Lafaards

In de geschiedenis van mooie one-liners heeft de voormalige KNVB-voorzitter Karel Lotsy zijn plek veroverd. ,,Lafaards!'', riep hij op 4 juli 1954 in Bern, waar de WK-finale tussen West-Duitsland en Hongarije werd gespeeld. Hij had zojuist gehoord dat de KNVB had ingestemd met betaald voetbal, waarmee de bond zijn verzet van enkele decennia opgaf. Door dat ene woord werd Lotsy gedwongen een correspondentie op te zetten met de voetbalbond, die woedend was op zijn oude leider.

Zijn opmerking was frontaal op de voorpagina geplaatst van het tijdschrift Sport en Sportwereld van Kick Geudeker. De KNVB schreef daarop op 10 juli een brief aan Lotsy: `Beste Karel. Tal van vooraanstaande mensen, alsmede vele 1ste klassers, zijn vreselijk boos op je, omdat je het Bondsbestuur als lafaards zou hebben aangemerkt.' Er moest iets worden goedgemaakt, want `dan komt er weer rust'. Lotsy zette uitvoerig uiteen wat er was gebeurd in Bern.

Op 12 juli 1954 kregen de `H.H. Bestuurderen van de K.N.V.B.' vanuit Dordrecht die uitleg. `In de grote drukte tijdens de wedstrijd Hongarije-Duitsland mij tussen het publiek een weg banend, komt een groepje Nederlanders, waaronder Van Emmenes (beslist niet Geudeker) naar mij toe met de woorden: ,,Hebt u het laatste nieuws uit Nederland al gehoord?'' Ik antwoordde daarop: ,,Neen'', aangezien ik vanaf 11 juni geen enkele Nederlandse krant gelezen had.' Waarop de uitleg volgde dat het bondsbestuur onderhandelingen voerde met de clubs om voetballers te betalen.

Lotsy erkende dat hij toen het beruchte begrip had gebezigd, `want ik had dat moment veel aan mijn kop, geïrriteerd bovendien'. Maar, voegde hij eraan toe: `Het is beslist niet waar, dat men mij om een mening gevraagd heeft. Evenmin heb ik er op dat moment – nu heb ik er genoeg de pest aan – aan gedacht, dat deze uitlating naar Nederland doorgetelefoneerd zou worden. U zult het met mij eens zijn, dat dit hoogstonfatsoenlijk is.'

Welkom in de wereld van de journalistiek, zouden we nu zeggen, maar Lotsy zat er wel mee in zijn maag. `Ik kan u alleen op mijn woord van eer zeggen, dat ik bij die uitlating eigenlijk niemand op het oog had, maar zeker niet het Bondsbestuur. Het was misschien een te spontante reactie. Het spijt mij buitengewoon, dat een en ander zo gelopen is en ik bied U gaarne hiervoor mijn excuses aan.'

Maar toch, maar toch. Al op 9 juli had Lotsy nog een brief geschreven aan twee KNVB-bestuuders, waarin hij zich zorgen maakte over de invoering van het betaalde voetbal en de samenwerking met de NBVB, de beroepsvoetbalbond. Want die lui waren niet fris: `In 's-hemelsnaam, onderhandelt niet met die beroepsvoetbalbond! Zij zijn geen partner voor ons.' Helaas voor Lotsy gebeurde het toch en zo raakte hij in één week veel vrienden kwijt – en de unieke status van het amateurvoetbal.

jurryt@xs4all.nl