Europa voorzichtig over ommezwaai van Bush

De Europese reactie op de koerswijziging van de regering-Bush in het Midden-Oosten kenmerkt zich voor alles door voorzichtigheid.

Nieuws: de verhouding tussen Europa en de Verenigde Staten is niét verder verslechterd.

Het had het afgelopen weekeinde in het Ierse Tullamore inderdaad heel anders kunnen lopen. De ministers van Buitenlandse Zaken van de Europese Unie, die daar bijeen waren, hadden in ferme bewoordingen de verrassende wijziging in de Amerikaanse Midden-Oostenpolitiek kunnen veroordelen. Maar ze kozen voor de andere, hun wel toevertrouwde, diplomatieke weg. Alle punten van overeenstemming tussen de Verenigde Staten en de Europese Unie ten aanzien van het Midden-Oosten werden benadrukt en de zaken waarover Europa en Amerika van mening verschillen werden vooral niet als zodanig aangeduid, maar ondertussen wel benoemd.

De ministers bespraken de kwestie vóór de liquidatie van Hamasleider Abdel Aziz Rantissi zaterdagavond door Israël. De reacties daarop verschilden hemelsbreed. Waar de Amerikaanse regering zich `bezorgd' toonde, keurde de EU de Israëlische actie in scherpe bewoordingen (`onwettig', `onverantwoordelijk') af.

Maar ook voor de moord op Rantissi was er in de EU genoeg reden voor onmin over de Amerikaanse politiek in het Midden-Oosten. Zonder enig vooroverleg hoorden de Europeanen de Amerikaanse president Bush vorige week woensdag na zijn ontmoeting met de Israëlische premier Sharon verklaren dat Israël bij een vredesakkoord níet alle joodse nederzettingen hoefde op te geven. Ook hoorden ze hem zeggen dat Palestijnse vluchtelingen uit Israël hun toekomst moesten zoeken in een Palestijnse staat en niet het recht op terugkeer naar Israël kunnen opeisen. Twee belangrijke breuken met de Midden-Oostenpolitiek die de VS en de EU tot dan toe eensgezind hadden uitgedragen.

De irritatie over deze koerswending bleef dit weekeinde voorbehouden aan individuele deelnemers aan het overleg in Tullamore, zoals de Belgische minister Michel die meende dat Bush met zijn houding de partners in Europa had vernederd. Maar de EU als geheel wilde in Ierland conform de `het-glas-is-half-vol-of-half-leeg-

benadering' vooral de zonzijde zien van de ontmoeting tussen Bush en Sharon. De Britse premier Tony Blair was hen daarin al voorgegaan. Dit was geen afscheid van de routekaart voor vrede, dit was de weg terug naar de zogenoemde routekaart voor vrede, aldus Blair.

In de schriftelijke verklaring die de ministers van Buitenlandse Zaken zaterdag na afloop van hun overleg uitgaven werden eveneens de positieve elementen uit het gesprek tussen Bush en Sharon breed uitgemeten. De EU verwelkomt de bevestiging van de Amerikaanse steun aan de routekaart voor vrede, de EU verwelkomt het voornemen van Israël zich uit de Gazastrook terug te trekken, en de EU kijkt vol verwachting uit naar nieuw overleg van de vier architecten van de routekaart.

Maar en passant liet de EU in dezelfde verklaring weten te blijven vasthouden aan het standpunt dat er in het Midden-Oosten niet getornd kan worden aan de grenzen zoals die voor de zesdaagse oorlog in 1967 bestonden en dat de oplossing van het Palestijnse vluchtelingenvraagstuk onderdeel moet uitmaken van een allesomvattende overeenkomst en niet belast kan worden met voorwaarden vooraf. En die lijn heeft Bush vorige week nu juist verlaten.

De Europese ministers hadden dit weekeinde duidelijk geen behoefte aan het verder verstoren van de toch al broze relatie met de Amerikanen. Juist nu president Bush ten aanzien van Irak bereid is de Verenigde Naties een grote rol te geven – en hij daarmee opschuift in de richting van de Europeanen die dit steeds hebben bepleit – moet niet ten aanzien van Israël en de Palestijnen weer een nieuw conflictpunt ontstaan, was het overheersende gevoelen.

Op 4 mei komen de peetvaders van de routekaart – VN, VS, Rusland en EU – weer bijeen om te praten over het vastgelopen vredesproces. Zeker voor ministers van Buitenlandse Zaken geldt: zolang er nog gesproken wordt, moet ruzie achterwege blijven.