Terreur kostte 7085 levens

Sinds 11 september 2001 zijn wereldwijd tenminste 7.085 mensen gedood en 10.132 gewond geraakt bij aanslagen van moslimextremisten. Dat blijkt uit een inventarisatie van deze krant op basis van informatie van de persbureaus AP, AFP en Reuters, van het Amerikaanse terrorisme-onderzoekcentrum TRC (www.terrorism.com), van de website Iraq Coalition Casualty Count (www.lunaville.org) en van het South Asia Terrorism Portal (www.satp.org).

Opgenomen zijn aanslagen met ten minste één dode die door moslimextremisten zijn gepleegd of aan hen zijn toegeschreven. De aanvallen op Amerikaanse militairen in Irak zijn niet opgenomen omdat die niet zozeer als terreur maar als guerrilla-acties gelden.

De afgelopen tweeënhalf jaar werden tenminste 393 aanslagen gepleegd die zijn opgeëist door moslimterroristen of aan hen kunnen worden toegeschreven. De meeste daarvan hadden plaats in Algerije, Israël, Irak, Afghanistan en Kashmir, op de grens van India en Pakistan. Niet alleen de daders, maar ook de slachtoffers waren vaak moslims.

De populairste terreurmethoden zijn de zelfmoordaanslag (120 keer), de gewapende aanval (101) en de bomaanslag (58). Maar ook ontvoeringen, raketaanvallen en moordaanslagen worden gebruikt. De meeste aanslagen zijn opgeëist door de Palestijnse organisatie Hamas (22), de Algerijnse GIA (14) en door Lashkar e Tayyiba (13), een beweging in Kashmir.

Sinds januari van dit jaar is het aantal aanslagen per maand explosief gestegen. Dat is vooral te wijten aan de toegenomen onrust in Irak.

Deze week maakte de Jordaanse koning Abdallah II bekend dat in zijn land een terreurdaad was verijdeld die duizenden mensen het leven had kunnen kosten. In de Saoedische hoofdstad Riad werden dinsdag verschillende autobommen ontmanteld voor ontploffing. In Boedapest werd woensdag een complot verijdeld om het Holocaust Museum op te blazen.

Kaart en volledige lijst aanslagen: pagina 37 en 38