Marine offert Orions voor fregatten

Het ministerie van Defensie wil tien Orion-vliegtuigen kwijt, maar de Tweede Kamer is nog niet overtuigd. Woensdag is er een hoorzitting.

Laaghangend fruit – zo werden de tien maritieme verkenningsvliegtuigen P3-C Orions op het marinehoofdkwartier in Den Haag de afgelopen jaren genoemd. Als er bij de marine bezuinigd moest worden, verkeerde de Groep Maritieme Patrouillevliegtuigen (Marpat) op vliegkamp Valkenburg bij Leiden steevast in de gevarenzone. Niet onlogisch: in een wereld die om varen draait is de liefde voor het vliegen minder groot. Tot nu toe ontsprongen de Orions de dans, maar dat lijkt nu niet meer te lukken. Minister van Defensie Henk Kamp wil Valkenburg sluiten en de Orions zo snel mogelijk verkopen. Wil Defensie de opgelegde bezuinigingen halen, dan is het afstoten van de Orions een absolute noodzaak, zo betoogt Kamp.

De Tweede Kamer is daarvan nog niet overtuigd. Aanstaande woensdag organiseert de vaste Kamercommissie voor Defensie een hoorzitting over de voorgenomen afstoting van de Orions. Daarbij mogen ook werknemers van Valkenburg tekst en uitleg geven – onder andere over een eigen reddingsplan dat voorziet in commerciële vluchten op het vliegkamp. Of het zal helpen, is de vraag. Want, zo zegt Kamp, het geld moet érgens vandaan komen. Het ministerie van Defensie (jaarlijkse begroting iets meer dan 7 miljard euro) moet tot 2008 ruim drie miljard besparen. En deze keer, zo zeggen insiders op het departement, is het vooral de koninklijke marine die dat geld moet ophoesten.

De marine is er tot nog toe redelijk in geslaagd uit de wind te blijven. Dat was, zo valt op het ministerie te horen, vooral te danken aan bevelhebber der zeestrijdkrachten Cees van Duijvendijk, van 1998 tot 2003 de hoogste man binnen de marine. Van Duijvendijk was een bevelhebber `oude stijl' – een dominante man die vooral opkwam voor de belangen van zijn eigen krijgsmachtdeel. Op 25 april vorig jaar nam hij afscheid. Nog geen twee weken later werd zijn kersverse opvolger, Ruurt Klaver, geconfronteerd met de grootste bezuinigingsronde bij Defensie ooit.

Daarmee, zo zegt men op het departement, lag de rest van het scenario wel vast. In juli 2003 werd in een `interdepartementale beleidsstudie' berekend wat de verschillende `beleidsextensiveringen' de schatkist zouden kunnen opleveren. Afstoten van de onderzeedienst levert 45 miljoen euro per jaar aan besparingen op, zo rekende de studie voor. De Orions zijn bijna twee keer zo duur: 73 miljoen. Bovendien kunnen de P3-C patrouillevliegtuigen, in tegenstelling tot de vier onderzeeboten, gemakkelijk worden verkocht. In 1999 was nog besloten de tien resterende Orions voor 257 miljoen euro ingrijpend te moderniseren. Die modernisering gaat door, zo laat Kamp weten. De kosten voor het Capability Update Programme (CUP) van de Orion zullen worden doorberekend aan een eventuele koper.

Commandeur b.d. Anne van Dijk was als sous-chef operatiën op de marinestaf het afgelopen jaar medeverantwoordelijk voor het opheffen van de eenheid waarvan hij ooit zelf commandant is geweest: de Groep Maritieme Patrouillevliegtuigen. Van Dijk, inmiddels met leeftijdsontslag, moest onderzoeken hoe Valkenburg per 1 januari 2004 gesloten kon worden. Dat kon niet, zei Van Dijk tegen zijn superieuren. ,,Maar ze zeiden: schrijf het plan toch maar. Men wilde zo snel mogelijk de Marpat offeren.''

Vanuit het standpunt van de marineleiding was die houding begrijpelijk. De bezuinigingsplannen die minister Kamp tijdens Prinsjesdag presenteerde voorzagen in het afstoten van vier in plaats van het eerder genoemde aantal van twee fregatten. Als het vliegveld Valkenburg niet zou worden gesloten, zou niet alleen de onderzeedienst moeten worden opgeheven, maar zouden er ook meer fregatten – de `core business' van de marine – sneuvelen. En uiteindelijk, zo zegt Van Dijk, ,,gaat de marine over varen, niet over vliegen.''

Zo ligt de opheffing van Marpat voor degenen die vertrouwd zijn met de logica van het ministerie van Defensie voor de hand. Maar een meerderheid van de Tweede Kamer sputtert nog tegen. Tijdens de behandeling van de Defensiebegroting in september 2003 moest minister Kamp water bij de wijn doen. Valkenburg gaat pas op 1 januari 2005 dicht, zo beloofde hij. In de tussentijd zou worden onderzocht of door internationale samenwerking de Nederlandse Orion-capaciteit gered kan worden.

Mogelijkheden voor samenwerking zijn er. In juni 2003 heeft Nederland een overeenkomst met Noorwegen getekend die voorziet in verdere integratie op het gebied van defensie, waaronder samenwerking van de Nederlandse en Noorse Orions. Noorwegen denkt aan een Europees samenwerkingsverband, waardoor een groot deel van de kosten voor instandhouding van de vliegtuigen kan worden gedeeld. Samenwerking met de Duitsers ligt misschien nog meer voor de hand. De Duitse Bundeswehr zoekt een vervanger voor haar stokoude Breguet Atlantics en is geïnteresseerd in de overname van de Nederlandse toestellen.

Er is echter een groot probleem: de Bundeswehr heeft geen geld. Bij de Duitse marinetop leeft de vrees dat bij nieuwe bezuinigingen de aankoop van de Orions op losse schroeven komt te staan. Vandaar, zegt commandeur Van Dijk, dat zijn militaire collega's in Berlijn bepaald te spreken zijn over het idee om te komen tot een gezamenlijke Nederlands-Duitse Orion-vloot. Een multinationale Orion-vloot is moeilijker weg te bezuinigen, redeneert de Duitse marine.

Het Nederlandse ministerie van -Defensie is echter niet enthousiast. Het onderzoek dat de Haagse Defensiestaf in opdracht van de Tweede Kamer uitvoert is vooral bedoeld als `window dressing', zegt commandeur b.d. Van Dijk. ,,Het was een papieren exercitie. Het ging alleen om de cijfertjes.''

Het Nederlandse ministerie van Defensie wil geld, en snel. Op 31 oktober 2003 ontmoet staatssecretaris van Defensie Cees van der Knaap zijn Duitse collega Eickenboom in Berlijn. Volgens Defensie wordt er wel gesproken over de mogelijkheden tot het `poolen' van de Orions. Maar tegelijkertijd laat Van der Knaap de Duitsers een letter of intent tekenen waarin Duitsland het voornemen uitspreekt om álle Nederlandse toestellen over te nemen.

In de studie, die in februari naar de Tweede Kamer wordt gestuurd, concludeert Defensie dat `poolen' nog steeds te veel geld kost. ,,Dit gaat onherroepelijk ten koste van andere operationele capaciteiten waaraan Defensie meer behoefte heeft'', zo stelt de studie. `Operationele capaciteiten', zoals fregatten.