Doemdenker, dat is toch prachtig?

Kees van Kooten kreeg gisteren de Gouden Ganzenveer uitgereikt. Verdiend, volgens de jury. Zelf twijfelt hij.

,,Zo is het genoeg'', Kim van Kooten draait zich resoluut weg van de fotografen en cameramannen die een mooi plaatje proberen te schieten van de actrice en haar zoon Roman (geboren op Goede Vrijdag). Opa Kees van Kooten bekijkt het schouwspel trots en minzaam. De rollen zijn in een paar jaar omgedraaid: eerst was zij `dochter van', nu is hij `vader van'.

Want eigenlijk ging het gistermiddag om opa Kees. In de chique ambiance van het Amsterdamse hotel The Grand kreeg Kees van Kooten de Gouden Ganzenveer 2004 uitgereikt, vanwege zijn ,,grote betekenis voor het geschreven en gedrukte woord in Nederland''. Een erg grote eer – eerdere winnaars waren Michaël Zeeman en Jan Blokker – vindt de schrijver en televisiemaker. ,,Ik voel me een beetje alsof ik Klaas Wilting ben en dan de Nobelprijs voor de vrede krijg.'' De Academie van de Gouden Ganzenveer, een verzameling toppers uit bedrijfsleven, kunsten en politiek, liet er echter geen twijfel over bestaan dat Van Kooten de onderscheiding zeer verdient. In de lofrede constateerde Schiphol-directeur Cerfontaine dat ,,literaire humoristen maar zelden worden geprezen'' en vervolgens prees hij Van Kootens ,,veelzijdigheid, productiviteit en taalinventiviteit''.

Als schrijver is Van Kooten inderdaad verantwoordelijk voor aardig wat nieuwe woorden, en een kleine steekproef onder de genodigden levert een aardig rijtje Kootismen op. Remco Campert beschouwt `regelneef' als Van Kootens oerwoord. ,,Dat hij zijn woorden op de televisie gebruikte, heeft natuurlijk geholpen bij de verspreiding ervan. Maar dat ze vervolgens ook beklijven, komt doordat hij in zo'n gebruikswoord perfect samenvat wat er in de tijd leeft.''

Favoriet Kootwoord van Marijke Spies, voorzitter van de Vereniging voor Letterkundigen, is `treitertrend'. PvdA-Kamerlid Jeltje van Nieuwenhoven kiest het woord `modermismen'. Typograaf Ewald Spieker, met wie Van Kooten het boek Letterlust maakte, heeft een persoonlijke band met `letterheer'. ,,Dat is toch veel mooier dan typograaf?'' Jan Mulder moet lang nadenken, maar kiest dan het misschien wel belangrijkste neologisme van Van Kooten: ,,Doemdenker, dat is toch prachtig?''

Eerder op de middag waren in de vergaderzaal van het voormalige stadhuis de laureaat en de leden van de Gouden Ganzenveer-Academie met elkaar in gesprek over de `kleine dingen', waar Van Kooten zo'n scherp oog voor heeft. Hij vormt vaak een ergernis om tot een reeks humoristische observaties. Zo werd zijn irritatie over de laconieke houding van fotoredacties op kranten, omgevormd tot de signalering dat er zoveel `vreemde handen' op portretten staan. Hij toont een foto van Ayaan Hirsi Ali, met een anonieme hand op haar schouder. Andere ergenisjes van Van Kooten: dat agenten tegenwoordig met hun handen in hun zakken patrouilleren, dat er te veel `woede' en `bloedhekel' in de kranten staat en tot slot zelfs literaire publicaties lijden onder toegenomen schermblindheid.

Schermblindheid veroorzaakt een hoop fouten. Van Kooten wijst op Hafid Bouazza's laatste roman Paravion, waar op pagina 5 al een zin staat waarin zowel `in dergelijke gevallen' staat, als `in zulke gevallen'. Aan het einde van de middag leest Van Kooten zijn opstel een nederhekel hebben voor, dat eindigt met de voorspelling dat hij zich zal terugtrekken in een boomhut in het smulbos, en voortaan alleen nog zal voorlezen aan kleine kinderen ,,over kikkers met gouden veren''.

De discussie met de Academieleden vond Van Kooten leuk, meldt hij na afloop. ,,Er kwam veel uit. Wat mij opviel was de acceptatie die er kennelijk bestaat voor het feit dat Nederlandse agenten de handen in hun zakken houden. In Frankrijk, waar ik regelmatig kom, wekken de pompiers een veel paratere indruk.'' Desgevraagd geeft Van Kooten (1941) grif toe dat zijn leeftijd een belangrijke oorzaak van dit soort observaties is. ,,Ik ben oud. Henk Hofland schreef eens dat het hem verbaast dat mensen tegenwoordig al lopend eten en drinken. Dat heb ik nu met die agenten.''

Van Kooten mag als winnaar van de Gouden Ganzenveer een tentoonstelling inrichten in het museum Meermanno in Den Haag, maar zal geen gebruik maken van die uitnodiging. ,,Ik heb het veel te druk.'' Met Josse de Pauw – ,,hij op sax, ik op trombone''– maakt Van Kooten een tournee door België, en onlangs las hij het sprookje De Nachtegaal van Andersen, op muziek van Theo Loevendie voor aan tweeduizend kinderen. ,,Nu hebben ze gevraagd of ik niet een libretto wil schrijven. Dat lijkt me geweldig.'' In de planning ligt ook een nieuw kinderboek. ,,Nu ik een kleinzoon heb, kan ik mooi op hem oefenen.''