Toneel: zestien eruit, dertien erin

Wat de Theatersector betreft houdt de Raad voor Cultuur zich aan het beginsel van de permanente doorstroming, net als vier jaar geleden. De Raad adviseerde vanmorgen aan de staatssecretaris M. van der Laan (Cultuur) om zestien theaterinstellingen uit de Cultuurnota te schrappen en dertien kleine nieuwelingen toe te laten.

De belangrijkste aspirant gesneuvelden zijn toneelgroep Carver, het Theaterfestival en het Internationaal Theaterschool Festival (ITs). Verder wil de Raad af van tien kleine, multiculturele en lokale instellingen die in de vorige nota zijn binnengekomen, als Bartje op Zuid, het Volksbuurtmuseum, het Lokaal voor Spannende Zaken en het Limburgs Straattheaterfestival. Ook jongerengroep ZEP krijgt een negatief advies.

De Raad is zeer positief over de theatersector ,,die grote variatie kent en dynamisch en kwalitatief hoogwaardig presteert.'' Zelfs enkele van de groepen die geen geld meer zouden krijgen, als Carver, worden positief beoordeeld. Maar de sector moet nu eenmaal één miljoen euro bezuinigen, wat de Raad liever in ,,scherpe keuzes'' wilde vertalen dan in algemene aanpassing. Dus hebben zes positief beoordeelden ,,lagere prioriteit'' gekregen en daarom een negatief advies. In totaal had de Raad 43,9 miljoen te verdelen over 86 theaterinstellingen.

Bij de grote toneelgroepen blijft financieel gezien alles bij het oude. Wel was de Raad zeer kritisch over de artistieke kwaliteit van Toneelgroep Amsterdam (,,geen heldere artistieke lijn'') en het Nationale Toneel: ,,Langdurige overheidssubsidie leidt soms tot gemakzucht.''. Beide krijgen een proeftijd van twee jaar en moeten een nieuw beleidsplan inleveren. De Raad vindt dat de Theatercompagnie, die vier jaar geleden uit een fusie ontstond, de grote ambities niet heeft waargemaakt. Daarom wordt de groep van Theu Boermans met 4 ton gekort. De Raad betreurt het snelle einde van ZT Hollandia, dat ook in 2001 uit een fusie ontstond, en ziet geen reden om de hoge subsidie van 3,5 miljoen ook aan diens opvolger Het Zuidelijk Toneel te geven. De nieuwe groep van Matthijs Rümke krijgt daarom 8 ton minder.

De meest opmerkelijke nieuw toegelatene is Toneelgroep De Appel. Deze herintreder werd vorige keer met veel kabaal uit de Cultuurnota gegooid en leefde sindsdien van Haagse gemeentesubsidie. De Raad vindt dat De Appel sterk is teruggekomen: ,,Dat een negatief advies ook louterend kan werken bewijst het nieuwe elan van Toneelgroep De Appel.'' Ook roemt de Raad het publieksbereik van de groep en diens wezenlijke aanvulling op het landelijke aanbod. Verder bestaat de nieuwe doorstroom uit een stoet van dwergen als Els Inc., nieuwe jeugdgroep Kwatta en mimegroepen Bambie en Ozu.

De Raad heeft positief gereageerd op de oproep van de zomerfestivals om meer subsidie te krijgen. De bestaande festivals krijgen meer geld, en het Zeelands Nazomerfestial wordt nieuw toegelaten. Nieuw is de categorie `beeldend locatietheater', waar groepen à la Dogtroep zijn ingedeeld. Nieuw in deze categorie zijn Peergroup en The Lunatics.

De Raad constateert verheugd dat het opleiden van regisseurs voor de grote zaal door de grote gezelschappen een voorzichtig begin begint te nemen. En dat de productiehuizen meer gedifferentieerd en verspreid zijn. Alleen in Den Haag is geen goed productiehuis. De Raad wil hiervoor twee ton reserveren, waar een Haagse groep als Annette Speelt via gemeentegeld van zou kunnen profiteren. Verder ziet de Raad dat de traditionele ensembles steeds meer worden vervangen door vaste pools van freelance acteurs. Volgens de Raad komt dit de wendbaarheid van de groepen ten goede. De Raad voor Cultuur betreurt het verder dat de toneelgezelschappen nog altijd niet hun repertoirekeuze op elkaar afstemmen.