Alles op zilveren dienblad

Wenen, de hoofdstad van Oostenrijk, heeft voor elk type mens een koffiehuis. Een overzicht.

Een kleine duizend stappen was het van mijn huis in de Laudongasse naar Café Landtmann, een van de mooiste koffiehuizen van Wenen. Gelegen aan de Ring, naast het Burgtheater, tegenover het raadhuis en het parlement, en dichtbij de universiteit en de rechtbank, is Landtmann elk moment van de dag een trefpunt van bestuurders, intellectuelen en mondainen. 's Morgens vroeg zie je er werknemers die vóór kantoortijd even in het deftige koffiehuis neerstrijken voor een Kleiner Schwarzer (espresso), een Kleiner Brauner (espresso met melk) of een Melange (grote espresso met geklopte melk). Kort daarna melden zich de eerste ontbijters, die de tijd nemen voor een van de vele kranten en het zilveren dienblad waarop brood, jam, ei en koffie worden geserveerd door een ober-met-strikje. Vaste gasten worden, zodra ze hun jas hebben afgegeven bij de garderobe, gegroet door het overvloedig aanwezige personeel, sommigen zelfs met naam en toenaam.

Rond tien uur stroomt Landtmann vol met vergaderaars, die deze ambiance prefereren boven een steriel kantoor. In telkens nieuwe golven volgen de lunchers, de theeleuten, de borrelaars, de eters en, ten slotte, de (after-schouwburg) drinkers. Alles in het zeer beschaafde.

Wenen heeft voor elk type mens een koffiehuis. Voor lezers en vergaderaars op fluistertoon is er het prachtige Café Central, in de Herrengasse. Vroeger beroemd om de vele schrijvers en politici die er kwamen, nu veel bezocht door journalisten en ambtenaren. Theodor Herzl, de grondlegger van het zionisme, was er ooit stamgast, net als Sigmund Freud. Adolf Hitler trachtte er, volgens de overlevering, ooit zijn aquarellen aan de man te brengen.

Café Sperl, vlakbij de Naschmarkt, trekt een soortgelijk publiek, zij het wat minder upperclass. Voor intellectuelen, kunstenaars en studenten met heimwee naar de jaren '60 is er Hawelka, in de smalle Dorotheergasse, niet ver van de Stephansdom. De inmiddels hoogbejaarde eigenaar, Leopold Hawelka, begroet je meestal bij de deur en wijst je een plaats. Dat is niet helemaal overbodig, want 's avonds is het propvol aan de pietepeuterige tafeltjes in Hawelka, wat hier de gezelligheid ten goede komt. Voor liefhebbers van jaren '50 interieurs heb je Prückel, aan de Ring, tegenover het Museum voor Toegepaste Kunst. Voor de gezellige koffiedrinker, die even wil uitrusten van een stadswandeling, is Griensteidl, aan de Michaelerplatz, ideaal.

Daarmee heb je de grootste namen onder de Weense koffiehuizen wel gehad, al mogen Schwarzenberg, het oudste koffiehuis aan de Ring, en Café Museum, een tegenwoordig wat verlopen ontwerp van Adolf Loos, niet ongenoemd blijven. Hetzelfde geldt voor Hotel

Sacher, bij de Opera, en banketbakkerij Demel, aan de Kohlmarkt, twee op en top Weense zaken, die al ruim honderd jaar in een strijd verwikkeld zijn over de vraag wie nu de Enige Echte uitvinder van de Sachertorte is.

Demel, het best te omschrijven als een chique tearoom, scoort hoog in de categorie `spectaculaire etalages': de meest fantastische creaties van chocola, marsepein en andere zoetwaren worden hier tentoongesteld.

De meeste koffiehuizen in Wenen dateren uit de tweede helft van de 19de eeuw. Daarmee zijn ze niet de oudste in West-Europa: Londen en Venetië hadden al veel eerder koffiehuizen. Hun aantal is in de 20ste eeuw sterk achteruitgegaan. Had Wenen vlak voor de Tweede Wereldoorlog nog bijna 1300 koffiehuizen, anno 2004 zijn het er nog maar een paar honderd. De huren in de binnenstad zijn te hoog geworden om klanten uren achtereen ongestoord achter één kopje koffie te kunnen laten zitten, zoals gebruikelijk in Wenen, en de klant zelf heeft te veel haast gekregen om lang te kunnen verwijlen in een koffiehuis. Om die reden rukken ook in Wenen de snelle take away koffiebarketens op.

Maar de echte liefhebber van dit oer-Weense fenomeen laat zich niet van de kaart brengen door dergelijke ontwikkelingen. Die organiseert zijn dag gewoon om het kopje koffie, het glaasje water en de krant in zijn koffiehuis heen. Hij kan niet anders. Waar anders zou hij moeten lezen, schrijven, studeren of denken? Een bezoek aan een koffiehuis is onderdeel van de Weense lifestyle. Of zoals de dichter Alfred Polgar in 1926 schreef: ,,Een koffiehuis is een plek voor mensen die alleen willen zijn, maar daar gezelschap bij nodig hebben.''

Hotels

zijn te vinden op www.book-a-hotel-in-vienna.com

Koffiehuizen

LANDTMANN Dr. Karl Lueger Ring 4

CONDITOREI DEMEL Kohlmarkt 14

HOTEL SACHER Philharmonikerstr. 4

CAFÉ HAWELKA Dorotheergasse 6

CAFÉ MUSEUM Friedrichstr. 6

CAFÉ CENTRAL hoek Herrengasse/Strauchgasse

CAFÉ SPERL Gumpendorferstr. 11

CAFÉ SCHWARZENBERG Kärntner Ring 17

CAFÉ PRÜCKEL Stubenring 24

CAFÉ GRIENSTEIDL Michaelerplatz 2