Srebrenica-vonnis `genuanceerd'

De straf voor Radislav Krstic is in hoger beroep door het Joegoslavië-tribunaal teruggebracht van 46 naar 35 jaar. De reacties variëren.

Openbaar aanklager Carla Del Ponte eiste in 2001 acht keer levenslang tegen de Bosnisch-Servische generaal Radislav Krstic voor zijn rol in de genocide in Srebrenica. In hoger beroep kreeg de nu 56-jarige Krstic 35 jaar. Bij goed gedrag kan Krstic vrijkomen als tweederde van zijn straf erop zit, na 23 jaar. Hij zit sinds 1998 vast, dus zit in 2021 zijn straf erop.

Krstic leidde de Bosnisch-Servische eenheid die in juli 1995 Srebrenica veroverde, het `veilige gebied' dat zou worden beschermd door de Nederlandse VN-militairen. In 2001 kreeg hij een 46 jaar cel voor zijn aandeel in de genocide op ruim 7000 moslims die door de Bosnische Serviërs werden vermoord. Het was de eerste keer dat het VN-hof iemand veroordeelde voor genocide.

In hoger beroep plaatste het hof gisteren kanttekeningen bij de directe betrokkenheid van Krstic. Krstic maakte deel uit van een `gemeenschappelijke criminele organisatie' die zich schuldig maakte aan genocide, maar hij was geen hoofddader. Hij was medeplichtig omdat hij manschappen en materieel beschikbaar stelde. Zonder deze hulp was legerleider Ratko Mladic ,,niet in staat geweest om het plan voor genocide uit te voeren'', aldus de rechters. Zelf heeft Krstic geen bevel gegeven voor de moord en heeft hij er niet direct aan deelgenomen.

,,Een genuanceerd vonnis'', meent de juriste Elies van Sliedregt, specialiste op het terrein van de commandoverantwoordelijkheid. ,,De rechter heeft bepaald dat je medeplichtig bent aan genocide als je kennis hebt van de genocidale opzet van anderen.'' In hoger beroep heeft volgens haar het indirecte bewijs van Del Ponte ,,terecht'' geen stand gehouden.

In hoger beroep heeft het VN-hof bepaald dat er in Srebrenica een genocide, volkerenmoord, heeft plaatsgevonden, het `ultieme delict' in het volkenrecht. Krstic' advocaten vonden dat van genocide geen sprake kon zijn, want de vrouwen en kinderen waren gespaard. Maar als aan een patriarchale samenleving de mannen en jongens worden onttrokken, wordt zo'n gemeenschap uitgeroeid, betoogde aanklager Mark Harmon in 2001. Die redenering is in hoger beroep door het VN-hof overgenomen. De rechtbank ,,noemt de slachting in Srebrenica bij haar gepaste naam: genocide'', aldus voorzitter Theodor Meron.

In Sarajevo werd met gemengde gevoelens gereageerd. ,,Ik dank God voor die uitspraak. Het hof heeft bevestigd wat wij wisten: Srebrenica was genocide'', aldus Kada Hotic, die in juli 1995 haar man, haar zoon en twee broers verloor. Over de vermindering van de strafmaat met elf jaar is zij bitter. ,,Wij zijn gechoqueerd. Hij leidde de slachting. Ik kan deze beslissing niet begrijpen als het doel van het Haagse tribunaal is om een boodschap uit te sturen en toekomstig kwaad te voorkomen.''