`Mijn komst naar hier was noodzakelijk'

Gisteren getuigde Sabine Dardenne (20) over de 81 dagen die Marc Dutroux haar vasthield. Een deel van haar verhoor.

Ze sprak snel, soms zenuwachtig lachend, soms verbitterd grijnzend. Zo'n veertig minuten lang bracht Sabinne Dardenne, de kroongetuige op het proces-Dutroux, haar verhaal in de rechtszaal. Ze was 12 jaar toen ze op 28 mei 1996 werd ontvoerd, opgesloten en misbruikt. Nu is ze 20.

Voorzitter Goux: ,,Zweert u dat u hier zonder haat en zonder vrees zal spreken en dat u de hele waarheid en niets dan de waarheid zal zeggen?''

Sabine Dardenne: [Luid, met bevende stem] ,,Ik zweer het.''

,,U bent geen familie van de beklaagden en niet in hun dienst?''

[Grinnikend] ,,Helemaal niet.''

,,Kan u zeggen hoe u op 28 mei 1996 ontvoerd werd?''

,,Ik reed 's morgens om 7.30 uur met de fiets naar school. Ik was nog maar aan het begin van de Rue du Stade. Ik had niets in de gaten. Iemand trok me plots van mijn fiets en duwde me in een bestelwagen. Een tweede man nam mijn fiets en schooltas. Ik vroeg aan Dutroux: `Wat is er hier aan de hand'.''

,,Na een tijdje stopte de bestelwagen in Marcinelle.''

,,Net voor we daar aankwamen, dwongen ze mij in een kleine metalen kist te kruipen. `Die kist is veel te klein', dacht ik. Ik ben bang in een kleine ruimte. Ze sloten het deksel. Ik riep: `Ik ga sterven!' Toen we in het huis binnen waren, mocht ik uit de kist. Later zijn we naar de eerste verdieping van het huis gegaan. Hij heeft me naakt op het bed gelegd en me aan het bed vastgeketend met een ketting om mijn nek. Ik zei dat de ketting te nauw rond mijn hals was aangespannen. Hij zei dat hij er zijn hand nog kon tussensteken. Ik vroeg waarom ik niet naar school mocht.

,,Heeft hij geantwoord?''

,,Ja.''

,,Wat heeft hij gezegd?''

,,Dat hij mijn leven gered had. Dat zei hij. Hij zei dat hij me uit de klauwen van een boosaardige `chef' had gered. De chef zou van plan geweest zijn mij om te brengen uit wraak op mijn vader waarmee hij in de tijd dat mijn vader nog agent was, problemen had gehad. Marc Dutroux zei: `Ik ben je vriend'.''

,,Liet hij u met rust?''

,,Neen, hij viel me vanaf de eerste dag lastig.''

,,We hebben hier vorige week fragmenten uit uw dagboek en uw brieven gehoord. We weten uit uw geschriften hoe u seksueel misbruikt werd. U mag erover praten als u wil, maar u moet niet. U blijft bij uw getuigenis uit de dagboeken?''

,,Wat in mijn dagboek en brieven staat beschreven, is niets dan de waarheid.''

,,Hij heeft u gezegd dat hij u opsloten in de kooi om u te beschermen tegen de chef? U hebt ooit `merci' tegen hem gezegd.''

,,Natuurlijk. Ik was tevreden. Ik dacht: `Hier gaan ze me nooit vinden.' Ik had mijn boekentas meegenomen in de kooi. Ik had mijn cursussen en mijn schoolagenda. Ik had een computerspelletje. Zo organiseerde ik mijn dagen. Nadat ik al mijn cursussen had doorgenomen, stelde hij me voor een brief te schrijven naar mijn ouders.''

,,Dutroux liet u soms enkele dagen alleen. Wat at u dan?''

Hij liet conserven achter, melk, oud brood. Later kreeg ik een waterkoker. Ik kreeg geen hap door mijn keel. Ik kreeg de dozen niet open. Ik lustte het toch niet. Ik had buikpijn van al die melk. Ik leefde op koffie en nicnacs [koekjes, red.].

,,Klaagde u dan niet?''

,,Ik klaagde de hele tijd. Hij trok er zich niets van aan. Voor mij was het een man met twee gezichten. Het was een vriend die me eten bracht, maar ook iemand die me bepotelde.''

,,De kooi had naast een zware poort ook een traliehek. Sloot hij het hek?''

,,Nooit. Ik heb eens geprobeerd de poort open te duwen. Ze ging maar een klein beetje open. Hij is toen heel boos geworden omdat ik ongehoorzaam was aan mijn beschermheer. Na een tijdje verveelde ik me. Ik had alle cursussen gelezen. Ik had het hele huis gepoetst. Ik had zin in gezelschap. Ik heb zelf om een vriendinnetje gevraagd. Maar ik wist niet dat hij iemand zou ontvoeren en van haar gezin ontrukken. Hij praatte de hele tijd over mijn ouders. Hij had het over het losgeld dat ze niet wilden betalen. Op een dag mocht ik naar boven, naar de eerste verdieping. Ik werd er voorgesteld aan Laetitia. Ze was beduusd en verdoofd. We waren beiden erg licht gekleed. Het was voor ons twee een genante situatie. Marc Dutroux zei: `Hier is het vriendinnetje waar jij om vroeg.' Na drie dagen kwam Laetitia bij me in de kooi. Dutroux kwam ons halen als hij ons nodig had. De kelder was veel te klein voor ons beiden. Muur, Laetitia, Sabine, muur. We praatten veel. `Ze zijn op zoek naar jou', zei Laetitia. Ik geloofde haar eerst niet. `Echt waar, ze zoeken je!', zei ze.

,,Dat stelde u gerust?''

,,Ja, maar pas na een tijdje.''

,,Hoe lang zaten jullie samen in de kooi?''

,,Drie dagen. Op 15 augustus [toen ze bevrijd werden, red.] hoorde ik lawaai. Ik was doodsbang. Ik dacht: `Nu komt de chef me halen. Nu ben ik eraan.' Anderhalve maand had hij me in het hoofd geprent: `Pas op. Ze komen je doden.' Toen ik iets hoorde, zei ik aan Laetitia: `Kom we verstoppen ons.' Ik was te bang om naar buiten te gaan. Tot Dutroux riep zoals hij altijd riep: [doet een flemend stemmetje na]: `Ik ben het. Kom maar naar buiten.' Laetitia herkende een agent uit Bertrix. Zo heeft ze me overtuigd uit de kooi te stappen. Anders had ik het niet gedurfd.''

,,Anders niet?''

,,Neen. [cynisch]. Ik was zot genoeg om te geloven dat hij mijn redder was.''

,,Het leven dat toen begon, moet psychologisch niet gemakkelijk geweest zijn.''

,,In het begin was het erg zwaar. Ook voor mijn familie. Uitgaan betekende voor mij omringd worden door vijftig kameraden. Ik wilde met niemand praten over wat er gebeurd was. Later hebben mijn ouders daar begrip voor kunnen opbrengen. Vandaag is het voor mij ook niet makkelijk om hier te staan. Maar ik vond mijn komst naar hier noodzakelijk. Het was voor mij ondenkbaar dat hij er zo vanaf zou komen.

,,Hoed af. U was briljant.''

Advocaat Rivière [de advocaat van Sabine, red.]: ,,U deed huishoudelijk werk voor Dutroux?''

,,(..)Ik weet niet wat er in dat huis gebeurde maar het lag er altijd vol aarde. Wanneer ik in bad ging – met hem – zag het water helemaal zwart.''

,,U mocht soms ook naar tv-programma's kijken.''

,,Als ik mijnheer zijn pleziertjes had gegund, mocht ik als beloning televisie kijken. (..) Hij vermeed angstvallig het journaal. Ik zou maar eens te weten moeten komen dat ik gezocht werd. Een paar keer moest ik met hem meekijken naar pornofilms op Canal Plus. `Kijk dan!', zei hij. Ik wilde die dingen niet zien.''

Voorzitter Goux aan Sabine: ,,Wil u zelf een vraag stellen?''

[Kuch. Bevende stem.] ,,Slechts één vraag aan Marc Dutroux. Ook al kan ik me zijn antwoord al inbeelden. ,,Waarom heb je me niet van kant gemaakt? Je zei toch altijd dat ik een rotkarakter had.

Marc Dutroux: [met trage, lijzige stem] ,,Daar is nooit sprake van geweest. Ik geef toe dat ik haar misbruikt heb. Maar haar liquideren is nooit in me opgekomen. Dat hebben ze haar nadien aangepraat.''

,,[Bitter] Dat antwoord is niet erg overtuigend. Maar wat kon ik anders verwachten van iemand als u. Dan is het maar zo.''

[Michelle Martin, de ex-vrouw van Dutroux vraagt het woord. Ze kijkt naar Sabine.] ,,Ik zou u vergiffenis willen vragen.''

,,Vergiffenis? U wist heel goed wat er met me gebeurde, u was degene die wist waar ik was. Het doet me hartzeer deze smeekbede om vergiffenis te moeten horen van een vrouw, een moeder met kinderen! Ik aanvaard uw excuses niet!''

© De Standaard