Als beelden konden spreken

De standbeelden van Warschau, de hoofdstad van Polen, roeren zich niet meer. Ooit werden ze versleept, verzaagd, vernietigd, weer opgebouwd. Als inzet van ideologische strijd. Een rondgang langs Warschaus beeldenstorm.

Het beroemdste beeld is dat van de Pools-Franse componist en pianist Fryderyk (Frédéric) Chopin (1810-1849). Het staat op wodkaflessen en koektrommels. De levende Chopin was bepaald geen held. Maar de dode Chopin groeide uit tot hét symbool van het Poolse streven naar onafhankelijkheid. Polen bestond niet in de negentiende eeuw, het was verdeeld tussen de grootmachten Pruisen, Rusland en Oostenrijk. De Russen en later Hitler verboden Chopins muziek. Zijn door Poolse volksmuziek geïnspireerde melodieën werden subversief geacht. Na 1918, toen Polen herrees, werd een beeld voor hem opgericht. Dit symbool van het vrije Polen werd later door de nazi's in stukken gezaagd en vernietigd.

Een soortgelijk lot wachtte volksdichter Adam Mickiewicz (1798-1855). Zijn beeld kwam er in 1898, honderd jaar na zijn geboorte. De Russische bezetter gaf er toestemming voor, op voorwaarde dat het niet groter zou zijn dan het beeld van de tsaar in Warschau. Mickiewicz zelf bleef inderdaad korter, maar werd op een extreem hoge sokkel gezet. De nazi's bliezen hem later op. Na de oorlog kwamen Mickiewicz en Chopin weer terug.

Koning Sigismund (Zygmunt) III Vasa (1566-1632) overleefde de oorlog intact, maar viel wel om. Sigismund was weliswaar een Zweed, maar hij wordt in Warschau geëerd, omdat hij de hoofdstad hiernaartoe haalde, ten koste van Kraków. Hij heeft Polen eigenlijk meer kwaad dan goed gedaan. Hij was koning van Polen én Zweden, raakte de Zweedse kroon kwijt, probeerde deze te heroveren en riep zo de Zweedse furie over Polen af. Toen in 1944 een opstand uitbrak tegen de Duitsers, werd Warschau met de grond gelijk gemaakt. Ook de 22 meter hoge zuil met Sigismund moest het ontgelden. Het beeld zelf liep weinig schade op.

Nicolaas Copernicus (1473-1543) mocht van de nazi's blijven staan. Zijn Poolse naamplaat (Mikolaj Kopernik) werd bedekt met een Duitse. De nazi's vonden hem een Duitser. Zijn ouders kwamen uit Torun, een stad die in 1466 van Pruisische in Poolse handen was overgegaan. Zeven jaar later werd Copernicus geboren, als Pool. Padvinder Alek Dawidowski claimde Copernicus terug. Padvinders streden tijdens de oorlog mee in het één miljoen man sterke Poolse verzetsleger, de Armia Krajowa. Dawidowski schroefde de Duitse plaat los en nam deze mee op een slee, een daad die opzien baarde omdat het monument bijna voortdurend werd bewaakt.

Als represaille verstopten de nazi's Jan Kilinski (1760-1819), met geheven zwaard, in een kelder van Polens Nationale Museum. Kilinski was een schoenmaker (later kolonel) die in 1794 in Warschau een opstand leidde tegen de opdeling van zijn land. Een Russisch regiment werd verslagen, maar Rusland en Pruisen sloegen de opstand later neer, waarop een slachting volgde onder de bevolking. Na Kilinski's verwijdering kliederden padvinders op de muur van het Nationale Museum: ,,Burgers van Warschau, ik ben hier, Jan Kilinski.''

In 1983 werd een standbeeld opgericht voor de jongens en meisjes die tijdens de oorlog hadden meegevochten – van een kleine jongen met een veel te grote Duitse helm en een geweer. Antek Rozpylacz heeft echt bestaan, hij kwam om in de oorlog, maar zijn beeld is niet helemaal historisch verantwoord. Kinderen liepen niet met geweren rond, ook Antek niet, maar meestal met molotovcocktails. De Armia Krajowa had een chronisch gebrek aan wapens.

Een van de weinige beelden die de oorlog overleefde was Syrenka, de kleine zeemeermin. De symboliek van dít beeld ging aan de nazi's voorbij. Syrenka, half-vrouw, half-vis, is gewapend met zwaard en schild. Zij verbeeldt de eeuwige vechtersgeest van de inwoners van Warschau. De legende wil dat een prins eens hopeloos verdwaald raakte tijdens een jachtpartij in het gebied waar nu Warschau ligt en dat een zeemeermin de prins te hulp schoot. Syrenka figureert ook in het stadswapen.

Na de oorlog bleef er controverse over standbeelden bestaan. De joodse opstand van 1943 kreeg wel een monument, maar de opstand van 1944 niet. Tijdens die laatste opstand hadden de sovjets een zeer dubieuze rol gespeeld en het Poolse communistische regime wilde de Russische kameraden niet schofferen. Tijdens de opstand liet Stalin de nazi's genadeloos met de Polen afrekenen. Zo kwam de weg vrij voor een communistisch marionettenregime. In 1989 kwam er alsnog een monument. Te zien is hoe een Poolse opstandeling in een put kruipt. Het riool was tijdens de opstand een communicatielijn en later ook ontsnappingsroute.

Maarschalk Józef Pilsudski (1867-1935), na de paus misschien wel de grootste Pool van de twintigste eeuw, kreeg pas in 1995 een standbeeld. Pilsudski was grondlegger van de Poolse onafhankelijkheid en domineerde het land tot zijn dood. Na de Eerste Wereldoorlog voerde hij een succesvolle oorlog tegen de bolsjewieken, die een brug tussen Moskou en Berlijn wilden slaan, via Polen. Ook dat was later, in het communistische Polen, een taboe-onderwerp.

Tegenwoordig is er nog maar één beeld controversieel: dat van kardinaal Stefan Wyszynski (1901-1981). Hij is voor velen een held, omdat hij de kerk onder het communisme overeind hield en daarmee het gezag van het regime ondermijnde. Maar hij was in geloofszaken recht in de leer. Wyszynski moest niets hebben van joden en homofielen. En daarom moet de kardinaal tegenwoordig tijdens de Gay-parade steevast worden beschermd, door een kordon politieagenten.

Hotels

BELWEDERKSI. Sulkiewicza-straat 11. Ligt vlakbij het prachtige Lazienki-park, waar het beroemde standbeeld van Chopin staat, goede standaard, betaalbaar, een beetje uit het centrum.

EUROPEJSKI. Krakowskie Przedmiescie 13. Hotel met communistisch sfeertje. Enigszins verouderd, wel heel sfeervol, vlakbij de oude stad.

BRISTOL. Krakowskie Przedmiescie 42/44. Zeer chic, helemaal gerenoveerd hotel. Vooral populair bij zakenlui.

Restaurants

TRADYCJA. Belwederska-straat 18a. Ouderwets restaurant met traditionele Poolse gerechten, gevestigd in voormalig kantoor van de KGB.

PROHIBICJA. Podwale-straat 1. Restaurant met een wat stom thema (gangsters), maar met de lekkerste goulash van Warschau, geserveerd op een traditionele aardappelkoek.

SPHINX. Jerozolimskie- boulevard 42. Polens eigen fastfoodketen, maar dan van het superieure soort: heel sfeervol ingericht, uitstekende bediening en een heerlijke kipgiros met kaas.