Ook modelbouwer treurt om Orion

Met het sluiten van vliegkamp Valkenburg en het verkopen van tien Orions gaat veel kennis en nuttige arbeid verloren, zo houden militaire experts de politiek voor.

Een lange stoet donkerblauwe uniformen op de roltrap van het Binnenhof: het personeel van de Groep Maritieme Patrouillevliegtuigen (Marpat) was gisteren ruim vertegenwoordigd bij de hoorzitting van de vaste Kamercommissie van Defensie over de voorgenomen sluiting van vliegkamp Valkenburg. Aandachtig, maar zeer gedisciplineerd volgden de mannen op de publieke tribune de gebeurtenissen van gistermiddag. Alleen na het emotionele betoog van adjudant Jef Stassen, voorzitter van de medezeggenschapscommissie van het vliegkamp, om een eigen reddingsplan ,,tenminste een kans'' te geven, barstte een kort applausje los. Verschillende Kamerleden klapten mee.

Defensie kampt met enorme bezuinigingen. De tien Nederlandse P3-C Orion maritieme patrouillevliegtuigen moeten worden verkocht en hun basis, vliegkamp Valkenburg bij Leiden, moet worden gesloten, zo heeft minister van Defensie Kamp beslist. Maar de Tweede Kamer twijfelt nog. Vorig najaar stemde een Kamermeerderheid in met een motie van het VVD-Kamerlid Van Baalen, die de minister opdroeg te onderzoeken welke alternatieven er zijn voor de kustwachttaken van de Orions in Nederland en de Antillen, of Valkenburg commercieel rendabel gemaakt kon worden door het toelaten van civiele vluchten en of de exploitatiekosten van de Marpat door internationale samenwerking kunnen worden verlaagd. Bovendien besloot de Kamer tot een openbare hoorzitting, waarbij een groot aantal deskundigen zou worden gehoord.

De hoorzitting van gistermiddag leverde een breed scala aan argumenten en belangen op: van de dreiging van onderzeeboten van schurkenstaten rond de evenaar tot de slinkende mogelijkheden voor de modelbouwvliegerij in Zuid-Holland, van de internationale strijd tegen het terrorisme tot de plannen van het samenwerkingsorgaan Duin- en Bollenstreek. Daarbij werd nog eens duidelijk dat de sluiting van het vliegkamp, op een van de dichtstbevolkte plekken van de Randstad, niet louter en alleen een militaire kwestie is. Zo slaagden de burgemeesters van Leiden, Katwijk en Valkenburg er nauwelijks in de onderlinge onenigheid over de uitbreidingsplannen van Leiden, dat graag wil bouwen op de vrijgekomen locatie, te verbergen.

Duidelijk werd ook dat er met het opdoeken van de Orions een belangrijke militaire capaciteit verloren gaat. Adjudant Stassen toonde de Kamerleden geklassificeerde luchtfoto's die een Nederlandse Orion in maart maakte van de onlusten tussen Albanezen en Serviërs in de Kosovaarse stad Mitrovica. Zowel prof. Rob de Wijk van het instituut Clingendael als de Amerikaanse overste b.d. James Monroe benadrukte dat er op dit moment grote internationale behoefte bestaat aan luchtverkenning. Het argument van Kamp dat er op termijn alternatieven, zoals onbemande vliegtuigen, voorhanden zullen zijn, veegden ze van tafel. De militaire experts hadden daarbij opvallend veel kritiek op de nadere studies die Kamp in februari naar de Kamer stuurde. Daarin werd gesteld dat er eigenlijk geen alternatieven zijn voor het opheffen van de Marpat. ,,Doelredeneringen'' noemde oud-commandant van Valkenburg kolonel ter zee b.d. J. Goemans deze studies. Zo studeerde Defensie alleen op samenwerking met de Duitsers, en liet andere mogelijkheden, zoals coöperatie met Noorwegen, buiten beschouwing. Adjudant Stassen van de medezeggenschapscommissie verklaarde dat ,,hoge defensiefunctionarissen'' in Duitsland zeer geporteerd waren van samenwerking, maar van Nederland te horen hadden gekregen dat alleen verkoop een optie was. De conclusie van Defensie dat de Orions niet meer nodig zijn, is ,,aantoonbaar onjuist'', zei De Wijk. ,,Kamp moet gewoon zeggen dat het besluit om de Marpat op te heffen is ingegeven door financiële randvoorwaarden.''

Volgende week vergadert de Kamer over de kwestie.