Kamerleden zien kansen in Cultuurnota

De leden van de Tweede Kamer prijzen in een eerste reactie het werk van de Raad voor Cultuur, verantwoordelijk voor de Cultuurnota 2005-2008.

,,Het is een goede analyse van de stand van zaken van de culturele sector in Nederland'', aldus CDA-woordvoerster Nicolien van Vroonhoven. De nota geeft een aanzet tot meer algemene regels in de kunstensector. Ook ziet zij de mogelijkheid particulieren en bedrijven intensiever bij de kunstinstellingen te betrekken.

Het CDA maakt als voorbehoud dat de partij de `culturele infrastructuur' wil behouden. Ook D66-woordvoerder Boris Dittrich pleit voor meer spreiding van kunsten in de regio dan de Cultuurnota adviseert. Hij heeft er begrip voor dat de Raad moest werken met een `cumulatie' van bezuinigingen. Bovendien dienen de kunstinstellingen rekening te houden met strengere en daardoor kostbare eisen van arbo-voorschrifte en milieu-wetgeving.

Lucia van Westerlaak, voorzitter van FNV-kunstenbond Kiem (Kunsten Informatie en Media), is minder te spreken over het advies, dat zij `erg gehoorzaam aan het kabinet' vindt, `om niet te zeggen slaafs'. ,,Er is gewoon binnen de budgetten geschoven, maar er zou meer verbeeldingskracht bij de Raad moeten zijn. Ook zou ik willen pleiten voor kleinere gezelschappen en initiatieven, waar vaak de artistieke vernieuwingen plaatsvinden'', aldus de kunstenbond.

Marianne Versteegh van Kunsten92 is somber gestemd over het advies: ,,De Raad heeft zich weinig bekommerd welke problemen er ontstaan wanneer de kortingen daadwerkelijk worden opgelegd. Vooral werkgelegenheid wordt aangetast en het artistieke niveau loopt schade op. Bovendien staan in het advies ongrijpbare formuleringen, waarmee de kunstinstellingen weinig kunnen doen. Van een aantal instanties wordt het niveau geprezen, zonder de garantie van overheidssubsidie. Een visie op wat noodzakelijk is voor een gezond cultureel bestel ontbreekt. Wij zijn een belangenvereniging voor kunstinstellingen met wie wij gaan samenwerken om tot duidelijker standpunten over het artistieke beleid te komen. Het lijkt in deze zware tijden een politieke keuze geen hard standpunt in te nemen. Met de `kaasschaaf-methode' kun je geen nieuwe artistieke ontwikkelingen genereren''.