Exploitatie ten koste van programma's

De komst van grote nieuwe podia en de museale nieuwbouw van de laatste jaren bedreigen het cultuuraanbod. De hogere exploitatielasten gaan ten koste van de programmering.

Dit schrijft de Raad voor Cultuur in het vandaag gepresenteerde Cultuurnota-advies 2005-2008. Samen met de bezuinigingen op de gesubsidieerde banen, de strengere arbo-wetgeving en het schrappen van de fiscale steun voor de film betekenen de hogere exploitatielasten volgens de raad ,,een forse aanslag op de middelen voor cultuur''. Forser dan op het eerste gezicht lijkt omdat de cultuursector ,,relatief gezien'' is ontzien bij de bezuinigingen door het kabinet.

De meest in het oog springende nieuwbouw-projecten zijn het nieuwe Muziekgebouw in Amsterdam en de verbouwing van het Rijksmuseum, ook in Amsterdam. De verbouwing van het Rijksmuseum zal vanaf 2008 leiden tot een lastenstijging met 10 miljoen euro per jaar, dat volgens de raad ,,binnen het cultuurnotabudget niet kan worden opgevangen''. De raad vindt dan ook: ,,Overheden zouden meer rekening moeten houden met de verhoging van de exploitatiekosten bij nieuwbouw.''

In veel steden zijn volgens de raad de laatste jaren ,,prestigieuze podia en museale nieuwbouw verrezen'' met een bijbehorende stijging van de exploitatielasten. ,,Dat er op deze wijze veel minder geld voor programmering overblijft laat zich raden'', schrijft de raad. Daar komt bij dat de instellingen zich meer moeten gaan richten op het vergaren van inkomsten uit commerciële activiteiten. Dat heeft gevolgen voor ,,het culturele klimaat in de steden''.

Culturele instellingen lijden ook onder de verminderde interesse bij bedrijven voor sponsoring door de recesssie. ,,In economisch slechtere tijden moet geconstateerd worden dat selectiever met sponsoring wordt omgegaan. Culturele instellingen verliezen het dan van de sport,'' schrijft de raad.

De raad beveelt dan ook om behalve bedrijven ook burgers aan te spreken. `Nogal wat vermogende particulieren' zijn volgens de raad in beginsel bereid om geld te steken in cultuur. Om deze `particulieren' te stimuleren dat ook te doen moet de overheid denken aan fiscale maatregelen, die een `culture of giving' moeten scheppen.

De raad beveelt ook aan te kijken naar de vorming van `endowments' zoals in de Verenigde Staten, waarbij een instelling geld krijgt uit de opbrengsten van een voor de instelling opgericht fonds: ,,Dit zou de totale hoeveelheid van de beschikbare middelen voor cultuur behoorlijk kunnen vergroten.''