Gemeenten tobben met bezuiniging op bijstand

Gemeenten zijn sinds 1 januari volledig financieel verantwoordelijk voor de bijstandwet. Gemeenten komen nu al geld tekort.

De begroting van Veenendaal vertoont een gapend gat. De gemeente moest van het rijk al 800.000 euro (7 procent) bezuinigen op het budget voor de bijstandsuitkeringen. Vorige week werd bekend dat op het overgebleven bedrag van 11 miljoen euro nog eens 880.000 euro (8 procent) moet worden bezuinigd. ,,Een gemeente als Hoorn houdt geld over en gaat daar leuke dingen van doen'', verzucht de Veenendaalse wethouder sociale zaken Dick Roodbeen. ,,Wij moeten geld bijpassen uit eigen zak om alle uitkeringen te kunnen betalen.''

Het Centraal Planbureau (CPB) heeft becijferd dat het aantal bijstandsgerechtigden in Nederland minder snel oploopt dan verwacht en dat het over de gemeenten te verdelen budget van 5 miljard euro voor de bijstand daarom met 400 miljoen euro omlaag kan. Voor sommige gemeenten komt die klap hard aan. Sinds de invoering van de Wet werk en bijstand (WWB), per 1 januari, zijn de gemeenten volledig financieel verantwoordelijk voor de uitvoering van de bijstand. Geld dat ze besparen door werklozen aan het werk te helpen, mogen ze houden. Een toename van het aantal bijstandsuitkeringen komt voor eigen rekening van de gemeenten.

In het 62.000 inwoners tellende Veenendaal wonen naar schatting 1.200 bijstandsgerechtigden. Als de economie aantrekt, kan het aantal uitkeringen dalen. Maar het kan ook stijgen, bijvoorbeeld als na 1 juli door de strengere WAO-keuringen meer mensen in de bijstand terechtkomen. Veenendaal heeft dit jaar 250.000 euro opzij gelegd voor tegenvallers in de bijstand. Dat is te weinig, blijkt nu.

Gemeenten die meer dan 10 procent op hun budget tekortkomen, kunnen een beroep doen op een reservepotje van het rijk. Wethouder Roodbeen verwacht daar weinig van. ,,We weten pas na afloop van dit jaar hoeveel we tekortkomen'', zegt hij, ,,en dan moet je eerst nog voor een commissie je zaak bepleiten. Het is dus niet zeker of we het geld terugkrijgen, en in de tussentijd zitten we met een gat.''

Veenendaal is niet de enige gemeente die met financiële problemen kampt bij het uitvoeren van de bijstand. Uit een deze week gepubliceerde enquête van Divosa, de organisatie voor directeuren van sociale diensten, blijkt dat tweederde van de gemeenten geld tekort komt om de uitkeringen te kunnen betalen. Een evengroot deel verwacht bovendien niet dat het aantal bijstandsgerechtigden binnen afzienbare tijd zal dalen. ,,De gemeenten zijn in principe heel enthousiast over de nieuwe wet'', zegt Tof Thissen, voorzitter van Divosa. ,,Ze vinden het positief dat ze meer beleidsvrijheid hebben gekregen. Maar nu achteraf het budget wordt bijgesteld, komen veel gemeenten in de problemen. Vaak hebben ze geld dat ze dachten over te houden al uitgegeven.''

De Tweede Kamer voerde gisteren overleg met staatssecretaris Rutte (Sociale Zaken, VVD) over de voortgang van de WWB. De aanwezige fracties van CDA, VVD, PvdA en GroenLinks wilden van de bewindsman weten hoe het mogelijk is dat het budget voor de bijstand uitgerekend in het invoeringsjaar van de nieuwe wet wordt bijgesteld. Kamerlid Noorman-Den Uyl (PvdA) wees een beschuldigende vinger naar het CPB, dat tussentijds een andere ramingssystematiek heeft ingevoerd. Ze eiste een contraexpertise. ,,Je kunt het niet maken om de spelregels achteraf te wijzigen'', zei zij. ,,Bovendien wantrouw ik de cijfers van het CPB. Het verschil met de vorige ramingen is te groot.''

Volgens staatssecretaris Rutte berust de commotie over de verlaging van het budget op een misverstand. ,,Mijn reactie op de CPB-ramingen was in eerste instantie dezelfde als die van u'', zei hij tegen de Kamer. ,,Maar bij nadere beschouwing kwam ik erachter dat het CPB niets heeft gedaan dat tegen de nieuwe wet indruist.'' Hij legde uit dat het Planbureau de ramingen in voorgaande jaren altijd handmatig bijstelde, als bleek dat het gehanteerde ramingsmodel tekortschoot. Nu is het ramingsmodel zelf aangepast. De staatssecretaris hoopt dat daarmee de komende jaren minder bijstellingen nodig zullen zijn.

Rutte benadrukte dat het landelijke budget voor de bijstand ook na de bezuiniging van 400 miljoen euro het aantal uitkeringen nog ruim voldoende dekt. Dat kan wel waar zijn, zei Kamerlid Bruls (CDA), maar dan schort er toch iets aan de verdeelsleutels die worden gehanteerd. Kleinere gemeenten krijgen geld op basis van hun aantal bijstandsgerechtigden in het verleden. ,,Als een kleine gemeente zoals Albrandswaard op een Vinex-locatie sociale woningbouw neerzet, komen er meer bijstandsgerechtigden wonen'', zei Bruls. ,,Met dit soort actuele ontwikkelingen wordt in het historische verdeelmodel geen rekening gehouden.''

KMPG Bureau voor Economische Argumentatie, dat gemeenten adviseert bij de besteding van hun budgetten, concludeert dat `goed beleid' nu niet lonend is voor gemeenten. ,,Het omgekeerde is zelfs het geval'', zegt onderzoeker Harko van den Hende. ,,In bijvoorbeeld Amersfoort, Sittard, Geleen en Breda is de groei van het aantal bijstandsgerechtigden relatief laag. Toch komen die gemeenten dik in de rode cijfers terecht. Terwijl Almere en Capelle aan den IJssel, waar de groei van het aantal uitkeringsontvangers bovengemiddeld is, geld overhouden.''

Rutte zei gisteren tegen de Kamer dat hij nog voor de zomer een besluit wil nemen over een betere verdeelsleutel voor het budget. Dat nieuwe model zal echter niet meer op het lopende begrotingsjaar worden toegepast.