Ontbreken van brieven betekent verlies van cultuur

In haar alleraardigste column over Europa (NRC Handelsblad, 5 april) roert Marjoleine de Vos iets aan in de passage waarin ze aangeeft graag te willen weten wat een dertiende-eeuwse pastoor over zijn leven en omgeving gedacht zou hebben. Evenzeer als toen zal het ontbreken daarvan ook nu weer tot de grote verlorenheden van cultuuroverdracht voor de toekomstige generaties gaan horen: en wel het verdwijnen van het gemakkelijk leesbare geschreven woord, kortom het ontbreken van brieven.

Geen uitgebreide reisbeschrijvingen tussen vrienden, geen brieven van ouders aan hun kinderen, geen condensatie van gedachten toegezonden aan vertrouwelingen, geen liefdesbrieven, kortom niets meer van het destillaat van de geest zoals dat na de alfabetisering van Europa gedurende honderden jaren door tallozen aan het papier werd toevertrouwd.

Hierdoor zal men niet meer kunnen lezen hoe door de vorige generaties over de tijd waarin zij leefden en hun omgeving gedacht werd en door het ontbreken van het anders dan door eventueel professionele auteurs geschrevene, zal men niet meer over een breed scala van impressies over een bepaalde plaats, periode of situatie kunnen putten.

Hoe nuttig de snelle communicatie per e-mail of sms ook is, ik ga ervan uit dat slechts weinigen de meestal in haast getypte, vaak taalkundig rammelende en qua inhoud vlak geschreven e-mails op cd of dvd zullen bewaren, waarbij het nog maar de vraag is tot wanneer deze opslagmedia nog op simpele wijze voor de publicist in spe leesbaar zullen zijn. Verder betwijfel ik of het vinden van een oud cd'tje dezelfde prikkel zal genereren tot het bekijken van de inhoud ervan als het vinden van een bundeltje brieven.