Denk niet aan geld en neem een andere weg

Bij nader inzien is Luxemburg, de hoofdstad van Luxemburg, een van de meest schilderachtige steden.

Veel Nederlanders rijden de stad Luxemburg vanaf de E25 (A6) binnen via afslag 5 rechtstreeks naar het centrum. Aan die route liggen de banken maar wie de hoofdstad van het groothertogdom om andere dan financiële reden op waarde wil schatten, moet deze route absoluut mijden. Maak liever kennis met Luxemburg door de stad via de Rue de Trèves (N 1a) te naderen. De weg is simpel te vinden door vanaf afslag 7 van de rondweg E44 (A1) naar de wijk Cents te rijden (zie kaartje).

De bezoeker zal aangenaam verrast zijn en zelfs meer van de Luxemburgers gaan begrijpen. Na zo'n twee kilometer kunt u de auto aan de kant zetten. In de diepte stroomt het riviertje de Alzette. Bij een eerste blik op Luxemburg wordt duidelijk dat deze stad in het centrum van het oude Europa een bewogen geschiedenis achter de rug moet hebben. De resten van de fortificaties in de heuvels rondom zijn heel imposant.

Ongeveer op deze plek stond de Franse koning Lodewijk XIV in 1684. Natuurlijk had hij zijn militaire bouwmeester Sebastien le Prestre de Vauban bij zich. In heel Europa bouwde Vauban versterkingen, van Perpignan tot Verdun en Malmedy, om het Franse koninkrijk tegen indringers te beschermen. Later moest de zonnekoning toch Luxemburg aan de Spanjaarden laten. Na de Spaanse Successie-oorlog namen de Habsburgers de macht over.

De stad ligt hoog en strategisch. Wie Luxemburg in handen had, beheerste een groter gebied. Geen wonder dat het altijd een handelscentrum was. In 963 stichtte Sigefroid, graaf van de Ardennen, de eerste Luxemburgse dynastie. In de negen eeuwen daarna werd Luxemburg getransformeerd in een fort met vele bolwerken, torens en kazematten. De stad wordt dan ook wel het `Gibraltar van het noorden' genoemd.

Een paar honderd meter verder rijden we onder de Tour de Jacob door, onderdeel van de versterkingen die werden gebouwd vanaf de periode in de veertiende eeuw dat Luxemburg tot het Duitse rijk behoorde. Wie even doorloopt wordt beloond met een prachtig gezicht op de oude vestingstad met links de Citadelle du Saint Esprit. In de geel geschilderde gebouwen zijn nu veel overheidsdiensten gevestigd. De slanke torens van de twaalfde-eeuwse kathedraal Notre Dame steken er bovenuit. Daarnaast zijn de contouren van het paleis van de groothertog zichtbaar. In het dal van de Alzette (de wijk Grund) staan witte, gele en lichtgroene huizen en gebouwen. Jammer dat daar beneden het eeuwenoude Mouselbier niet meer wordt gebrouwen.

De omschrijving schilderachtig zou aan dit panorama tekortdoen. We zetten de excursie via de Rue de Trèves voort en maken direct een bocht van 180 graden naar de Rue de la Tour Jacob. Via de brug over de Alzette komen we op de Montée de Clausen. Vlakbij staat de Porte des Trois Tours uit 1030. Vanaf deze plek is het panorama volledig. In alle richtingen valt iets bijzonders te ontdekken. De hoge moderne brug over de Alzette – die het Luxemburgse stadscentrum met de Europese kantorenwijk in Kirchberg verbindt – springt meteen in het oog. Ook opvallend zijn de zeventiende eeuwse door een brug verbonden torens, een kleine uitgave van de Londense Tower Bridge, waarmee de Franse fortenbouwer Vauban het rivierdal tegen de vijand wilde afschermen. Tegen de heuvels in de richting van Kirchberg ligt nog een bolwerk van drie torens (Les Trois Glands) met daarvoor deels ondergrondse kazematten, die door de Luxemburgse overheid in hun oude glorie worden hersteld. Af en toe passeert een trein over de lange stenen brug dwars door het dal van de Alzette. Die aanblik roept bij de veertigplusser een zoet heimwee op naar de landschapsmaquettes voor zijn speelgoedtrein van Märklin.

Wie tijd over heeft, kan nog even doorlopen naar de Place Guillaume II. Daar staat een enorm beeld van de Nederlandse koning Willem II, die immers ook groothertog van Luxemburg was, gezeten op een paard en zwaaiend met zijn hoed. En wie dan toch zonodig zijn spaargeld naar een van de Luxemburger banken wil brengen, kan via de Boulevard J. Ulveling meteen naar de Boulevard Royal rijden. Sommige Luxemburgers noemen die plek ook wel Wallstreet.

Hotels

HOTEL CRAVAT. Klassiek `grand hotel' in het oude centrum. Boulevard Roosevelt

HOTEL FRANÇAIS. In het hart van de stad vlakbij kathedraal.

Place d'Armes

HOTEL SCHINTGEN. Iets eenvoudiger, ook in centrum bij kathedraal. Rue du Notre Dame

Restaurants

RESTAURANT BREEDEWEE. Oude centrum. Prachtig uitzicht op dal van de Alzette. Rue Large

RESTAURANT LA LORRAINE. Een beetje chic. Place d'Armes

RESTAURANT URBAN. Eten aan hoge tafels. Dichtbij paleis van groothertog. Rue du Marché aux Herbes.