De tijd van Zenobia is voorbij in Syrië

Ook in het officieel seculiere Syrië is de positie van de vrouw inferieur aan die van de man, net als in veel andere Arabische landen. De staat heeft gecapituleerd voor de traditie.

De schellen vielen de Syrische actrice en cineaste Waha al-Raheb van de ogen. Voor haar documentaire `Onze grootmoeders' trok Raheb, die zelf in een rijke buurt van Damascus woont, naar het platteland van Noord-Syrië om te kijken hoe vrouwen daar leven. ,,Om vijf uur staan de vrouwen op om op de velden te gaan werken. De mannen doen niets, maar zij zijn het wel die het geld opstrijken. Ze zeggen: mijn vrouwtje werkt voor me.''

Even zucht ze. ,,Als een meisje gaat trouwen, krijgt haar vader een bruidsschat. Maar in plaats van over het geluk van het meisje te denken is hij alleen bezig met het geld. Zal ik er een auto voor kopen of toch maar een nieuwe echtgenote, vraagt hij zich af.'' Waha al-Raheb wijst op de afbeelding die aan de muur van haar huis in Damascus hangt. Het is Zenobia, de roemruchte Syrische koningin van Palmyra die in de derde eeuw na Christus de Romeinse legioenen in de pan hakte. Maar in het huidige Syrië is de tijd van Zenobia voorbij: de Syrische vrouw, aldus de cineaste, is van koningin tot slavin geworden.

Syrië is niet het enige land in het Midden-Oosten waar de positie van de vrouw inferieur is. In Saoedi-Arabië zijn man en vrouw in de publieke ruimte zoveel mogelijk gescheiden en in de meerderheid van islamitische landen is polygamie toegestaan. In het actieplan van de Verenigde Staten voor de hervorming van het Midden-Oosten is verbetering van de positie van de vrouw dan ook een speerpunt voor de ontwikkeling en democratisering van het gebied. Een goed principe, vindt Waha al-Raheb. ,,Iedereen denkt altijd dat als de maatschappij zich ontwikkelt, de vrouw zich ook ontwikkelt. Maar het is precies andersom: pas als de vrouw een stap vooruit zet, doet de maatschappij dat ook.''

Syrië is een seculiere republiek, waar de overheid groot belang zegt te hechten aan de rechten van de vrouw. Zeker in de steden is het bepaald ook niet zo dat de vrouwen volledig buiten de maatschappij staan, weet de feministische advocate Daad Mousa. In het parlement is, zegt zij, 12 procent van de afgevaardigden vrouw. Dat geldt ook voor 9 procent van de diplomaten en rechters en voor zelfs 15 procent van de advocaten. In de gehele publieke sector vormen vrouwen 27 procent van de werknemers. Het zijn cijfers waar menig Arabisch land trots op zou zijn.

Maar betekent dit nu dat de dames in de Syrische steden zoveel gelukkiger zijn dan die op het platteland? Waha al-Raheb betwijfelt het. ,,Natuurlijk zitten de collegebanken in Damascus vol met vrouwen. Maar als die vrouwen een liefdesaffaire willen hebben, moet het in het geniep. Als ze hun goede naam kwijt zijn, is alles verloren.''

Advocate Daad Mousa geeft gratis juridisch advies aan vrouwen in de problemen en ziet daarom elke dag hoe bijvoorbeeld de Syrische wet vrouwen tegenwerkt. Bijvoorbeeld bij scheiding. ,,Een moslim-man heeft het recht om zomaar te scheiden, hij hoeft het alleen maar te laten registreren. Maar als een vrouw wil scheiden moet ze voor de rechtbank aantonen dat er een reden is. En dat gaat niet zomaar.'' En de scheiding is alleen maar het begin van de ellende, zegt de advocate. In het algemeen krijgt in Syrië de vrouw de kinderen, maar de man het huis. Het gevolg is dat de vrouw met kinderen en al op de stoep van haar ouders staat. ,,Dan zegt de moeder: waarom heb je het zover laten komen? Nu zitten wij met jullie en de problemen.'' Daar komt nog bij dat de moeder dan weliswaar voor de kinderen zorgt, maar dat de vader juridisch verantwoordelijk blijft voor zijn kroost. ,,Zelfs voor een schoolreisje naar Libanon moet de moeder de handtekening van de vader ophalen. Als de man de vrouw wil pesten, ligt daar zijn kans.''

Maar dat is nog niets vergeleken bij de financiële perikelen van een scheiding. In principe moet de vader voor elk kind tien dollar per maand betalen, ook in Syrië een schijntje. Als de vrouw geld wil, aldus Daad Mousa, moet zij eerst via de rechtbanken aantonen dat er ,,geen grond'' was voor de scheiding en dat die dus verwijtbaar is aan de echtgenoot. Daarnaast dient de vrouw aannemelijk te maken dat zij arm is en dat valt in een land als Syrië niet mee. ,,Zij heeft altijd haar familie nog'', zegt de advocate. ,,In Syrië gaat iedereen er van uit dat je familie dan voor je zorgt.''

Maar hoe kon het in een land als Syrië, dat zich ooit afficheerde als socialistische republiek waar het ook voor vrouwen goed toeven was, zo mislopen? Zijn al die opgeleide vrouwen niet in staat om samen een feministische vuist te maken? Daad Mousa lacht alleen al bij de gedachte. Syrië, legt ze dan uit, is zoals zoveel andere landen in het Midden-Oosten een oord waar de staat alles domineert. ,,De Ba'ath-partij heeft vrouwengroepen maar alle Syrische vrouwen wantrouwen die. Voor niet-gouvernementele organisaties (ngo's) is geen ruimte.''

Maar dat zou toch ruimte kunnen bieden voor hervorming van bovenaf? Waha al-Raheb heeft in een ontmoeting met de president, Bahar al-Assad, onomwonden gezegd dat de slechte positie van de vrouw aan de wortel van alle problemen in Syrië ligt. ,,Hij was het met me eens”, zegt ze. ,,Hij wil dat de positie van de vrouw verbetert.'' Maar zelfs de bewegingsmarge van de president is beperkt, want welbeschouwd is het meer de traditie die de vrouw onderdrukt dan de staat. ,,En wat voor vrijheid heb ik?'' klaagt een christelijk meisje dat aan de universiteit heeft gestudeerd. ,,Ik kan niet eens met een moslim trouwen, ook al zou ik dat willen. Als ik thuiskom met een moslim vergeet mijn vader dat hij van mij houdt.''

Zelfs in de wet heeft de staat voor de traditie gecapituleerd. Echtscheiding wordt in eerste instantie afgehandeld door zogeheten religieuze rechtbanken, waarin de diverse geloofsgenootschappen zwaar zijn vertegenwoordigd. In het erfrecht staat zelfs een buiging naar de shari'a, de islamitische wet: ook christelijke meisjes krijgen maar de helft van wat hun broer krijgt. ,,In Syrië volgt iedereen als een schaap de traditie'', zegt Ali (niet zijn echte naam), een moslim die met een christen wil trouwen maar door alle gedoe van de omgeving er van afzag. ,,Hoe krijg je schapen ooit onafhankelijk?''

Waha al-Raheb denkt dat via haar kunst te doen. In haar laatste film, `Dromerige Visioenen', vertelt ze het aangrijpende verhaal van een vrouw die in 1982 na de invasie van Israël naar Libanon trekt om daar te vechten tegen de gehate vijand. Maar haar tocht naar Libanon is tegelijkertijd een vlucht uit de verstikkende patriarchale maatschappij van Syrië. De film (grimmig merkt de cineaste op dat ze zeven jaar met het scenario moest leuren voordat ze financiering vond) eindigt met een scène in een grot waar de hoofdrolspeelster wordt beroerd door een groot licht, dat haar stimuleert de weg van vrijheid en zelfontplooiing te kiezen. Eigenlijk zitten alle Syrische vrouwen in die grot – maar voor hen heeft het licht vooralsnog niet geschenen.