Eerste O-Europese Holocaust Museum staat in Vilnius

Op de voorpagina van deze krant van 16april stond een grote foto van de opening van het Holocaust Museum in Boedapest. De prominente aandacht voor deze historische gebeurtenis verdient waardering. Echter, Boedapest is niet de eerste Oost-Europese stad met een Holocaust Museum. In Vilnius, Litouwen, het vroegere Vilna, staat het Jewish State Gaon Museum, ondergebracht in het vroegere joodse gymnasium. Als een zelfstandig onderdeel daarvan staat op een met gras begroeide heuvel een fraaie houten paardenstal uit de 19de eeuw die omgebouwd is tot Holocaust Museum. Dit museum wordt geleid door mevrouw R.Kostanian en haar kleine staf.

Vlakbij Vilnius is in de bossen van Panariai een herdenkingsplaats en een klein museum ingericht op de plek waar 7.000 joden eerst zijn vermoord en daarna verbrand om de sporen van de misdaad uit te wissen. Samen met het Holocaust museumpje wordt hier gestalte gegeven aan de moord op zo'n 250.000 Litouwse joden, indertijd ongeveer 10 procent van de gehele Litouwse bevolking.

Bij het redden van joden aan het begin van de oorlog speelden, naast `goede Litouwers', twee mannen een opvallende rol: de Japanse consul Chiune Sugihara en de Nederlander Jan Zwartendijk, toenmalig directeur Philips Litouwen en vanwege de noodsituatie tijdelijk aangesteld als H.M. consul. Samen hebben zij 6.000 joden doen vluchten. Zwartendijk loodste hen zogenaamd naar Suriname, Sugihara naar Japan. In feite kwamen velen in Amerika en Israël terecht. Voor beide mannen is een monument opgericht op de binnenplaats van het Holocaust Museum aan de Pamenkalnio in Vilnius. Voor Sugihara is een museumpje ingericht in Kaunas, de tweede stad van Litouwen.