Symfonie Sallinen: oer-Scandinavisch

West-Europa heeft zijn drie grote B's (Bach-Beethoven-Brahms) en zaterdag in het Concertgebouw glorieerde in de laatste van de drie grote S-en Sibelius-Sjostakovitsj-Sallinen. Sibelius en Sjostakovitsj zijn ook de protagonisten de Achtste symfonie, op.81 `Autumnal fragments' van de Finse componist Aulis Sallinen (1935), geschreven in opdracht van en fraai uitgevoerd door het Concertgebouworkest. Deze door en door Scandinavische neoromantische bekentenis-symfonie heeft één deel met drie secties (langzaam-snel-langzaam).

Het thematisch materiaal, aanvankelijk bescheiden, bijna aarzelend gepresenteerd, zwelt in een volgende sectie Sjostakovitsj-achtig aan. De Rus deed al zijn intrede in Sallinens Tweede symfonie, een dialoog tussen orkest en het solo-slagwerk. Ook de Achtste symfonie geeft ruimte aan knekelachtig krokant slagwerk: woodblock en trom.

Sallinen citeert in zijn symfonieën graag uit zijn opera's. In de Achtste domineert het doden-thema uit Kullervo, de derde keer uitlopend in een grote climax. Met deze opera brak hij in 1988 door in de Verenigde Staten. Dat thema is verre van somber, eerder Sibelius-achtig melancholiek en afstandelijk. Die herfstige sfeer is er ook vanwege de tragedie van de 11de september, die de componist overviel midden in de arbeid aan zijn symfonie.

De oer-Scandinavische sfeer boeit, maar als geheel doet het werk toch te verbrokkeld aan, zeker in vergelijking met de gebalde Vijfde symfonie van Carl Nielsen, waarin de spanning uitstekend vastgehouden werd door de onverstoorbaar dirigerende Paavo Järvi. Hier heerst Mahler in marsmuziek en natuurgeluid, nadat Nielsen eerst de invloeden van Mozart en Mendelssohn had moeten overwinnen. Ook pianist Barry Douglas hield overzicht in Bartóks Derde pianoconcert, al had het helderder en meer gebeiteld gekund.

Concert: Koninklijk Concertgebouworkest. Gehoord: 17/4 Concertgebouw Amsterdam.