President van wankele VS

Arme Thomas Jefferson. De auteur van de Amerikaanse Onafhankelijkheidsverklaring (1776) en de derde president van de Verenigde Staten (1801-1809) is in onze tijd vogelvrij verklaard. Naarmate meer bekend wordt over de rol van slavernij in de vroeg-Amerikaanse samenleving, daalt de reputatie van slavenhoudende founding fathers, onder wie, prominent, Jefferson. De iconoclastische historicus Garry Wills spant in `Negro President' daarbij de kroon.

Hij gaat daarbij geraffineerd te werk: hij begint opbouwend. In de openingszin schrijft hij Jefferson altijd bewonderd te hebben, en dat nog steeds te doen. Vervolgens kondigt hij aan positieve kritiek te bewaren voor een binnenkort te verschijnen tweede deel over het leven van Jefferson. Waarna hij aan het eigenlijke karwei kan beginnen: 230 bladzijden afbreken.

Hij laat een van Jeffersons vele vijanden het vuile werk opknappen. Timothy Pickering, een politicus uit Massachusetts en een fel tegenstander van de slavernij, wordt door Wills aan de vergetelheid ontrukt. Hij was een puritein die zijn boerderij draaiende hield door zelf de handen uit de mouwen te steken en landarbeiders in te huren, in plaats van als opzichter en plantagehouder Afrikaans-Amerikanen uit te buiten. Het beste wat Wills over Jefferson kwijt wil is dat hij, als zo veel grootgrondbezitters uit het zuiden van Amerika, de gevangene was van het systeem. Zodra hij zijn slaven de vrijheid zou schenken, zou hij als ridder te voet door het leven gaan. Maar daar laat Wills het niet bij. Hij maakt duidelijk waar zijn sympathieën liggen door Jeffersons mening af te zetten tegen die van Pickering in brandende kwesties zoals de opstand van zwarten in Haïti en het rampzalige handelsembargo tegen Groot-Brittannië. De revolutie in Haïti werd door Jefferson verworpen – hij vreesde een opstand van zijn eigen slaven – en door Pickering toegejuicht. Het embargo werd door Jefferson als president geïnitieerd, en door Pickering in woord en geschrift bestreden. Sterker: Pickering had sympathie voor handelaren die het embargo ontdoken, terwijl Jefferson ze terechtgesteld wilde zien.

`Negro President' ontleent zijn titel aan Jeffersons verkiezing in 1800 tot president dank zij de `steun' van de Afrikaans-Amerikanen in de zuidelijke staten. In de grondwetgevende vergadering (Philadelphia, 1787) hadden afgevaardigden van deze staten laten opnemen dat bij verkiezingen vijf slaven zouden meetellen als drie blanken: hoe meer slaven, des te meer afgevaardigden het Zuiden aan het Congres zou leveren. (De blanke slaafeigenaren bepaalden uiteraard op wie `hun bezit' zou stemmen.) Dankzij deze bepaling, beweert Wills, hield het Zuiden tot de Burgeroorlog van 1861 de politiek in de houdgreep. Afgevaardigden uit noordelijke staten, als Pickering, konden daartegen niet veel meer uitrichten dan periodiek met afscheiding dreigen. Dat is het werkelijke thema van dit wilde boek: de wankele basis van de Unie tot de Burgeroorlog.

Garry Wills: `Negro President'. Jefferson and the Slave Power. Houghton Mifflin, 274 blz. €25,35