Toneel Speelt dreigt met einde gezelschap

Het Amsterdamse toneelgezelschap Het Toneel Speelt dreigt zichzelf op te heffen als de overheid de subsidie niet verhoogt tot minstens 500.000 euro. Volgens directeur Ronald Klamer kan zijn gezelschap – dat theaterhits als Cloaca en Familie produceerde – niet bestaan zonder grotere steun van de overheid.

Het Toneel Speelt krijgt nu een subsidie van 1,8 ton euro. Klamer had een verhoging gevraagd naar 1,7 miljoen om een kweekvijver voor toneelschrijvers aan te leggen. De Raad voor Cultuur oordeelde maandag echter negatief over dit plan en vond een verhoging naar 3 ton voldoende.

Het Toneel Speelt werd in 1996 opgericht om ongesubsidieerd Nederlands repertoire te brengen. De verliezen per voorstelling waren echter zo hoog – gemiddeld drie ton – dat de groep na drie jaar aan de grond zat. Volgens Klamer komt dat ook doordat hij in de schouwburgen oneerlijke concurrentie krijgt van de grote gesubsideerde gezelschappen.

Door steun van Joop van de Ende (5 ton euro), het rijk en de Amsterdamse Stadsschouwburg kon de groep toch voortbestaan. Verder had Klamer enkele grote hits als Maria Goos' Cloaca en Familie om de tekorten te dekken. Klamer: ,,maar ik kan geen Cloaca per jaar garanderen. Ik ben geen succesfabriek. Blijkbaar is de raad niet geïnteresseerd in nieuwe Nederlandse toneelschrijvers.''

Volgens Klamer wordt de houding van de raad treffend getekend door een der leden die het gezelschap smalend ,,die commerciëlen'' noemde. Klamer hoopt dat staatssecretaris Medy van der Laan (Cultuur) zich nog bedenkt. Als het gezelschap wordt opgeheven, staan zes mensen op straat.