antwoorden had weggelaten uit het defensie-transcript.

Colin Powell leek veel van zijn waarschuwingen over de oorlog in de Woodward-tekst te hebben geïnjecteerd. Zo veel dat anonieme `hoge regeringsfunctionarissen' hem verweten achteraf zijn gelijk te willen halen. Powell probeerde daarop zijn sporen te wissen door te verklaren dat hij slechts enkele telefoontjes met Woodward had gewisseld. Zeker, vulde Woodward aan, zes keer een uur.

De schrijver noemt, behalve de citaten van de president, geen bronnen, maar schrijft in het voorwoord dat hij 75 direct betrokkenen en talloze notulen en andere documenten heeft geraadpleegd. Dat levert een reeks nieuwe feiten op die het Congres deze week wel moest natrekken. Heeft de regering inderdaad 700 miljoen dollar `Afghanistan'-geld aan Irak uitgegeven? Zei de CIA-directeur echt dat de bewijzen tegen Saddam een gebakken eitje waren? Met zijn dertig jaar ervaring heeft Woodward Washington flink aan het werk gezet.