De reflexen van het doofpotkapitalisme

De manipulatie van reserves bij Shell vertoont treffende overeenkomsten met het Ahold-schandaal. Met één verschil: Shell kiest voor openheid.

Terwijl de Amerikanen na het bankroet van Enron wetgeving met tanden maken om herhaling van leugens en bedrog te voorkomen, ruziën twee bestuurders van Koninklijke/Shell Groep over de manipulatie van de olie- en gasreserves.

Op 2 december 2001 gaat energiehandelaar Enron in Houston bankroet. Het flits-faillissement van een top-10-bedrijf met een beurswaarde van 60 miljard dollar bezorgt financiers en beleggers kolossale stroppen.

Op 9 januari 2002 spreekt J. van der Veer, president-directeur van Koninklijke Olie, in het Evoluon in Eindhoven de verzamelde Nederlandse pensioenfondsen toe over modern ondernemingsbestuur. Hij vertelt hun over het belang van het beheer van risico's, over de ,,spectaculaire ondergang van Enron'' en bezweert de zaal dat Shell blijft ,,investeren in projecten waarvan we zelf de essentie begrijpen''. De grootste aandelenbelegging van de twee grootste Nederlandse pensioenfondsen (ABP en PGGM) is inmiddels Shell.

Op 22 januari 2002 begint het Amerikaanse Congres naar aanleiding van Enron met hoorzittingen en de voorbereiding van nieuwe wetgeving, de Sarbanes-Oxley Act, met zwaardere straffen en meer bevoegdheden voor de beurstoezichthouder, de SEC. Topmanagers zijn gewaarschuwd.

Op 11 februari stuurt W. van de Vijver, de kersverse groepsdirecteur en productiechef van Koninklijke/Shell Groep, een memo aan zijn collega's, met een kopietje voor J. Boynton, de financieel directeur. Hij schrijft dat niet alle bewezen reserves aan de richtlijnen van de SEC voldoen.

Alarmbellen gaan niet rinkelen na lezing van het memo. Wie had een `hier-is-iets-niet-pluis-gevoel'? Voorzitter Ph. Watts vraagt Van de Vijver om een aanvullende presentatie. Die wordt vijfeneenhalve maand later, op 22 juli gehouden. Ruim een maand daarvoor is Enrons accountant, Arthur Andersen, veroordeeld wegens het vernietigen van bewijsmateriaal, in casu Enron-dossiers. De accountantsfirma houdt op te bestaan.

In de nieuwe presentatie van Van de Vijver op 22 juli komt, op verzoek van Watts, de verwijzing naar de inconsistentie met de SEC-richtlijnen niet voor, zo staat in de samenvatting van het rapport over de manipulatie met de reserves, dat Shell gisteren publiceerde.

Op 30 juli tekent president Bush de Sarbanes-Oxleywet. Ook buitenlandse bedrijven met een Amerikaanse beursnotering, zoals Koninklijke/Shell Groep, moeten aan de nieuwe regels voldoen.

In een e-mail aan Watts refereert Van de Vijver aan de nieuwe wet: als ik de informatieplicht letterlijk neem, hebben we echt een probleem. Hij spelt de naam van de nieuwe wet als `Sorbanes' in plaats van `Sarbanes'.

Op 31 maart 2003 ondertekenen Watts en Boynton voor het eerst persoonlijk de in de Sarbanes-Oxleywet verplicht gestelde verklaring dat de financiële cijfers kloppen.

Terwijl Watts en Van de Vijver verder ruziën over de reserves, duiken in Europa en de Verenigde Staten steeds meer schandalen op. Van het Amerikaanse telefoonbedrijf Worldcom, tot het Franse media-conglomeraat Vivendi en het Nederlandse Ahold.

De gelijkenis met de fraude-schandalen is treffend, probeerde gisteren een journalist op de persconferentie waar Shell de samenvatting plus een neerwaartse bijstelling van de winst over 2002 bekendmaakte. ,,De enige gelijkenis is dat het allemaal om grote ondernemingen gaat'', reageerde Lord Oxburgh, de eerste commissaris van de Britse tak, licht gepikeerd. President-directeur Van der Veer:,,Dit is geen groot financieel schandaal.''

In geldtermen is het schandaal hooguit eerste divisiewerk, maar het vertrek van drie groepsdirecteuren spreekt andere taal.

De vergelijking met Ahold levert een scala aan identieke reflexen in het ondernemingsbestuur op. Het bijna vanzelfsprekende vooruitschuiven van de doofpot, de een-tweetjes tussen direct betrokkenen zodat collega's en commissarissen in de mist tasten, de afstandelijkheid van het toezicht van commissarissen, de angst van de accountants dat zij worden meegesleurd in financiële manipulatie, de dreiging van een klokkenluider die de vuile was buiten hangt, de woede-uitbarsting als de commissarissen er achter komen, het onderzoek van externe juristen.

Tussen de overeenkomsten schuilt één cruciaal verschil: Shell publiceert een samenvatting van het rapport, Ahold blijft zwijgen.