Hackensaw Boys vonken op bühne

Al sinds halverwege de jaren '40 Bill Monroe en z'n Blue Grass Boys het tempo waarin tot dan toe orkestjes met snaarinstrumenten speelden flink opschroefden en zodoende bluegrass uitvonden, is dat in de VS de muziek voor arme blanken. De maatschappij daar mag dan klassenloos heten, bluegrassmuziek komt ten eerste uit het zuiden, en daar wonen de losers van de Burgeroorlog. Ten tweede werd het tot in de jaren '60 vooral gespeeld door en voor arme boerenkinkels. Het is een stigma dat in ons land gelukkig geen rol speelt, maar voor Amerikaanse muzikanten is het natuurlijk altijd een factor geweest die meespeelde. Pas sinds Alison Krauss & Union Station, met hun op alle vlakken superieure techniek en smaakvolle arrangementen, uitgevoerd in bijna academische ernst, lijkt bluegrass (in Amerika) zijn stigma kwijt te zijn. Dat heeft de weg geopend voor The Hackensaw Boys: retro in de keuze van het genre, maar contemporain in de attitude waarmee ze de muziek te lijf gaan, zonder de last van het verleden.

De gisteravond zes man sterke groep speelde de meeste nummers in een tempo en met een energie waar de vonken soms afspatten. Cannonball Brokedown bijvoorbeeld, begon al in een halsbrekend tempo, maar halverwege werd er met speels gemak nog een tandje bijgezet. Nu wil dat soort halsbrekende muzikale toeren nog wel eens ingezet worden om het gemis aan werkelijke artistieke waarde te verhullen, maar dat was gisteravond nooit het geval. Misschien wel het sterkste punt van de Hackensaw Boys – banjo, accordeon, mandoline, contrabas, gitaar, mondharmonica, en een rudimentair trommeltje – is het al spelend verdelen van de taken. Geen ellenlange soli om het publiek te imponeren, maar eerder een virtuoos om elkaar heen buitelen: dixieland voor snaarinstrumenten. Met dit verschil dat de intentie waarmee gespeeld en gezongen werd ervoor zorgde dat het toch voelde als muziek van hier en nu. En dan kwamen daar soms ook nog eens prachtige vierstemmige harmonieën bij die de adrenaline deed stromen. Maar die werd dan weer snel afgebroken door een in een dermate krankzinnig tempo uitgevoerd lied dat de meeste dansende meisjes de vloer ontvluchtten – de enige overlevende werd na afloop door de groep terecht gecomplimenteerd.

Concert: The Hackensaw Boys. Gehoord: 20/4 Q-Bus, Leiden. 22/4 Haarlem, 23/4 Roggel, 25/4 Klaaswaal, 26, 27 en 28/4 Amsterdam, 29/4 Den Haag, 30/4 Rotterdam en Deventer, 1/5 Groningen, 2/5 Leeuwarden, 3/5 Hollandsche Rading.