George Bizos ís de wet in Zuid-Afrika

Een levend monument voor de mensenrechten. De Zuid-Afrikaan van Griekse afkomst George Bizos. Vijftig jaar mensenrechtenadvocaat.

Hij vertegenwoordigde de families van Steve Biko en Chris Hani. Hij redde in 1963 Nelson Mandela niet van levenslang maar wel van de doodstraf. Hij verdedigde diens voormalige echtgenote Winnie meer dan twintig maal en deed de belangrijkste verhoren voor de waarheidscommissie. George Bizos (75), kind van Griekse ouders, is deze maand precies vijftig jaar mensenrechtenadvocaat te Johannesburg, bijna net zo lang als apartheid oud is en nog steeds onvermoeibaar.

Hij is zojuist teruggekeerd uit Zimbabwe, na een rechtszaak van dertien maanden tegen de leider van de oppositie Morgan Tsvangirai, beschuldigd van hoogverraad. Weer speelt hij met de hoogst mogelijke inzet: de doodstraf. En weer zegt de advocaat, net als veertig jaar geleden bij de zaak tegen Mandela, vastberaden dat het niet tot executie zal komen. ,,Ze hebben geen zaak.''

Decennia lang voerde George Bizos voor Zuid-Afrikaanse rechtbanken het woord voor de nabestaanden van politieke activisten die de verhoren in de cel niet overleefden. Decennia lang zag hij hoe rechters de leugens van politiemannen en politici slikten en hun eufemismen voor moord overnamen. Uitgegleden in de douche. Uit het raam gesprongen.

George Bizos streed tegen alle wetten van apartheid en hielp mee bij het schrijven van de nieuwe grondwet toen het systeem eindelijk op zijn rug lag. George Bizos ís de wet, zeggen sommigen van zijn collega's, een levend monument voor mensenrechten.

Maar vraag hem niet om Zimbabwe nu, met het Zuid-Afrika van toen te vergelijken. Dan zegt hij: ,,Er zijn parallellen maar vooral belangrijke verschillen.'' Vraag hem niet of Zuid-Afrika zijn morele gezag verliest, door de mensenrechtenschendingen in Zimbabwe niet openlijk te veroordelen. Dan zegt hij: ,,Harde taal werkt alleen maar contraproductief.''

George Bizos is advocaat, geen activist. Anders dan zijn leermeester in de advocatuur Bram Fischer, die ook Mandela verdedigde, heeft Bizos zich nooit bemoeid met ondergrondse activiteiten tijdens apartheid. Anders dan Bram Fischer heeft Bizos nooit in de gevangenis gezeten voor zijn steun aan de strijd.

Had hij verder moeten gaan dan zijn werk in de rechtbank? ,,Ik heb die vraag vaak aan mezelf gesteld'', zegt Bizos op de negende verdieping van het Bram Fischer Huis in het centrum van Johannesburg. ,,Nelson Mandela heeft me getroost met de woorden: `George, houd je neus schoon. We hebben je nodig.' Maar misschien was dat gewoon een excuus.''

Bizos is de beroemdste Griekse immigrant van Zuid-Afrika. In 1941 sloeg hij samen met zijn vader op de vlucht voor de Duitsers. In een wiebelig bootje voeren ze van het Griekse vasteland naar Kreta, om later via een vluchtelingenkamp in Egypte naar Zuid-Afrika af te reizen. Ze verlieten het centraal station van Johannesburg via een achterdeur omdat de Zuid-Afrikaanse blanken Zuid-Europeanen op de vlucht voor de nazi's als tweederangs blanken beschouwden. Vuilgoed, noemden de Afrikaners hen toen.

De Griekse immigranten in Zuid-Afrika zijn niet de helden uit de boeken van de oudheid die ze zo graag aanhalen. ,,Het is niet aan ons om de slang uit het hol te halen'', citeerden ze een Grieks spreekwoord om hun stilzwijgen over apartheid te rechtvaardigen. ,,Het waren praktische mensen'', zegt Bizos.

Op de universiteit van Witwatersrand in Johannesburg werd hij radicaal. Daar ontmoette hij ook Nelson Mandela en Walter Sisulu, toen nog beginnende advocaten. ,,Zij hebben me geleerd dat de rechtbank, hoe repressief het regime ook is, altijd het laatste forum is voor de onderdrukten. Daar kunnen ze hun stem laten horen aan de wereld.''

Aan het begin van zijn in 1998 verschenen boek Niemand heeft schuld? citeert George Bizos de Tsjechische schrijver Milan Kundera. ,,De strijd van de mens tegen de macht is de strijd van het geheugen tegen het vergeten.'' Vijftig jaar land heeft hij zich verbaasd over het selectief geheugen van sommigen in dit land. Decennia lang konden politiemannen en politici het zich ,,niet precies herinneren'' hoe activisten in de cel aan hun einde waren gekomen. Steve Biko. Mathew Goniwe. Neil Aggett.

En nu, na de derde democratische verkiezingen in Zuid-Afrika ziet hij het land weer wegzakken in amnesie. Vanuit zijn kantoor met uitzicht op de grote boulevards van Johannesburg kan hij de posters zien van de versplinterde oppositie die buiten op de lantaarnpalen hangen. Ze voorspellen de kiezers het einde van de democratie als het ANC met 60 tot 70 procent van de stemmen wint.

,,Alsof ze zich niet herinneren wie die mensen zijn. Alsof ze niet weten welke lange en heroïsche geschiedenis deze partij achter zich heeft liggen voor het vechten voor de democratie.'' Hij heeft wel zorgen, zegt hij, over de miljoenen huizen die het ANC beloofde te bouwen toen het in 1994 aan de macht kwam en het gebrek aan goede wil om de aids-epidemie te bestrijden. ,,Ze hebben veel kostbare tijd verspild.''

Maar voor de Griek is dat niet voldoende reden om pessimistisch te zijn over de toekomst van Zuid-Afrika, na de eerste tien jaar democratie. Pessimisme, zegt hij, hoort bij rechts-extremisten. ,,Ik was optimistisch in de jaren veertig, toen de Nationale Partij aan de macht kwam. Ik was optimistisch toen de onderdrukking in de jaren vijftig begon en in de jaren zestig toen Mandela voor levenslang het gevang in ging. Waarom zou ik nu niet optimistisch zijn, als de geschiedenis me tot nu toe geen enkele reden heeft gegeven de toekomst somber in te zien?''

`Houd je neus schoon. We hebben je nodig'

`Het is niet aan ons om de slang uit het hol te halen'