Frankrijks financiën als politiek breekijzer

In Frankrijk stijgen de werkloosheid, de staatsschuld en het begrotingstekort, op straat protesteren tienduizenden tegen de hervormingen van de sociale zekerheid. Nicolas Sarkozy is minister van Financiën geworden om vandaar uit een gooi te doen naar het presidentschap.

Vandaag en morgen bezoekt Nicolas Sarkozy, de Franse minister van Financiën, Washington. Waarom? Gewoon, voor een bijeenkomst met zijn collega's van de G7, de groep van meest geïndustrialiseerde landen ter wereld, en voor lente-overleg met het Internationale Monetaire Fonds en met de Wereldbank. Normale agendapunten, behorend bij zijn ambt.

Maar geldt dat ook voor zijn programma van vanmiddag? Sarkozy begint zijn verblijf in de Amerikaanse hoofdstad met een lunch-debat met het American Jewish Committee. Wekt dat al bevreemding, de afspraken met respectievelijk Condoleezza Rice, adviseur voor de nationale veiligheid van het Witte Huis, en met Colin Powell, de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, zijn ronduit provocerend. Wat mag daarvan de bedoeling zijn?

Inderdaad: provoceren. Nicolas Sarkozy koestert openlijk en tot grote ergernis van president Jacques Chirac, zijn partijgenoot bij de rechts UMP, presidentiële ambities. Tijdens het scheren denkt hij aan de volgende presidentsverkiezingen, zo bekende hij een tijdje terug brutaalweg. Hoe kwader Chirac daarover wordt, hoe beter.

Na de verpletterende nederlaag van Chiracs partij UMP bij de regionale verkiezingen van vorige maand dirigeerde de Franse president zijn minister van Binnenlandse Zaken, Nicolas Sarkozy, naar het ministerie van Financiën. Dank zij een streng anti-criminaliteitsbeleid (en een uitgekiende media-strategie) was Sarkozy in nog geen twee jaar razend populair geworden en uitgegroeid tot de enig overgebleven hoop van rechts. Zelfs Chiracs echtgenote Bernadette had hem, net registreerbaar voor een microfoon, tijdens de campagne voor de regionale verkiezingen toegefluisterd: ,,Gelukkig hebben we u!''

Wat kon de president beter doen dan zo'n geduchte rivaal isoleren op Financiën? De werkloosheid en de staatsschuld stijgen, evenals het begrotingstekort, hervormingen van het sociale zekerheidsstelsel doen maandelijks tienduizenden de straat opgaan. Geen wonder dat de nieuwe minister van Financiën als enige van de 43 ministers tellende nieuwe regering van premier Jean-Pierre Raffarin, tevens benoemd werd tot minister van Staat.

Was Chiracs strategie van meet af aan duidelijk, die van Sarkozy tekent zich nu pas af. Inderdaad, de financiën van de Franse overheid staan er beroerd voor – maar Sarkozy maakt dat juist tot zijn kracht. ,,Ik wil de beste man op de moeilijkste plaats'', had de president tegen hem gezegd, zo verklapte de minister frank en vrij na zijn benoeming. Daar had hij in alle bescheidenheid weinig tegenin kunnnen brengen.

Het was een voorbode van de politieke list, die Sarkozy heeft uitgestippeld. Op het gebied van veiligheid en misdaadbestrijding kan hij moeilijk ruzie maken met Chirac, maar het beheer van de staatskas biedt tal van aanleidingen. Op een gelegen moment met de deuren slaan en opstappen: dat is volgens naaste medewerkers die worden aangehaald in het satirische en doorgaans goed geïnformeerde weekblad Le Canard Enchaîné nadrukkelijk de bedoeling van de minister.

Financiën als politiek breekijzer: ieder acht uur-journaal draagt argumenten aan voor die analyse. Sociaal- en financieel-economische records worden bij voortduring gebroken, in negatieve zin. De staatsschuld bedraagt op dit moment meer dan duizend miljard euro, bijna 65 procent van het bbp, meer dan zestienduizend euro per hoofd van de bevolking, baby's meegerekend. Voor de eerste keer in tien jaar ging in Frankrijk vorig jaar, met 67.000 banen, werkgelegenheid verloren. Het banenverlies wordt vooral veroorzaakt door de inkrimping van het ambtenarenapparaat, maar ook door de verplaatsing van productie naar lage lonen-landen.

Deze combinatie heeft de werkloosheid vorig jaar doen stijgen tot 9,9 procent, tegen de magische tweecijfergrens aan, zo maakte Insee, het nationale bureau voor statistiek, deze week bekend. Afgezet tegen het aantal werklozen van 2.707.000 eind december betekent dat een toename in 2003 van 183.000 werkzoekenden.

De werkloosheid houdt direct verband met een andere tegenvaller die de regering-Raffarin vorige week te verwerken kreeg. De rechtbank van Marseille stelde 35 `herberekende' werklozen in het gelijk in de rechtszaak die zij wegens `contractbreuk' hadden aangespannen tegen de Unedic, het door werkgevers- en werknemersorganisaties beheerde orgaan dat zorg draagt voor de betaling van werkloosheidsuitkeringen. Volgens een in 2002 gesloten akkoord tussen de sociale partners werd de uitkeringsperiode teruggebracht van dertig naar drieëntwintig maanden. De rechters in Marseille hebben alsnog een streep door het akkoord gehaald.

Als alle 256.000 uitkeringsgerechtigden die per 1 januari `vroegtijdig' hun uitkering verloren, in het gelijk worden gesteld, dan kost dat Unedic twee miljard euro extra. Tot 2005 gaat het nog eens om 600.000 andere uitkeringsgerechtigden. Omdat Unedic nu al kampt met een tekort van 7 miljard euro, vrezen vakbonden dat het hele systeem bezwijkt. Unedic staat weliswaar op afstand van de overheid, maar die zal uiteindelijk toch moeten ingrijpen.

De situatie in de gezondheidszorg is niet minder alarmerend. Begin volgende maand presenteert de verantwoordelijke minister Philippe Douste-Blazy zijn politiek zeer gevoelige voorstellen om de tekorten van het ziektekostenstelsel terug te dringen. De minister heeft al hardop voorgerekend dat het `diepzee-achtige' tekort niet alleen twaalf miljard euro beloopt, maar ook dat het neerkomt op `meer dan vierhonderd euro per huishouden per jaar' en dat het toeneemt met een `verschikkelijke' 23.000 euro per minuut. De minister wil het hele ziektekostenstelsel reorganiseren; deze zomer moet de hervorming klaar zijn.

De onvermijdelijke kostenbesparingen staan intussen op gespannen voet met de noodklok die driehonderd ziekenhuisarsten deze week in Le Monde luidden. Wil de traditioneel excellente Franse ziekenzorg in stand worden gehouden, dan moet er juist geld en mankracht bij, zo luidt hun boodschap. De herinnering aan de vijftienduizend doden tijdens de hittegolf

vorige zomer zet hun oproep kracht bij.

Het is nog niet alles. Sinds de nederlaag bij de regionale verkiezingen liggen problemen die al opgelost leken, opnieuw op het bord van de regering en zijn doorgevoerde hervormingen teruggedraaid. Dank zij Jacques Chirac, degene die vóór de verkiezingen juist opdracht had gegeven tot de hervormingen. Alleen de hervorming van het pensioenstelsel kon in zijn ogen genade vinden, zo gaf hij glashard te kennen in een, na de nederlaag onafwendbaar geworden interview. Zijn trouwe zetbaas Jean-Pierre Raffarin viel hij genadeloos af. Diens nieuwe, derde regering moest volgens het staatshoofd een `socialer' en `rechtvaardiger' beleid gaan voeren.

De presidentiële oekaze betekende dat de protesten van iedereen die gekort, wegbezuinigd of anderszins slachtoffer was geworden van pogingen van Raffarin-II om het begrotingstekort terug te dringen, alsnog gehonoreerd werden. De wetenschappelijke onderzoekers, die voor de verkiezingen vergeefs massaal de straat op waren gegaan en zelfs collectief ontslag hadden aangevraagd, kregen als bij toverslag alsnog hun zin. Hetzelfde lijkt het geval voor de tijdelijke contractanten in de culturele sector, de intermittents, die al een jaarlang actie voeren tegen een versobering van hun werkloosheidsregeling en daarmee complete festivals onmogelijk hebben gemaakt. `Hun' minister deed hen deze week, de dag nadat ze de uitreiking van de jaarlijkse toneelprijzen de `Molières' onmogelijk hadden gemaakt, toezeggingen voor een soepeler regeling.

Dat gaat allemaal geld kosten en intussen blijft de economische groei voortdurend achter bij de hoopvolle voorspellingen van premier Raffarin. Het vertrouwen van de consument, in Raffarins ogen de voornaamste motor van groei, is opnieuw gedaald, nu met 1,4 procent. De enige sector die niet in de mineurstemming deelt is de vastgoedmarkt, waar de prijzen dankzij de lage rente nog steeds tot twaalf procent per jaar stijgen. Maar met het oog op de `sociale samenhang', Chiracs thema van de nieuwe regeerronde, is ook dat geen onverdeeld goed bericht, omdat eruit blijkt dat het aanbod en de woningbouw dramatisch achterblijven bij de vraag.

Het zijn welhaast ideale omstandigheden voor een minister van Financiën met de politieke agenda van Nicolas Sarkozy. Niemand kan hem euvel duiden dat hij harde noten gaat kraken. Op het moment dat dagblad Le Monde de prognoses van het begrotingstekort bekendmaakte – 4,1 procent dit jaar, 4 procent volgend jaar – beweerde hij stoutmoedig het begrotingstekort voor volgend jaar onder de drie procent terug te zullen dringen. Ter vervulling van deze dringende eis van het Europese Stabiliteitspact, door de meeste economen voor onmogelijk gehouden, zei Sarkozy ook dreigend dat er wat hem betreft `geen taboes' zou zijn. Zo verordonneerde hij deze week dat er `geen euro méér' mag worden uitgegeven dan de vorige herfst door het parlement goedgekeurde begroting ter hoogte van 283,7 miljard euro. In de praktijk komt dat neer op een bezuinigingsronde van ruim zeven miljard euro.

Iedere minister moet inschikken – alleen de ministeries van Onderzoek, Cultuur en Buitenlandse Zaken worden ontzien. Daarbij blijft het niet, gaf Sarkozy te kennen. Buitenlandse Zaken wordt uitsluitend gespaard, omdat de president dat heeft geëist in een hoogst ongebruikelijke brief op poten aan premier Raffarin. Het ministerie beheert niet alleen het tweede (op dat van de Verenigde Staten na) grootste diplomatieke netwerk ter wereld, het is ook de uitvoerder van de buitenlandse politiek, het persoonlijke domein van een Frans staatshoofd. Ook Defensie kreeg van Sarkozy een bezuiniging opgelegd van één miljard euro. Hij vond dat het voortaan zelf moet opdraaien voor de onvoorspelbare kostenpost van vredesmissies. Voor minister Michèle Alliot-Marie was dit vloeken in de kerk. President Chirac heeft sinds zijn herverkiezing in 2002 van een systematische verhoging van het defensiebudget zijn stokpaardje gemaakt.

Gisteren werd duidelijk dat de deur van het ministerie van Financiën nog niet hoeft (of kan) worden dichtgeslagen. Premier Raffarin, die zichzelf voor de gelegenheid tot `scheidsrechter' uitriep, verklaarde dat Defensie niet onder de bezuiniging uitkomt. Hij zei er niet bij dat het daarmee in de wedstrijd Sarkozy-Chirac 1-1 staat.